Kent u de liefde die onze Heer Jezus Christus heeft gegeven: hij was rijk, maar is omwille van u arm geworden opdat u door zijn armoede rijk zou worden.

Het leesrooster van de kloostergemeenschap uit Taizé in Frankrijk dat ik dagelijks probeer te volgen heeft vandaag een tekst de twee brief aan de gemeente in Korinte. Had ik het er gister over dat armoede het sleutelwoord was voor de evangelielezing op Kerstdag; ook in de lezing van vandaag komt deze armoede weer terug.  Maar nu kun je armoede ook anders opvatten dan in mijn column van gister. Een grondbetekenis van armoede is ellendig, uitlandig. Jezus verliet zijn rijk om naar onze wereld toe te komen om ons in zijn rijk uit te nodigen. Zo worden wij in een klap rijk door rijksgenoten van Christus te kunnen worden.

Als dat geen rijke boodschap is…

In die tijd kondigde keizer Augustus een decreet af dat alle inwoners van het rijk zich moesten laten inschrijven. Deze eerste volkstelling vond plaats tijdens het bewind van Quirinius over Syrië. Iedereen ging op weg om zich te laten inschrijven, ieder naar de plaats waar hij vandaan kwam. Jozef ging van de stad Nazaret in Galilea naar Judea, naar de stad van David die Betlehem heet, aangezien hij van David afstamde, om zich te laten inschrijven samen met Maria, zijn aanstaande vrouw, die zwanger was. Terwijl ze daar waren, brak de dag van haar bevalling aan, en ze bracht een zoon ter wereld, haar eerstgeborene. Ze wikkelde hem in een doek en legde hem in een voederbak, omdat er voor hen geen plaats was in het nachtverblijf van de stad. Niet ver daarvandaan brachten herders de nacht door in het veld, ze hielden de wacht bij hun kudde. Opeens stond er een engel van de Heer bij hen en werden ze omgeven door het stralende licht van de Heer, zodat ze hevig schrokken. De engel zei tegen hen: ‘Wees niet bang, want ik kom jullie goed nieuws brengen, dat het hele volk met grote vreugde zal vervullen: 11 vandaag is in de stad van David jullie redder geboren. Hij is de messias, de Heer. Dit zal voor jullie het teken zijn: jullie zullen een pasgeboren kind vinden dat in een doek gewikkeld in een voederbak ligt.’ En plotseling voegde zich bij de engel een groot hemels leger dat God prees met de woorden:
‘Eer aan God in de hoogste hemel
en vrede op aarde voor alle mensen die hij liefheeft.’
Toen de engelen waren teruggegaan naar de hemel, zeiden de herders tegen elkaar: ‘Laten we naar Betlehem gaan om met eigen ogen te zien wat er gebeurd is en wat de Heer ons bekend heeft gemaakt.’ Ze gingen meteen op weg, en troffen Maria aan en Jozef en het kind dat in de voederbak lag. Toen ze het kind zagen, vertelden ze wat hun over dat kind was gezegd. Allen die het hoorden stonden verbaasd over wat de herders tegen hen zeiden, maar Maria bewaarde al deze woorden in haar hart en bleef erover nadenken. De herders gingen terug, terwijl ze God loofden en prezen om alles wat ze gehoord en gezien hadden, precies zoals het hun was gezegd. Toen er acht dagen verstreken waren en hij besneden zou worden, kreeg hij de naam Jezus, die de engel had genoemd nog voordat hij in de schoot van zijn moeder was ontvangen.
Vanochtend hebben ik met een groepje vakgenoten de tekst uit Lucas 2 de verzen 1-21 behandeld zoals die op leesrooster staat voor Kerst. Hoewel het overbekende woorden zijn is het toch altijd vruchtbaar ‘de koppen bij elkaar te steken’ en misschien wat onderbelichte passages of woorden met elkaar te bespreken. Wat me van de bespreking van vanmorgen bij blijft is dat je het woord voederbak dat driemaal in deze tekst voorkomt kunt uitleggen als het symbool van armoede. Dit kun je uitleggen als symbool dat Jezus vanuit de hemel naar de aarde kwam, naar mensen zonder aanzien. Hij wilde zich verlagen vanuit de hemel naar de aarde. Het ging hem niet om pracht en praal en overconsumptie. Wel iets om te overwegen met Kerst waar voor veel mensen de overvloed op allerlei vlak centraal lijkt te staan.
Ook wij mogen deze woorden in ons hart, de plaats waar de kennis gezaaid wordt bewaren en overdenken…

We gaan weer richting eind december. De tijd van het kerstfeest ligt weer in het verschiet. Als je de radio aanzet hoor je veel van die typische zoete decemberplaten zoals bijvoorbeeld Do They know it’s Christmas van Band Aid. Het is ook een tijd van valse romantiek die als sneeuwdeken over de mensheid wordt uitgerold om alle problemen en al het geweld voor heel even te vergeten.

