Nee, ik ga geen kritiek geven (in opbouwende zin of welke zin dan ook) op het handelen van onze nieuwe koning, die gister voor de eerste keer de Troonrede mocht uitspreken op Prinsjesdag 2013. Nee, er is iets anders wat me er toe bracht deze tekst uit 1 Samuel 8,5b aan te halen. Laatste vernam ik dat een groot aantal Nederlanders een sterke leider verlangt die zonder al te veel ‘democratisch geneuzel’ (een citaat, niet mijn woorden) besluiten neemt. Na en lange periode van kabinetten die allen de eindstreep niet haalden, voorgenomen besluiten die de Tweede of de Eerste Kamer niet doorkwamen lijkt een aantal mensen helemaal moe van het zwalkende beleid van onze bestuurders. En tot overmaat van ramp moeten we nu ook nog eens afscheid nemen van onze verzorgingsstaat en ons instellen op de ‘participatiesamenleving’. De participatiesamenleving of zoals sommigen liever zeggen ‘een samenleving waarin ieder zijn eigen broek moet ophouden en die van een ander; waar de overheid zich zoveel mogelijk uit terugtrekt’. In wezen dus een samenleving die heel veel mensen juist ooit hebben gewenst: een kleinere overheid a la het Amerikaanse concept. Maar dat is uiteindelijk niet wat de Nederlandse burger nu wil. Die wil een overheid als een moderne Sinterklaas: de overheid zorgt voor de moeilijke zaken die wij als burger liever niet op ons bordje hebben liggen en de overheid zorgt ervoor dat wij geen last hebben van welke crisis dan ook. En uiteindelijk moet de overheid dat geheel gratis bewerkstelligen. Een soort groot Nederland Disneywereld. Een sprookjespark.

‘Stel daarom een koning over ons aan om leiding te geven’ vroegen de Israëlieten aan Samuel. En God liet via Samuel aan de Israëlieten weten dat er ook nadelige kanten aan koningen zaten, maar de Israëlieten kozen toch voor een koning. En dat hebben ze geweten: eerst kregen ze Saul die na een tijdje volledig ontspoorde. Toen kwam David die op een gegeven moment een rivaal in de liefde in de frontlinie zette om zo zijn vrouw in te kunnen pikken. Daarna trad Salomo aan als koning, van wie werd gezegd dat ‘hij veel paarden had’ wat wil zeggen dat hij zaken had die hij niet op een goede manier had verkregen. ‘Stel daarom een koning over ons aan om leiding te geven’; willen de mensen echt een ‘verlicht despoot’ die met ferme hand en zonder teveel democratisch geneuzel de economie weer op de rails zet? Wil men alleen maar ‘brood en spelen’? Je zou het soms bijna gaan denken.tagcloud Troonrede 2013

Ik heb met belangstelling naar de Troonrede 2013 zitten luisteren en veel impopulaire maatregelen horen aankondigen die diep in het vlees snijden. Ik heb gehoord dat we nog meer dan voorheen ons moeten instellen op een participatiesamenleving. Een samenleving waarin meer mensen dan voorheen met elkaar de handen uit de mouwen moeten steken om te doen wat ze kúnnen doen. Ondanks alle fouten en problemen die deze regering heeft en heeft gemaakt en misschien nog moeten worden bijgesteld; is dit niet een samenleving die we wensen. Geen samenleving waarin het ‘dikke ik’ voorrang heeft, maar waar we met elkaar samen-leven? Ik hoop van harte dat we daar werkelijk met z’n allen uit komen.

Laat ik afsluiten met de woorden waarmee de koning zijn rede afsloot. “We bidden God om wijsheid voor hen die ons regeren.’

Martin Luther KingVandaag is het precies 50 jaar geleden dat dominee Martin Luther King jr. zijn beroemde rede ‘I have a dream’ uitsprak op de trappen van het Lincoln Memorial in Washington. In zijn rede stelde hij de grote ongelijkheid aan de kaak tussen blanken en zwarten ondanks het feit dat de slavernij in de Verenigde Staten in feite al was afgeschaft in 1865. In de praktijk van alledag waren zwarten dan wel medeburgers, maar dan wel van een b-garnituur. Jezelf beter, belangrijker achten dan de ander, het is een algemeen menselijke valkuil die nog nooit is opgevuld. Het blijft werken aan ideaal dat God heeft met zijn wereld.

