‘Most of the men don’t believe the same way you do, but they believe so much in how you believe’

In deze week waarin 4 en 5 mei vallen
– respectievelijk Dodenherdenking en Bevrijdingsdag –
wil ik het thema geweldloosheid verder uitdiepen.
Afgelopen week was de film Hacksaw Ridge op de tv.
Hacksaw Ridge is het adembenemende,
maar snoeiharde en waargebeurde verhaal van Desmond Doss.
Het is zijn stellige overtuiging dat de oorlog rechtvaardig is
en het zijn plicht is om te helpen.
Tegelijkertijd is hij overtuigd christen en gelooft hij dat doden verkeerd is.                                                                      Hij weigert daarom consequent om wapens te gebruiken,
of ze zelfs maar aan te raken.
Gewapend met alleen een verbandkist en een Bijbel,
weet hij onder extreme omstandigheden vijfenzeventig mensen te redden. Zonder ook maar een schot te lossen.
Voor mij een voorbeeld van geweldloos handelen.

Want ik word elke keer weer diep geraakt worden
bij het zien van zoveel geweld.
Maar ik moet me toch ook meteen afvragen:
heeft er zich ergens in mijn hoofd en hart ook al boosheid,
wrok, gewelddadigheid of wraakzucht genesteld
die er zomaar uit kan komen in agressieve woorden en daden?
Zou ik zo’n Desmond Doss kunnen zijn?

Nee, ik kan niets veranderen aan de grote wereld vol van geweld.
Wel kan ik iets veranderen in mijzelf en in mijn directe omgeving.
Ik kan gaan oefenen in een praktijk van geweldloosheid.
Ik kan leren om onderdrukkende vormen van communicatie te herkennen en te kiezen voor geweldloze communicatie.

Volgens mij zit dat heel dichtbij het hart van discipelschap: geweldloosheid, geweldloze communicatie, vrede stichten.
Naast mijn en onze ontzetting over terreur en geweld in deze wereld
moet er ook en vooral ruimte zijn voor een concrete praktijk
van geweldloosheid in mijn en onze levens.

Geweldloos communiceren is gaan in het spoor van Jezus die zegt:

Gelukkig de zachtmoedigen,
want zij zullen het land bezitten.

Gelukkig de vredestichters,
want zij zullen kinderen van God genoemd worden.

Ik zeg jullie je niet te verzetten tegen wie kwaad doet,
maar wie je op de rechterwang slaat, ook de linkerwang toe te keren.

Ik zeg jullie: heb je vijanden lief en bid voor wie jullie vervolgen,
alleen dan zijn jullie werkelijk kinderen van je Vader in de hemel.
Hij laat zijn zon immers opgaan over goede en slechte mensen
en laat het regenen over rechtvaardigen en onrechtvaardigen.

Wat is geweldloze communicatie? Als ik er informatie over op zoek kom ik bijvoorbeeld hier uit:

Geweldloze communicatie richt zich op:

Waarneming: wat we zuiver waarnemen (niet hoe we daarover oordelen)
Gevoel: hoe we ons voelen bij die waarneming
(niet hoe we erover denken)
Behoefte: als basis van wat we voelen (verantwoordelijkheid nemen)
Verzoek: concrete actie voorstellen om het leven te verrijken (geen eis)
Alles wat we doen of niet doen, zeggen of niet (durven) zeggen,
doen we om een behoefte te vervullen.
De intentie van geweldloze communicatie is om,
doordrongen van dit besef, steeds meer te luisteren,
spreken en leven vanuit verbondenheid met
en respect voor eigen en andermans behoeften.

En vanuit de navolging van Jezus zou ik daar aan willen toevoegen dat niet kan zonder het ervaren van deze realiteit:

Wees over niets bezorgd, maar vraag God wat u nodig hebt
en dank hem in al uw gebeden.
Dan zal de vrede van God, die alle verstand te boven gaat,
uw hart en gedachten in Christus Jezus bewaren.

‘Jullie zijn het zout van de aarde. Maar als het zout zijn smaak verliest, hoe kan het dan weer zout gemaakt worden?                                                                                                                   Het dient nergens meer voor, het wordt weggegooid en vertrapt.’                                                                                                                                                                                                               Matteüs 5: 13

Een aantal jaren geleden ben ik deze weblog begonnen en heb er de naam ‘Brandend zand’ voor gekozen. Brandend zand omdat heet zand kan branden onder je blote voeten. Zand kan schuren, polijsten, kan iets moois van iets maken. Ook zout kan een zelfde soort eigenschap hebben. Het kan iets reinigen, het kan branden, zelfs pijn doen. Zout kan een smaakmaker zijn voor eten. Jezus heeft het over het zout der aarde. Hij spreekt deze woorden uit als slotstuk van de zogenaamde Bergrede. Die rede is een verzameling praktische leefregels voor mensen om zo Jezus te volgen. Regels over barmhartigheid, het doen van goede werken, ruzies en meningsverschillen bij te leggen enzovoorts worden zo door Jezus als leefregels aanbevolen voor zijn volgelingen. Later zou Hij deze regels in feite inpassen in Zijn ‘grote gebod:  ‘Heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand. Dat is het grootste en eerste gebod. Het tweede is daaraan gelijk: heb uw naaste lief als uzelf.’ (Matteüs 22: 37-39) In het evangelie naar Marcus staat daar nog een vers voor: ‘Luister, Israël! De Heer, onze God, is de enige Heer’ (Marcus 12: 29). Deze toevoeging staat er niet zomaar. Deze woorden heten ook wel het Sjema Israel: Het Sjema geeft uitdrukking aan het absolute geloof in God en komt uit het Oude Testament (Deuteronomium). In de Joodse godsdienst is dit heen vast onderdeel van onder andere het dagelijks ochtendgebed. Je zou dus kunnen zeggen dat door het grote gebod vooraf te laten gaan door dit Sjema Israel ermee bedoeld wordt dat deze leefregels onze dagelijkse praktijk moeten zijn. Maar willen we dat nog wel zijn: zoutend zout, anders dan de anderen, smaakmaker zijn?  Maar zijn we dat wel? Of zijn we een flauw hapje zonder smaak? Delen we de zouteloze praatjes die geen pijn doen? Waardoor we niet uit de toon vallen, niet af wijken, niet opvallen?

Kortom: zijn we liever zoethoudertje dan smaakmaker?