Ik moest twee keer met mijn ogen knipperen,
toen ik mij plotseling realiseerde wat er gebeurde:
president Trump en president Zelensky
die in een tête-à-tête met elkaar spraken
op de begrafenis van paus Franciscus.
Dit was zó belangrijk!

De meeste berichtgeving over de requiemmis van paus Franciscus
richtte zich toch op het ‘spektakel’
of de kans voor wereldleiders om contact te leggen.
Het is verleidelijk om te denken
dat het hoofdpodium van de Sint-Pietersbasiliek
eigenlijk een bijzaak was
van de marginale gebeurtenissen
van politici die de wereld verdeelden.
Met alle planning die gepaard gaat
met gebruikelijke geopolitieke topconferenties,
heeft het Vaticaan een spectaculair,
geïmproviseerd decor geboden.

Toch kijk ik hiernaar met gemengde gevoelens.
Maar als het om zaken van leven en dood gaat,
is er geen betere locatie dan een begrafenis.

Dit veronderstelt natuurlijk
dat leiders de tegenwoordigheid van geest hebben
om het dode lichaam voor zich te erkennen (niet ‘overleden’),
in plaats van alleen maar de handelingen te verrichten
en na te denken over de fotomoment.
Maar de raderen van de dood kunnen niet worden vermeden.

Bittere rivalen kunnen de rituelen van de sterfelijkheid erkennen
werd er ergens door een analist geschreven.
Verhalen over leiders
die recent begrafenissen bijwoonden, zijn soms onthutsend.
De begrafenis van paus Franciscus was niet anders:
Een onhandige Trump bijvoorbeeld
die door zijn vrouw moest worden aangespoord
om mee te doen met het gebruik van de vredesgroet.

Naast degenen die Franciscus prioriteit gaf
– degenen die naar de marge werden verdrongen –
was er een kritische ‘massa’ op de begrafenis aanwezig
van mensen die zich in het hart van de samenleving bevonden:
Er waren 170 delegaties, waaronder 50 staatshoofden,
15 regeringsleiders en 12 regerende monarchen.
Treffend wordt er dan bericht:
Omdat de dood altijd bij ons is (…) bestaat er weinig twijfel over
dat deze begrafenis
nu de belangrijkste ceremoniële gebeurtenis is
in het wereldwijde diplomatieke systeem’.

Daarom moest deze onwaarschijnlijke kans
op bilaterale diplomatie ten volle worden benut.

Juist omdat begrafenissen,
terwijl de lichamen in het graf neerdalen,
ons uit het alledaagse, de 24-uurs nieuwscyclus
en het doomscrollen verheffen,
bieden ze ons de mogelijkheid
om contact te maken met wat er echt toe doet.
Minder dan 24 uur voor zijn dood sprak de paus
op Paaszondag de woorden:

Christus is verrezen!
Deze woorden vatten de hele betekenis van ons bestaan samen,
want we zijn niet gemaakt voor de dood,
maar voor het leven.
God schiep ons voor het leven
en wil dat de menselijke familie weer opstaat!

En nu onze wereldorde wankelt,
zou de menselijke familie wel eens weer kunnen opstaan
wanneer de machthebbers elkaar ontmoeten op een begrafenis.

Zeker, we zullen moeten afwachten
of de geopolitieke ontmoetingen
die hebben plaatsgevonden,
vruchten afwerpen.
Maar we mogen in die hoop leven.
Als wereldleiders lering zouden trekken
uit de raadselachtige, overleden paus,
zouden ze inzien
dat hij als teflon
was voor de politieke etiketten
die mensen hem probeerden op te plakken.
Je krijgt de indruk dat hij streefde
naar iets blijvenders
dan soundbites, snelle overwinningen
en populariteit.

Ik zou er ook aan toe willen voegen
dat begrafenissen er zijn voor de levenden.
Begrafenissen helpen ons te rouwen.
Ze helpen ons verlies te verwerken,
en daarom blijven de ‘stoffelijke resten’ bestaan.
De oude verklaringen, de preek,
het breken van het brood
en het uitschenken van de wijn,
ja zelfs de theatrale aspecten,
helpen ons ons eigen leven te plaatsen
op een wereldtoneel
waar we zowel bijfiguren zijn
als ook de onverdeelde aandacht
van vele toeschouwers waard zijn.