Ondanks zijn eigen levenservaring van uitsluiting en vernedering zei King in zijn rede onder andere ‘Ik heb een droom dat op een dag dit land zal verrijzen en zal leven naar de ware betekenis van haar credo: “Wij beschouwen deze waarheden als vanzelfsprekend; dat alle mensen gelijk geschapen zijn.”‘ Wat mij betreft schreef hij deze woorden niet alleen voor de Verenigde Staten, maar voor alle landen over heel de wereld.

Desmond Tutu, onder meer aartsbisschop en voorzitter van de Waarheids- en Verzoeningscommissie, die na de val van het apartheidsregime in Zuid-Afrika ernaar streefde de verschillende bevolkingsgroepen in vrede met elkaar te laten leven had eenzelfde boodschap en schreef in 2004 in zijn boek ‘God heeft een droom’

‘Ik heb een droom; zegt God. “Help me alsjeblieft die te verwezenlijken. Het is een droom over een wereld waarin alle lelijkheid, ellende en armoede, oorlog en vijandigheid, desmond tutuhebzucht en harde concurrentiestrijd, vervreemding en onenigheid worden veranderd in hun glorieuze tegendeel; een wereld waarin meer wordt gelachen, waarin vreugde en vrede overheersen, een wereld gekenmerkt door rechtvaardigheid en goedheid en mededogen en liefde en zorgzaamheid en de bereidheid tot delen. Ik heb een droom waarin het zwaard wordt omgesmeed tot ploegscharen en speren tot stoksnoeimessen; een wereld waarin Mijn kinderen weten dat ze behoren tot één familie, de menselijke familie, Gods familie, Mijn familie.”’

De droom van Martin Luther King en die verwoord door Tutu zijn tot op de dag van vandaag ‘dreams under construction’ . Ik hoop van harte dat deze dromen ooit bewaarheid mogen worden.

Ze waren de laatste tijd veel in het nieuws: de asielzoekers in de Vluchtkerk in Amsterdam. Gingen ze nu wel of niet weg, het besluit werd een aantal keer uitgesteld om de eigenaar van het pand – lees: de kerk –  uitzetting opschortte. Toch kwam het moment onvermijdelijk dichterbij, de asielzoekers moeste weg. de exbewoners van de VluchtkerkMaar wat schetste onze verbazing: er kwam een aantal bussen voorgereden en de ontheemde asielzoekers werden ingeladen en met onbekende bestemming vertrok de karavaan.  Niet veel later werd bekend waar de uitgewezen mensen naar toe werden gebracht. Een groepje mensen had, noem het preventief, een leegstaand kantoorpand gekraakt voor hun opvang.

Van Kerkpand naar Kraakpand. Om misschien wel begrijpelijke redenen heeft de kerk gemeend de Vluchtkerk te moeten sluiten en de ‘bewoners’ te moeten ‘klinkeren’,  dat wil zeggen op straat zetten. Gelukkig was er een mogelijkheid om de mensen een nieuwe opvang te geven; opnieuw tijdelijk, niet legaal en uitzichtloos…

Ooit was er een tijd dat Kerk synoniem stond voor Kraak: lak aan de te dwingende regels die je in een keurslijf dwingen , een andere autoriteit volgend en aan die grenzen    gehoorzamen. Oké, natuurlijk ben ik de eerste die toegeeft dat ik een romantisch beeld schets van de kraakbeweging die alleen opkomt voor de mensen die geen woning kunnen vinden of bekostigen. Ik weet ook wel van de uitwassen en gewelddadigheden waarmee de kraakbeweging de afgelopen jaren werd geassocieerd. Maar toch, in eerste aanleg was het (een gedeelte van) de krakers wel te doen om misstanden in de maatschappij aan de kaak te stellen.

