december 2023
Monthly Archive
31 december 2023
Bijna weer een nieuw jaar.
En ze zeggen dat we optimistisch zijn voor dat nieuwe jaar.
Het zal wel weer beter gaan, in ieder geval: nieuw jaar, nieuwe kansen.
Of misschien niet.
Wat zegt dat nieuws jou in jouw eigen hoogstpersoonlijke leven?
Wat gebeurt er als je tegen God, tegen Jezus, tegen Gods Geest zelf, zegt: mijn God?
Hoe ziet je moeilijke leven er dan uit?
Je eenzaamheid, je verdriet, al de ingewikkeldheden van je leven?
Hoe ziet je fascinerende leven er dan uit,
je nieuwe uitdagingen, je verlangens en alles waar je zin in hebt?
Vertrouw je op God?
Heer, laat u mij niet los, laat mij niet op de weg verkwijnen.
Laat ik het zo zeggen: ook als je optimistisch bent heb je belang bij verdieping daarvan,
zin in echt goede dingen hebben is iets anders dan zin hebben in illusies.
Juist als je ziet hoe God zelf in Christus bezig is
alles mooi en nieuw te maken,
kun je met des te meer zin en optimisme het leven van 2024 ingaan.
God blijft, gelukkig, dus kunnen wij, zijn dienaren en onze kinderen
in vertrouwen het boek van 2023 sluiten en dat van 2024 open doen.
Want Vóór alle tijden hebt u de aarde gegrondvest,
de hemel is het werk van uw handen.
Zij zullen vergaan, maar u houdt stand,
zij zullen als kleren verslijten,
u verwisselt ze als een gewaad en zij verdwijnen,
maar u blijft dezelfde, uw jaren nemen geen einde.
De kinderen van uw dienaren zullen veilig wonen,
ook op hun nageslacht rust uw oog.
Kijk, daarvan krijg ik pas echt zin in 2024.
Of het beter zal gaan weet ik helemaal niet.
De beroemde crisis kan zich best verdiepen.
En sowieso maakt niemand van ons haar leven, zijn leven zelf.
Maar wat er ook gebeurt,
wie ons ook in de steek laat, al is het ons eigen lichaam,
God niet. Hij blijft.
Jezus niet. Hij blijft.
Gisteren en vandaag en morgen dezelfde.
Tot in eeuwigheid.
Tot in het leven van de komende eeuw.
25 december 2023
‘De geboorte van Jezus heeft niet veel aan deze wereld veranderd’
Deze opmerking krijg je rond de kerstdagen nog wel eens te horen.
Heeft iemand die deze opmerking plaatst gelijk?
Ja en nee.
Nee, in Jezus ziet God naar deze wereld om.
Dankzij Jezus is de liefde van God binnen handbereik.
Dankzij Jezus is echte vrede mogelijk. En vergeving.
En een nieuw begin! Er is hoop!
En ja, als wij de uitnodiging van het evangelie aan ons voorbij laten gaan.
Als wij om Jezus heen lopen. Dan verandert er niet veel in deze wereld.
Dan is er geen vrede in ons hart.
Dan zullen wij die vrede ook niet voorleven en uitdelen.
Dan blijft alles bij het oude.
Kerst is een appél:
Geef je verzet op.
Laat je door Jezus omarmen.
Hij brengt je thuis.
Nu komt Hij als Redder, straks als Rechter.
Er komt een moment dat je geen tijd meer hebt voor een keuze.
Als je niet kiest, sta je buiten.
Buiten de vreugde.
Buiten de vrede.
Maar daar geeft God ons niet aan over.
In Jezus komt God om ons te omarmen.
En wie zijn verzet opgeeft, en zich door God laat omarmen,
ontvangt vergeving en een diepe vrede in zijn hart.
En weet je,
Hij stuurt je ook weer op pad, als getuige en als vredestichter,
want de Redder heeft heel de wereld op het oog.
Zo heeft God het bedoeld.
24 december 2023
In de kersttijd gonst het van religieuze activiteiten.
