In zijn boek ‘Onder de wonderboom’ verkent theoloog Eugene Peterson
de kloof die er vaak is tussen onze fraaie idealen en de weerbarstige realiteit.
Het boek gaat over Jona die we aantreffen tussen Tarsis en Nineve.
Tarsis is waar hij zelf in wil wegvluchten, een soort droombeeld,
een door hem zelf gecreëerde ideale situatie.
Nineve staat voor de weerbarstige werkelijkheid van zijn feitelijke werkplek.
Volgens Peterson bevindt ieder mens zich in deze spanning
tussen Tarsis en Nineve, tussen droom en realiteit.
En het evangelie speelt zich niet af op de laag van ideeën en idealen.
Het is nadrukkelijk geografisch.
Het gebeurt op specifieke, concrete plaatsen:
Hebron, Machpela, Sinaï, Nazareth, Samaria, Galilea.
En altijd weer is er in verschillende gedaanten de verleiding
van wat we ook wel gnostiek noemen.
Een manier van denken die zich afkeert van de beperkingen van plaats en tijd
en weinig op heeft met de rotzooi en wanorde van het dagelijks leven.
Het richt zich op verheven ideeën, op hoger en dieper.
Op het bijzondere in plaats van het alledaagse, op ingewijden en geestelijke virtuozen
in plaats van op dwarse, eigenwijze en ploeterende medemensen.

Ik las laatst in de biografie ‘a burning in my bones’
hoe Eugene Peterson zelf zich een leven lang heeft verzet
tegen dit wegvluchten uit de weerbarstige realiteit
naar ‘meer uitdaging’ of ‘grotere mogelijkheden’.
Hij diende als pastor maar liefst 29 jaar
Christ Our King Presbyterian Church in Bel Air, Maryland,
een dorpje met niet meer dan 10.000 inwoners,
hoewel hij van tijd tot tijd in de verleiding kwam
om er weg te trekken en ook wel solliciteerde naar een functie elders.
Peterson is in zijn biografie pijnlijk eerlijk
over wat het van hem heeft gevraagd om te blijven.
Over hoezeer hij daar soms tijdenlang in tekort schoot.
Maar ook hoe hij juist zo leerde wat Jezus volgen betekent.

‘Life is What Happens To You While You’re Busy Making Other Plans.’
Een uitspraak die ook van toepassing is op Paulus in Handelingen 27 en 28.
Hij is bezig met zijn reis naar Rome
en wordt onderweg keer op keer bevestigd in deze bestemming
en het hogere doel daarvan.
Maar dan is daar een heftige storm en een schipbreuk
en spoelt hij letterlijk aan op het eiland Malta.
Malta was op geen enkele manier deel van zijn reisplan.
Je zou kunnen zeggen: een rare, onbedoelde afslag.
Malta was zeg maar plan B, een zijspoor.

Ik denk dat heel wat mensen dat gevoel hebben bij hun leven.
Je stapte samen in het huwelijksbootje en vormde een gezin
maar ergens onderweg strandde dat bootje en brak het in stukken.
En sindsdien leef je verder op een ander spoor, plan B zeg maar.
Je verloor onderweg een dierbare aan de dood of aan het leven
en sindsdien voel je je geamputeerd
en je leeft wel verder maar met een gat in je hart.
Verlies van je gezondheid, je bedrijf, je goede naam,
het kan je het gevoel geven dat je op een zijspoor bent beland.
En wat kun je nog verwachten van een leven op plan B?
Ging met alles wat je bent kwijtgeraakt, niet ook je levensbestemming overboord?
En is er op dit zijspoor ook iets te vinden van God?
Beweegt Hij mee van plan A naar plan B?