Wat ik bepleit is dat de Kerk een deel van dat elan van de kraakbeweging weer terugkrijgt. Niet meer keurig in de pas met de heersende mening, onvoorwaardelijk opkomen en begaan zijn met de medemens die tussen de wal en het schip is geraakt in wat voor opzicht dan ook. Om het aangezicht van Christus te zien in de ander en daar naar handelen zonder eerst te besommen of het je niet veel rompslomp geeft. Eén van die mogelijkheden van de kerk is het aanbieden van het kerkasiel: onderdak verlenen aan mensen die vervolgd worden met de bedoeling deze mensen te beschermen tegen het beleid van de overheid. Daar waar de overheid onrechtvaardig handelt trekt de kerk haar eigen grenzen en neemt zij haar verantwoordelijkheid. Er staan namelijk waarden op het spel die op de grens liggen van kerk en staat; de burgerlijke ongehoorzaamheid kan dan ook worden gezien als een evenwichtsoefening tussen concrete (staats)wetten en (religieuze) waarden zoals rechtvaardigheid. Niet dat de kerk de staat niet erkent, maar ze wil door haar handelen de staat wel wijzen op het deficit van haar beleid omtrent de uitwijzing van asielzoekers en daarover een debat opstarten.

De Kerk als Luis in de Pels van de overheid. Een rol die de kerk in het Westen lange tijd niet heeft gespeeld. Wel een rol die haar in wezen op het lijf geschreven staat en opnieuw ontdekt mag en moet worden.

‘Armoede is geen schande voor wie arm is, maar voor wie armoede veroorzaakt’

Franciscus van Assisi

‘Habemus Papam!’ Het was vorige week niet van de lucht. Onze katholieke zusters en en broeders hebben een nieuwe bisschop van Rome gekozen, die tevens functioneert als een primus inter pares en wereldwijd het gezicht is van de Rooms-Katholieke Kerk. Hoewel je als protestant misschien je schouders kunt ophalen bij zoveel commotie rond een nieuwe paus, toch is het wel degelijk belangrijk wereldnieuws. Paus FranciscusHet Amerikaanse zakenblad Forbes plaatste zijn voorganger paus Benedictus XVI vorig jaar nog in de topvijf van machtigste personen ter wereld. Hij verkeerde daarop in het gezelschap van de leiders van de VS, Rusland en Duitsland, alsmede van Bill Gates, de oprichter van Microsoft. De argumentatie van Forbes voor deze hoge notering valt te volgen: de paus staat aan het hoofd van 1,2 miljard katholieken, verspreid over de hele wereld, van wie velen grote waarde hechten aan zijn standpunt over ethische kwesties. Het moreel gezag van de ‘plaatsbekleder van Jezus op aarde’ is groot.

Natuurlijk kun je cynisch zijn over de eerste openbare handelingen van de nieuwe paus, die de naam Franciscus voor zich heeft gekozen, en die afdoen als een geslaagd PR-offensief om het gebutste blazoen van de katholieke kerk weer wat uit te deuken en op te poetsen, maar zelf vind ik deze optredens hoopvol.

‘Armoede is geen schande voor wie arm is, maar voor wie armoede veroorzaakt’ zei de man wiens naam en hopelijk ook zijn idealen de nieuwe paus heeft gekozen. In Latijns-Amerika heeft Bergoglio, zoals hij toen nog heette, bewezen midden tussen de armen in te willen staan en compassie met hen te hebben. Ook tijdens zijn eerste pauselijk optreden bleek hij zo op te treden. Mijn hoop is dat hij tijdens zijn pontificaat deze houding voortzet en ook uitbreidt. Dat hij ook een hand wil uitstrekken naar de mensen die geestelijke armoede ondervinden en ook de veroorzakers van die armoede probeert aan te spreken op hun verantwoordelijkheid.

ik hoop op een rijk gezegend pontificaat waarin armoede op velerlei gebied bestreden mag worden. Opdat het moreel gezag van het christendom in de wereld weer gehoord en gewaardeerd mag worden en dat de wereldwijde oecumene door hem bevorderd mag worden.

Kortgeleden las ik het bericht dat de Sint-Jan de Doperkerk in de Arnhemse wijk Klarendal Sint Jan de Doperkerk Arnhemverkocht is aan een stel ondernemers die het gebouw willen transformeren tot een memorarium. Een memorarium is volgens de initiatiefnemers een spirituele belevingsruimte en gedenkplaats in de breedste zin van het woord. In de Sint-Janskerk, die sinds september vorig jaar te koop stond, komen grafkelders, een urnenmuur, een crypte, gebeds- en gedenkruimtes en een hofje voor gestorven kinderen. Een memorarium kan ook worden gebruikt voor uitvaarten, herdenkingen, afscheidsbijeenkomsten en condoleance, zo denken de ondernemers.