Voor zover er sprake is van een hoger adres
komt veelal ‘de lieve Heer’ in beeld.
God als Allemansvriend.
Maar Kerst is in werkelijkheid een schokkend gebeuren,
te waar om mooi te zijn.
In het boek Spreuken staat een mooie zin:
‘Een vriend heeft te allen tijde lief,
maar een broeder is voor de nood geboren’ (17:17).
Een spreuk heeft vaak iets oubolligs.
Zo belegen dat de schimmel erop staat.
Maar de Bijbelse Spreuken zijn anders.
Er is alom sprake van leven, eerbiedig leven,
met een uitstraling naar alles en allen.
Het hart klopt in de geheimzinnige woorden:
de vreze des Heren.
Dat wil zeggen, zorgvuldig cirkelend om dit geheim:
de eerbiedig omgang met de Hoog-Heilige.
Al doende wordt wijsheid ontvangen en geboren:
wegwijs in de wirwar van dit ondermaanse.
Het boek Spreuken weet van vrienden die te goeder trouw zijn.
Hier gaat het echter over een vriend, die een soort schaduwfiguur is.
Je ziet hem alleen maar als de zon schijnt.
Wanneer hij in geval van nood niet de benen neemt,
heeft hij ‘te allen tijde’ wel aan passend woordje bij de hand.
Hij raakt nooit van slag, nimmer in verlegenheid.
Voor alle situaties weet hij wel iets te zeggen,
dat je zelf overigens ook kunt bedenken:
Moed verloren, al verloren!
Laat je niet kisten, maar zet ‘m op!
Na regen komt zonneschijn!
Anders gezegd, met een godsdienstig sausje:
Vraag niet waarom, maar waartoe!
De mens wikt, maar God beschikt!
Wie deze voorspelbare reacties, hoe goed ook bedoeld,
op zich in laat werken, herkent de verzuchting
van een student in de theologie in Engeland.
Hij hoorde z’n hoogleraar oreren, alsof alles klopte als een bus.
Die aankomende predikant
zag zichzelf al zitten aan het sterfbed van een moeder
met drie jonge kinderen, of gaan in de slums,
de achterbuurten van Londen.
Daarom vroeg hij aan de hooggeleerde:
‘It may be true, but is it real?’
Het is misschien wel waar,
maar is het ook levensecht, werkt het ook?
Een broeder is voor de nood geboren.
Hij is een vriend, die ook en vooral in de diepte,
in het donker niet verstek laat gaan.
Een vriend is iemand die je kiest.
De band van vriendschap kan verbroken worden.
Een broeder daarentegen is iemand die je geschonken wordt.
Die band kan nooit meer stuk, wat er ook gebeurt.
De Here God wordt soms aangeduid als Vriend,
maar Hij is nog veel meer een Broeder,
voor de nood geboren.
Daarom heeft Hij ons bestaan gedeeld:
‘Het Woord is vlees geworden’.
‘Vlees’ tekent ons krakkemikkige bestaan,
dat sterfelijk, stoffelijk en schuldig is.
Met de woorden van dr. Oepke Noordmans:
‘Zo is Jezus op aarde gekomen; temidden van een evacuerende menigte.
De nood van het volk is de poort geweest, waardoor Hij binnenkwam.
Hij heeft ons vlees aangenomen met die nood erbij’.
Hij is ‘vlees geworden’.
Die Bijbelse zegswijze
‘drukt niet uit wat Hij is, maar wat Hij geworden is:
zijn zwakheid, zijn zonde, zijn nood, zijn dood’.
Deze Ene, voor allen gekomen,
‘ligt niet in de kribbe als een toonbeeld van menselijkheid,
maar Hij ligt daar als een metgezel van allen,
wier menselijkheid problematisch is geworden’.
Dat Evangelie mogen we aannemen,
‘niet met enkele daarvoor uitgezochte nette en humane eigenschappen,
maar met de stukken rauwe werkelijkheid,
die zich aan alle kanten aan ons vasthechten.
Met ons vlees’.