In een wereld waar geopolitiek
miljoenen mensen dreigt te depersonaliseren
en te ontmenselijken,
botsen begrafenissen onvermijdelijk
tussen het universele en het individuele.
De context van aanbidding en dankzegging
tilt ons ook uit de aantrekkingskracht
van de vluchtigheid van natiestaten en ons eigen leven,
om de mogelijkheid te ontdekken
en te laten draaien
om Iemand die veel grootser en standvastiger is.
Net als bij diplomatie is er geen betere plek
om de dood te overdenken dan een begrafenis.

De titel van deze blog is ontleend aan ‘In paradisum’ een gezang dat deel uitmaakt van de requiemmis.

 

Gister op Paasmaandag overleed paus Franciscus op de leeftijd van 88 jaar.
Hij leek half hersteld van een maand ziekenhuisopname vanwege een longontsteking
en zegende op Paaszondag zelfs de menigte
die zich op het Sint-Pietersplein had verzameld vanaf het balkon.
Moge hij rusten in vrede.

Hij werd in 1936 in Buenos Aires geboren als Jorge Mario Bergoglio,
als zoon van twee Italiaanse immigranten
die een leven zochten zonder Mussolini’s fascistische heerschappij.
Helaas kon dit hun zoon niet behoeden voor dictaturen
– in de jaren 70 werd de Argentijnse regering omver geworpen
door een militaire junta, die zich fel verzette tegen het socialisme.

Dit stukje biografie is essentieel om een genuanceerd beeld van paus Franciscus te schetsen.

In 1958 trad hij toe tot de Sociëteit van Jezus,
een religieuze orde die half opgericht was
om een reactie te vormen op de protestantse Reformatie.
Hun oorsprong in de apologetiek
heeft de ‘jezuïeten’ een reputatie van softie ten aanzien van de leer gegeven.
Toen hij op 13 maart 2013 werd verkozen tot paus Franciscus,
zagen sommigen een aanwijzing dat deze paus een hervormer was.

Velen zagen dat paus Franciscus tijdens zijn pontificaat
dit probeerde waar te maken:
In 2021 beperkte de paus het gebruik van de traditionele Latijnse mis,
een stap die gemeenschappen
die de overstap naar volkstaaldiensten
in de jaren 60 betreurden en ernstig beledigde.
In 2023 bevestigde hij dat priesters mensen in
‘niet reguliere verbintenissen’ mogen zegenen,
zoals paren van hetzelfde geslacht en hertrouwde stellen,
maar níet als een zegen voor de verbintenis.
Tóch wordt hij ook gezien als een wind van verandering
– openhartig, populair en oprecht nederig in zijn dienende leiderschap.

Maar tijdens zijn tijd als hoofd van de Argentijnse jezuïeten
was de jonge pater Bergoglio naar buiten toe conservatief
en verzette hij zich tegen de linksgeoriënteerde bevrijdingstheologie
die de Latijns-Amerikaanse conferenties en seminaries van die tijd overspoelde.
Als paus kon hij zo nors en traditioneel zijn als maar kan.
Zijn antwoord op de vraag van een interviewer
of vrouwen in 2024 tot de priesterwijding toegelaten konden worden,
begon met een bot ‘nee’.
Hij kwam in de problemen toen hij in een openhartig gesprek
over de sfeer in sommige katholieke seminaries
een negatieve belediging uitsprak voor homo’s.
De naam die hij koos, Franciscus, naar de heilige van Assisi,
was meteen een heel programma.
Franciscus van Assisi stond immers ook voor de heropbouw van een vervallen kerk.
Ook bij het aantreden van de nieuwe paus verkeerde de Rooms-Katholieke Kerk
immers in stormachtig weer:
misbruikschandalen, gesjoemel in de bank van het Vaticaan
en misstanden in de Romeinse curie,
het ambtenarenapparaat van de kerk.
Paus Franciscus maakte meteen na zijn benoeming
meteen werk van de noodzakelijke hervormingen,
waarbij hij voortbouwde
op de fundamenten die Benedictus had gelegd.
Door gerichte benoemingen probeerde Franciscus
het Vaticaanse bestuursapparaat
doeltreffender en transparanter te maken.