Ik zat zo te denken: kunnen we, in het licht van bezuinigingen op ons sociaal stelsel die het kabinet momenteel voorstelt en effectueert, leegstaande kerken niet beter gebruiken als sanctuarium oftewel vrijplaats. Dat gebruik heeft enorm oude papieren waar in de Bijbel al vervolgde mensen een heiligdom in konden vluchten en daar veilig waren voor hun belagers. En ook in de (vroeg)christelijke tijd heeft de kerk lang zo’n functie gehad.

Zouden we in deze tijd kerken niet kunnen inrichten als vrijplaats voor mensen die door het sociale vangnet heen vallen en in het huidige gure sociale klimaat buiten staan? Ik denk dan bijvoorbeeld aan uitgeprocedeerde asielzoekers die Nederland moeten verlaten, die wel weg willen, maar niet kunnen. Ik denk dan aan mensen met psychische stoornissen die geen plaats meer kunnen vinden in instellingen. Ik denk aan heel veel andere mensen die om wat voor reden dan ook tussen wal en schip vallen of op de een of andere wijze zo ‘uitgekleed’ worden dat ze voor hun eigen bestaan moeten vrezen.

Immers de kerk is geen gebouw voor doden, maar voor levenden!

En eerlijk gezegd: zul je dan zien dat de kerken weer vollopen!

Vandaag is het  in Nederland de Dag van de Duurzaamheid. en daar hoort dit jaar de slogan ‘laat het zien op 10-10’ bij. Toen ik eerder over het onderwerp duurzaamheid en de zorgen over vervuiling van de aarde schreef kwam ik er achter dat er veel ambivalentie heerst over duurzaamheid. Ook onder christenen. In sommige commentaren werd deze ambivalentie onder christenen toegeschreven aan een apocalyptische instelling waarmee een aantal christenen behept is. Immers, zo wordt door deze christenen dan gezegd, de apocalyptische rampen die worden voorspeld als we niet meer verantwoord met de aarde omgaan brengen de wederkomst van Jezus Christus dichterbij. Nu weet ik dat in het verleden de klimaatproblemen door mensen die ons van die materie bewust wilden maken soms wat te pessimistisch is geschilderd en er soms flink gesjoemeld is met feiten en cijfers. Maar ontslaat dat ons dan van de plicht om de schepping waarin wij mogen leven dan niet zo optimaal mogelijk te onderhouden en door te geven aan de generaties na ons. Over het beheer van de schepping wordt ook en juist in de Bijbel ook op heel indringende wijze een beroep op de mens gedaan.‘Wanneer jullie eenmaal in het land zijn dat ik je zal geven, moet het land rust krijgen, een sabbatsrust gewijd aan de HEER. Zes jaar achtereen mogen jullie je land inzaaien, je wijngaard snoeien en de oogst binnenhalen. Maar het zevende jaar moeten jullie het land laten rusten.’ (Leviticus 25:2-4). De schepping die we in bruikleen hebben gekregen is niet van ons en juist christenen hebben de plicht die te onderhouden. Dat heeft niets te maken, of is in tegenspraak met welk apocalyptische visie dan ook. Simpel gezegd is het een uitwerking van het gebod ‘heb uw naaste lief als uzelf’. Niemand van ons wil toch in een vergiftigde wereld leven waar het een dagelijkse strijd is om aan de dagelijkse levensbehoeften te komen?  Dat gun je dan toch ook je naaste niet, je naaste van nu niet en je naaste in de toekomst niet. Toch?

Daarom: laat het zien op 10-10… en op 11-10, op 9-10, altijd maar weer!

Het is deze week de week van de euthanasie. Je wordt hier niet alleen door de Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillige levensEinde (NVVE) aan herinnert, ook in de media wordt hier ruim aandacht aan besteed. In het actualiteitenprogramma Brandpunt bijvoorbeeld kwam de heliummethode voorbij. In een instructiefilm werd uitgelegd hoe je uit het leven kunt stappen met behulp van vrij verkrijgbare zaken zoals onder andere helium (bekend van het opblazen van ballonnen), flexibele slangen en dus ook een groot formaat braadzak die je ook kunt gebruiken voor het bereiden van voedsel. Strekking  is dat je met een beetje handigheid zo een euthanasieapparaat kunt maken, zodat je het tijdstip van je eigen overlijden kunt bepalen als jij vindt dat je leven voltooid is.