Daarvan wordt ook uitbundig gezongen (Gezang 117:3 (LvdK) ):
Ver van de troon der tronen
en ’s hemels zonneschijn
wilt Ge onder mensen wonen
der mensen broeder zijn.
17 december 2023
Als regel is het niet gepast een vraag met een wedervraag te beantwoorden.
Toch kan de situatie ernaar zijn.
Je hebt weinig of geen andere keus, vanwege grote verlegenheid.
Zo verging het Petrus, blijkens Johannes 6,67-71.
Jezus kwam hem en anderen tegemoet.
Ook dat is een vorm van Advent.
Onlangs hoorde ik iemand uit evangelische kring zeggen:
‘Wij hebben het beste product in de aanbieding: eeuwig leven!’
Ik huiver bij zulke woorden. Meer nog: de kou trekt mij door ’t bloed.
Op zich begrijp ik zo’n uitspraak wel.
Dat doe ik sowieso bij allerhande ketterijen,
die voor de hand liggend lijken te zijn en een vrij logische indruk maken.
De gewraakte woorden werden geuit
in het kader van de communicatie van het Evangelie.
De spreker was geschoold op het veld van marketing en aanverwante psychologie.
Moderne tactieken, technieken ten aanzien van beeld,
muziek, geluid en stilte paste hij geestdriftig toe om het Evangelie te slijten.
Naar zijn zeggen: met groot succes, want ons product verkoopt zichzelf.
Ik wijt dat aan gebrek aan eerbied en dat vervult mij altijd met argwaan.
Jezus geeft aanschouwelijk onderwijs.
Hij breekt het brood, deelt het met anderen.
Dat brood tekent Hem zelf.
Hij geeft zijn leven prijs, anderen, allen ten goede.
Daartoe is Hij gekomen.
Zijn Advent heeft alles te maken met onze armoede en ellende:
schuld, schande, scheuren, schijnheiligheid.
Dit Verhaal van de Levende vlecht zich door ons levensverhaal.
Dat is moeilijk te verteren.
Daarom houden veel mensen het en dus ook Hem voor gezien.
Ze haken af en zoeken hun heil elders.
De situatie lijkt sterk op de onze.
Het is te kort door de bocht om kerkverlating te vereenzelvigen met ‘Jezus-verlating’.
Toch geldt: als die beide weinig of niets met elkaar te maken hebben,
zou het hartzeer niet zo groot zijn.
Dezer dagen stond weer in de krant te lezen:
komende tien jaar moeten elke week twee kerken sluiten.
In dit verband zou ook de vraag meer aandacht verdienen:
waar blijven al die mensen, die eerder in deze kerk hun thuis vonden?
Andere kringen spelen op deze situatie in.
Ze hebben veel, bijkans alles, in de aanbieding.
Ik mis veelal het element van de eerbied.
Wij kunnen mensen niet tot geloof brengen.
Dat wil zeggen: wij zijn niet in staat de beslissende vonk te laten overslaan.
Het diepste geheim, dat wij ons nooit kunnen toe-eigenen,
heeft de Here God zichzelf voorbehouden.
Op de vraag: ‘Willen jullie ook niet weggaan?’
weet Petrus niets anders, beters te zeggen dan:
‘Here, tot wie zullen wij heengaan?
U hebt woorden van eeuwig leven’.
Petrus heeft Hem met vallen en opstaan (h)erkend als ‘de heilige van God’.
Het zal in deze tijden van Advent en Kerst drukker zijn
in de kerk(en) dan gewoonlijk het geval is.
In het kader van de diensten vinden ook bijzondere activiteiten plaats.
Mij dunkt: alles is geoorloofd, mits de eerbied geen schade lijdt.
De kerk heeft niets in de aanbieding.
Zij put niet uit eigen voorraad.
Ze zou stenen voor brood geven.
Ze verwijst naar die Ene, die ‘God in ons midden’ mag heten.
