We leven allemaal van genade.
Als we elkaar niet zouden vergeven, zou geen van ons kunnen bestaan.
Hoe meer je met mensen samenleeft, hoe meer je vergeving nodig hebt.
Voor alle stommiteiten die je begaat, voor elk onnadenkend kwetsend woord, voor elke nalatigheid.

Genade hebben we nodig van anderen.
Genade heb je ook nodig van jezelf.
Kijk hoe belangrijk de nederigheid en zachtmoedigheid van Jezus zijn. Hoe het je leven verlicht.
Dit heeft ook met genade te maken. Door nederigheid besef je dat je genade nodig hebt.
Door zachtmoedigheid geef je genade geven aan jezelf en anderen.
Het woord ‘vinden’, in het Grieks ‘heuriskō’, is een favoriet woord van de evangelist Lucas.
Maria hoefde niets te presteren om genade bij God te vinden.
Ze hoefde het alleen aan te nemen en ermee in te stemmen.
Lucas herhaalt dit woord zoveel keer dat het wel een belangrijk woord moét zijn.
Ook jij kunt genade bij God vinden. Niet maken, niet verdienen, maar vinden.
Durf jij nederig genoeg te zijn om die genade te accepteren?
Ben jij zachtmoedig genoeg om die genade bij jezelf toe te laten?
Dan kan er, naar het voorbeeld van Maria, ook in jou nieuw leven ontstaan.
In de woorden van de engel: ‘Wees niet bang, je hebt genade gevonden bij God.’