Het belang van de opstanding van Jezus is niet een soort algemeen bewijs voor leven na de dood. Wat het bewijst is dat God zijn belofte houdt:
de toewijding van God de Vader aan Jezus zijn geliefde zoon is absoluut en eeuwig;
het kruis haalt Vader en Zoon niet uit elkaar,
en het leven is hersteld aan de andere kant van het kruis,
een leven dat wel en niet hetzelfde is als het gewone fysieke leven dat Jezus had in Galilea.
En de Goddelijke belofte die Jezus, God onder de mensen, doet aan zijn vrienden,
de belofte van genade en vernieuwing, is absoluut;
zelfs de ontrouw van de leerlingen kan hem niet vernietigen.
Jezus’ leven is er opnieuw voor hen, de bron van hun vreugde en hoop.
De gewelddadige en vreselijke dood van Jezus weerhoudt God er niet van
om te geven wat hij wil geven, constant en voortdurend.
Als Jezus opgewekt is, kunnen we rekenen op Gods trouw.