Met de woorden van een lied van André Troost (Hemelhoog 632):
God in ons midden,
Heer, wij aanbidden
met al uw kinderen wereldwijd,
uw trouw aan mensen,
uw onbegrensde,
uw ongekende majesteit.
10 december 2023
Soms komen zinvolle dingen ter sprake.
Te vaak gebeurt het dat de geachte spreker
niet meer in de aanbieding heeft dan een praatje voor de vaak.
De situatie kan er ook naar zijn, dat je met stomheid geslagen bent.
Hoe dan verder?
Roept u maar!
Het hoort bij een gespreksleider die een geanimeerde discussie wil aanzwengelen.
Zo’n onvoorwaardelijke uitnodiging is niet zonder risico’s.
Je mag tenminste enige zelfkennis en kennis van zaken veronderstellen.
Discussiëren komt van een werkwoord in het Latijn,
met de letterlijke betekenis: uiteen splijten.
Willem Barnard vertaalt het dan ook met ‘splijtzwammen’.
Deze negatieve duiding is niet zonder reden.
Een regel, die meer is dan spelen met woorden:
inspraak zonder inzicht leidt tot uitspraak zonder uitzicht.
Een oude profeet, op naam van Jesaja, wordt tot spreken geroepen.
In een ellendige, dat is: uitlandige situatie.
Het volk Israël is in ballingschap, ontredderd en ontheemd.
Wie kan dan zinnige dingen zeggen, laat staan mond van God zijn?
Toch weet de profeet zich van Hogerhand geroepen.
Blijkbaar is de Here, door middel van zijn Woord en Geest,
hem te machtig geworden.
De profeet weet vooralsnog niet meer uit te brengen
dan een besef van machteloosheid:
‘Wat zal ik roepen?’ .
‘Roepen’ heeft de klank, de kracht van een nieuw begin,
zelfs van leven uit de dood.
Zoals de Here ooit deed bij de schepping:
‘En God riep het licht: dag! en de duisternis riep Hij: nacht!’.
Dat roepen, dat spreken met gezag, die bevrijdende taal,
waartoe wij zelf niet bij machte zijn, is verankerd in het Woord van onze God,
dat eeuwig stand houdt.
Dat Woord hebben wij niet in, bij of achter de hand.
Onze woorden kunnen alleen maar tot Woord worden,
waar en wanneer het God behaagt,
als zijn Adem, zijn Geest de woorden vult.
Zo is de Bijbel ontstaan en overgeleverd.
Woorden van mensen, waarin en waardoor God zichzelf ter spraken wil brengen.
Daarom wordt bij de opening van dit Boek altijd gebeden
om de verlichting van en door de Heilige Geest.
‘Want ieder blijft Gods Woorden vreemd, behalve wie ze van Hem zelf verneemt’ (M. Nijhoff).
Eeuwen later heeft Johannes de Doper
deze profetische woorden opnieuw in de mond genomen
met het oog op Jezus Christus.
Even tevoren, in de proloog van het evangelie naar Johannes,
is deze Ene bezongen als degene,
in wie de Here God zichzelf geheel en al heeft uitgesproken.
Hij wordt dan ook WOORD genoemd, sprekend God.
Alle voorgaande Woorden van God vinden in Hem hun diepste bestemming.
Alle volgende Woorden hebben hun bestand in Hem.
Karl Barth sprak in dit verband over de drie gestalten van het woord:
WOORD, Woorden, woord.
Onze woorden staan in dit bezielde verband.
Daarbuiten is er niets te zeggen dat echt beklijft.
Advent kan nooit zonder Pinksteren.
Met de woorden van een gebedslied (Lied 680), uitziende naar de Heilige Geest:
Waar Gij niet zijt, is het bestaan,
is alle denken, alle doen
zo leeg en woest, zo dood als toen
Gij, Geest, nog niet waart uitgegaan.
Er is geen licht dan waar Gij zijt,
uw vleugels breidt, uw vleugels strekt,
geen leven, dan waar Gij het wekt
in een gemis dat tot U schreit.