Ook stond Franciscus voor een arme kerk
voor de armen,
voor barmhartigheid
voor armoede, nederigheid,
voor eenvoud, voor zorg voor de schepping,
en voor vrede en interreligieuze dialoog.
Zo ging Franciscus van Assisi in tijden van de kruistochten bijvoorbeeld
langs bij de sultan van Egypte.
Met dat voorbeeld in gedachten zou paus Franciscus
geregeld naar moslimlanden reizen,
en de broederlijkheid met moslims verdedigen.
En liefde voor de schepping
vertaalde zich dan weer
in een bijzondere aandacht voor ecologie.
Franciscus werd de eerste paus
die zo sterk de nadruk zou leggen op klimaatverandering.
Hij schreef met Laudato Si’ de eerste encycliek over de kwestie.
In 2020 schreef hij de sociale encycliek Fratelli tutti,
een geschreven I have a dream’.
Daarin tekende hij een wereld
– en wegen daar naartoe –
waarin vluchtelingen worden verwelkomd,
de doodstraf niet meer bestaat,
er geen oorlog meer wordt gevoerd,
het milieu voor de winst gaat,
de kloof tussen arm en rijk bijna verdwijnt
en mensen elkaar als broeders en zusters zien.
Hij dacht meer vanuit de mens dan vanuit de leer.
Meer dan zijn voorganger Benedictus XVI,
legde Franciscus de nadruk op
de praktische kant van het geloof.
Hij wilde de kerk van binnenuit hervormen
en de geestelijken en parochianen meenemen
op de weg van een belerende
naar een luisterende, gastvrije kerk.

Maar toch…
Te liberaal voor de conservatieve gelovigen,
en te traditioneel voor de liberale katholieken.
Franciscus was een paus met een duidelijk profiel:
sociaal progressief inzake onderwerpen
als armoede, ongelijkheid
en de zorg voor de schepping,
conservatief op het gebied van abortus en euthanasie.
Anders dan zijn voorgangers gaf hij ruimte aan vragen
rond celibaat en vrouwelijke ambtsdragers,
al veranderde de leer niet.
De taal en de stijl waren veranderd,
maar de kerk bleef vooral zoals ze was.

Wat tekende paus Franciscus dan precies?
Wat hij volgens mij leerde van de militaire machtsovername in de jaren zeventig,
was de prijs van idealisme, aan beide uiteinden van het politieke spectrum.
Hij was, naar mijn mening, een pragmaticus.
Geen academicus zoals zijn voorganger, paus Benedictus XVI,
en, in tegenstelling tot paus Johannes Paulus II,
was er geen duidelijk politiek doel
in de vorm van de uiteenvallende Sovjet-Unie.
Franciscus was paus in een veel complexere wereld,
die steeds meer een duidelijke morele basis miste
en het steeds moeilijker vond om te reageren
op enorme technologische en sociale veranderingen.
Toch deed hij wel een dappere poging
om het huidige obsessieve consumentisme
te agenderen,
bijvoorbeeld in zijn encycliek
Dilexit Nos uit 2024:

Om de liefde van Jezus tot uitdrukking te brengen
wordt vaak het symbool van het hart gebruikt.
Sommigen vragen zich af
of dit symbool nog steeds betekenisvol is.
Maar omdat wij geneigd zijn oppervlakkig
en snel te leven
zonder uiteindelijk te weten waarom,
en omdat wij geneigd zijn
onverzadigbare consumenten
en slaven van de raderwerken
van een markt te worden,
die geen belangstelling heeft
voor de zin van ons bestaan,
hebben wij er allen behoefte
er het belang van het hart
opnieuw te ontdekken.’

Franciscus zal bekend blijven staan om zijn pogingen
om in alles een evenwicht te vinden
om te pleiten voor verandering,
maar zich elders terug te trekken.
Hij was geliefd om dezelfde redenen
waarom hij fel bekritiseerd werd.
Zo gepolariseerd is onze tijd.