Eerlijk gezegd staat deze ontwikkeling in een lange traditie van de voortschrijdende menselijke autonomie. Nu de mens God de deur heeft gewezen eigent hij zichzelf de stoel van God toe. Zowel het begin als het einde van het leven ligt volgens veel mensen in eigen handen. Menselijke autonomie en individualisme in optima forma! Ooit schreef de VVD in 1981 het volgende:

in de eerste plaats heeft de mens feitelijk niet de vrije keuze over leven en dood. Ziekte of ongeval zullen voor een belangrijk deel het tijdstip bepalen waarop hij zijn leven zal beëindigen. Bovendien leeft de mens in een gemeenschap en draagt hij verantwoordelijkheid jegens de andere leden van de gemeenschap. Hij zal zijn rechten alleen kunnen uitoefenen in het licht van die verantwoordelijkheid.(…) Aangezien hij voor de beëindiging van zijn leven de hulp van een ander of anderen inroept, betrekt hij deze medemensen bij zijn levenseinde en maakt hen mede verantwoordelijk. Ook hun belangen en gevoelens moeten dus geaccepteerd worden

Hoewel deze argumentatie zich vooral richt op het intermenselijk aspect zet het het sterven wel degelijk in een breder aspect. In heel zijn leven leeft de mens in sociale verbanden die aan het eind van het leven niet zomaar ophouden. Als christen zou ik daar nog het volgende aan toe willen voegen: als geboren en sterven beiden tot de goede schepping horen, en als wij door het geloof beide weer als weldaad weten te ervaren, dan moeten we ook aanvaarden dat God ons op zijn tijd het – natuurlijke – einde aandoet. Hiermee wordt  het sterven verheven tot een ars vivificandi, stervenskunst, een onderdeel dat bij de kunst van het leven hoort.

Ik denk dat we als kerk, als christenen juist hierin een goed voorbeeld moeten geven en  kunnen laten zien dat het leven in een gemeenschap met je medemens en met God leeft in een wederzijdse verantwoordelijkheid en om elkaar bekommert. Zo kunnen we anderen laten zien wat zijzelf wat ze nou eigenlijk aan het doen zijn.

Het is een feit: een meerderheid van de Tweede Kamer heeft een motie aangenomen waardoor het weigerambtenaren het wordt verboden om zogenaamde ‘homohuwelijken’ niet te willen sluiten.

Mijns inziens staat dit besluit op gespannen voet met de vrijheid van meningsuiting/godsdienst. Wat is het geval: destijds is er een wet aangenomen waarin gesteld werd dat niet hetero’s ook in het huwelijk konden treden. in de wet werd er een uitzondering gemaakt: mensen die vanuit hun persoonlijke overtuiging geen ‘homohuwelijken’ wilden sluiten, konden dit weigeren, mits er in de desbetreffende gemeente wel een ambtenaar zou zijn die het betreffende stel wel wilde trouwen.

Goed besluit… zou je denken… mensen kunnen trouwen en andere mensen kunnen weigeren…

Maar een aantal mensen en organisaties hadden uiteindelijk problemen met dit besluit. Een overheid dient te allen tijde neutraal zijn, dus iemand met gewetensbezwaren ten aanzien van een bepaald punt  mag zich niet uiten. Gedogen, althans al dat bepaalde personen en overtuigingen aangaat is uit. Het aloude Nederlandse begrip voor minderheden lijkt tot uitsterven gedoemd te zijn.

Alweer in 1996 schreef het duo Fluitsma & van Tijn een lied voor een commercial over de Nederlanders met het volgende refrein

15 Miljoen mensen
Op dat hele kleine stukje aarde
Die schrijf je niet de wetten voor
Die laat je in hun waarde
15 Miljoen mensen
Op dat hele kleine stukje aarde
Die moeten niet `t keurslijf in
Die laat je in hun waarde

Nu de macht aan de meerderheid, het keurslijf voor een ieder, wetten schrijf je voor iedereen (sic!), geen gedogen, gewetensdwang in plaats van gewetensvrijheid! De befaamde Nederlandse tolerantie wordt zo steeds meer aan banden gelegd. Worden we daar met z’n allen gelukkiger van?