3 december 2023
Een klemmende vraag en een kort antwoord Johannes de Doper stelt een vraag die voor hem van levensbelang is. Het antwoord van Jezus is op het eerste gehoor strijdig met onze pastorale handboeken. Die leggen de nadruk op empathie, inlevend vermogen. Waarom is de reactie van Jezus, Pastor bij uitstek, zo kort door de bocht? Jules de Corte – blindeman, liedjeszanger, gelovige met vallen en opstaan – schreef indertijd een brief aan prof. H. Jonker (1917-1990), hoogleraar Praktische Theologie in Utrecht. Ik citeer enkele regels: ‘De God over wie u spreekt, preekt en schrijft, professor, waar kom je Hem tegen in het gewone leven? Vooral als het echt spannend wordt: harde onderhandelingen tussen winnaars en verliezers, mensen in de modder en aan de marge, kinderen in de knel en in de vernieling … Die God van u, professor, woont in een mooi huis, de kerk. Daarbuiten is Hij, naar mijn besef, nergens aanwezig’. Jonker doceerde onder meer Pastoraat. Hij was alles behalve een mooi-weer-prater. Hij wist van heel nabij van de schaduwzijden, de diepe tunnels van het leven. Het onvoorstelbare leed in de wereld hield hem duurzaam bezig. Ik verbind deze correspondentie met een episode uit het Evangelie. Johannes laat een vraag overbrengen naar Jezus. Zelf is hij daartoe niet in staat. Hij verblijft in de gevangenis. Vanwege zijn dienstwerk, zijn prediking. Die vraag is uit de nood geboren. Niet zozeer de nood van zijn eigen situatie. Hij wist dat het levensgevaarlijk is om, hoe en waar dan ook, mond van God te zijn. Johannes heeft alle kaarten van zijn leven gezet op het oordeel dat staat te komen, met het oog op Hem die komt: de bijl aan de wortel van de boom, de wan die al het kaf uitzift. Door de komst van die Ene komen er werkelijk andere tijden. Maar de prangende vraag verteert hem: is dat wel zo? Is deze Jezus de vanouds beloofde, de Messias die komen zou? Hij kan het nauwelijks geloven. Er gebeurt ogenschijnlijk niets. Aanstootgevend? Johannes moet het doen met de dingen die hij al wist, maar waarop hij stukloopt: ‘Zeg tegen Johannes wat jullie horen en zien: blinden kunnen weer zien en verlamden weer lopen, mensen met huidvraat worden gereinigd en doven kunnen weer horen, doden worden opgewekt en aan armen wordt het goede nieuws bekendgemaakt’ . Cruciaal is de vraag: waar ligt de climax in deze opsomming die Jezus geeft? Voor de hand ligt de veronderstelling: doden worden opgewekt! Dat is echt spectaculair, het sprekende bewijs dat de tijden kantelen. Maar deze vlieger gaat niet op. De climax ligt in het slot: armen ontvangen het Evangelie! Arm zijn zij, die geen raad weten met hun verfomfaaide bestaan, die geen kant op kunnen, tenzij God aan hun kant staat. Daartoe is Christus gekomen. De Hoog-Heilige, de Eeuwig-Trouwe is niet iemand die minzaam wuift vanuit de verte, als een vorst in een gouden koets. Niet iemand, die idealen laat zweven om ons aan op te trekken en dan toch weer naar beneden te duikelen. In een onbegrijpelijke solidariteit deelt Hij ons bestaan. Zo draagt en bewaart Hij ons. Het aanstootgevende bij uitstek is een kruis: de Rechter gaat zelf in de beklaagdenbank zitten. De Leeuw uit Juda’s stam komt vooralsnog als Lam, dat de zonde der wereld draagt. Die ergernis raken we nooit kwijt, maar wie er enigszins vertrouwd mee raakt, ontwaart daarin de kracht, de wijsheid van God. Reden tot eindeloze vreugde! Zo maakt de drie-enige God zijn heil bekend. De eerste komst van Christus gedenken wij. Zijn uiteindelijke komst verwachten wij: Advent!