God zond niet naar onze gekwelde wereld

Technische bijstand

Gabriël met een groep experts

Hij zond geen voedsel

Ook geen  afgedankte kleren

Evenmin verstrekte Hij leningen

op lange termijn

Liever kwam Hij Zelf

Geboren in een stal

Hongerend in de woestijn

Naakt aan een kruis

En delend met ons

Werd Hij ons brood

En lijdend met ons

Werd Hij onze vreugde

Het is al weer een tijdje geleden dat ik op het bovenstaand gedicht van een onbekende dichter uit Hongkong stuitte. Voor mij verwoordt dit gedicht op een uitstekende manier  het gevoel dat ik heb met Kerst: aan de ene kant houd ik ontzettend veel van dat  overweldigende  gevoel van ‘peis en vreê’ dat dit feest omgeeft. Of zoals het lied ‘Eeuwige Kerst’ het eens zong:

Op eerste kerstdag zijn alle mensen vrienden
Op tweede kerstdag zijn grote mensen klein
Op derde kerstdag gaan alle deuren open
Kon het maar altijd kerstmis zijn
Op vierde kerstdag, dan gaan de wapens roesten
Op vijfde kerstdag bloeit graan in de woestijn
Op zesde kerstdag breekt overal de zon door
Kon het maar eeuwig kerstmis zijn

Waarom is er nog geen vrede
In een wereld waar door niemand
Honger, pijn of armoe wordt geleden

Tja, en dan is de kersttijd voorbij, de ballen zijn weer  opgeruimd op zolder en de boom  weer versnipperd tot compost en breekt weer de koude, harde werkelijkheid aan. Weg dat warme kerstgevoel. Over tot de orde van de dag. En daar zit voor mij die andere kant van Kerst. Want wat willen we: dat God alles goed zal maken, dat Hij met een stelletje knappe koppen zou komen om alles wat verkeerd gaat in de wereld goed te maken, dat wapens zomaar vanzelf gaan roesten? Dat we lekker kunnen uitbuiken van ons overvloedig kerstmaal en het verder allemaal wel goed zal komen?

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd   een kerk getroffen door een bom en van het daar aanwezige Christusbeeld werden de handen afgerukt.  Na de oorlog besloot het kerkbestuur het beeld niet te laten restaureren omdat het beeld zonder handen symbool stond voor het feit dat wij een taak hebben in de wereld ‘als de handen van Jezus’.

Jezus Christus kwam niet voor niets als klein kwetsbaar kind in deze wereld. Ook wij worden nu nog steeds opgeroepen om , aangestoken door Gods liefde, het Licht uit de dragen in de wereld.  Er voor te zorgen dat het kerstevangelie uitgedragen wordt in de wereld. Laat door ons handelen iets van dat Koninkrijk van God zoals bezongen in ‘Eeuwige Kerst’  werkelijkheid worden!

Ik wens een ieder gezegende feestdagen toe en dat we ook in het komend jaar ‘handen’ kunnen geven  aan de komst Gods Koninkrijk.

Vandaag is de Ramadan begonnen: een islamitische vastenmaand om de gelovigen zich  te leren bedwingen en het aanleren van eigenschappen zoals discipline, uithoudingsvermogen en vooral zelfbeheersing. Dit leerproces wordt ook wel de innerlijke  of grote jihad genoemd.  Hoewel deze maand ook moet staan in het teken van respect ten aanzien van de medemens wordt de Ramadan ook wel eens gebruikt voor de kleine of uiterlijke jihad, namelijk de uitbreiding van de heerschappij van de islam over heel de wereld. Een voorbeeld hiervan is de Arabisch-Israëlische oorlog in 1948 en de Jom Kippoeroorlog in 1973.
Respect voor de ander. Het blijkt toch altijd weer een moeilijk te houden voorschrift. Uit Egypte worden verhalen gerapporteerd van Koptische christenen die worden vervolgd omdat ze tijdens de Ramadan op straat aten; iets dat voor moslims tijdens deze maand (overdag) ten strengste verboden is.
Naastenliefde: voor iedereen (ook voor gelovigen van allerlei religies) een gebod dat steeds onnoemelijk veel zelfverloochening vergt. Een levenslang leerproces.
Daarom voor alle moslims: Ramadam Mubarak , een gezegende vastenmaand. Opdat ze op de weg van respect voor de medemens mogen voortgaan!