In het kader van die valse romantiek valt mij het volgende bericht op:

HEIDELBERG – De wereld is er volgens Duits onderzoek dit jaar een stukje vrediger op geworden. Het Heidelberger Institut für Internationale Konfliktforschung (HIIK) telde dinsdag wereldwijd zeven oorlogen. Vorig jaar waren het er nog negen. In totaal telden de wetenschappers in 2009 nog 31 zeer gewelddadige conflicten. Een jaar eerder waren dat er 39.

Niet alleen de commercie geeft ons de valse romantiek; ook een wetenschappelijk instituut lijkt nu zijn steentje bij te dragen. Toch nog een kleine relativering als je bericht verder leest

Wel is het totale aantal conflicten gestegen van 353 vorig jaar tot 365 dit jaar, maar het overgrote deel daarvan is niet (meer) gewelddadig of heeft slechts sporadisch met geweld te maken (gehad), aldus het onderzoek.

Ik ben benieuwd: zou het een kwestie van definiëren zijn wat ‘gewelddadig’ is en hoe zou het voor de mensen zijn die toch nog te maken hebben die afnemende gewelddadigheden in de conflicten waar zij zelf deel van uit maken?

Draaien we ons zelf een rad voor ogen. Onwillekeurig moet ik dan altijd terugdenken aan die uitspraak peace for our time (vrede voor onze dagen). Dit is een uitspraak van de Britse premier Neville Chamberlain die hij deed op 30 september 1938 toen hij terugkwam uit Duitsland waar net met Adolf Hitler het Münchner Abkommen was getekend. In dit verdrag was overeengekomen dat Duitsland Sudetenland mocht hebben om de honger naar Lebensraum te stillen. We weten hoe de geschiedenis verder is gegaan.

Maar gelukkig: voor de komende dagen wordt ons in Nederland sneeuw beloofd; iets te vroeg voor kerst misschien maar toch…

Vanochtend las ik het bericht dat het schouwspel aan de hemel waar sterrenkundigen op hadden gehoopt, is in de nacht van zondag op maandag uitgebleven. In ieder geval op het strand van Katwijk, waar men anderhalf uur in de kou stond te wachten op vallende sterren.

Gek; ik moest in eens denken aan kerst: het was toen bij de eerste viering net andersom, niemand had toen zo’n hemels schouwspel verwacht en toch kwam het er!

Het Reformatorisch Dagblad meldt dat de Humanistische Seculiere Society (AHA) deze Kerst in vijf grote Amerikaanse steden de advertentiecampagne ‘Godless Holiday’ start waarin een pleidooi wordt gevoerd voor een vakantie zonder God en godsdienst. Het is de eerste keer dat een dergelijke campagne zich afspeelt op nationaal niveau, meldt het Amerikaanse persbureau CNS. De advertentietekst luidt: ‘Geen God – geen probleem! Wees goed vanwege het goede. Humanisme is het idee dat je goed kunt zijn zonder geloof in God’. De hierbij afgebeelde mensen dragen een rood met witte muts, zoals de Kerstman.

Ach ja, ieder zijn of haar mening zou je kunnen zeggen. Niet teveel aandacht aan besteden, de belangstelling en de campagne staat binnen een paar weken weer bij het oud vuil. Ware het niet dat kortgeleden een spraak­makende evangelisatieactie van de Amerikaanse evangelist Ray Comfort en acteur Kirk Cameron tot heftige reacties heeft geleid. Beide creationisten hebben vorige week met 1200 christenen zo’n 170.000 exemplaren van The Origin of Species, 150th Anniversary Edition verspreid op honderd universiteiten in de VS en daarbuiten. Elk exemplaar bevat een inleiding waarin volgens de schrijvers de evolutietheorie van Charles Darwin wordt weerlegd. Ook op de universiteit van Oxford –waar de atheïst Richard Dawkins doceert– zijn duizend exemplaren verspreid. Dawkins vond de werkwijze van Comfort ‘respectloos’ en riep studenten op de inleiding eruit te scheuren. Op zijn site ontving Comfort vrij heftige reacties. Iemand schreef: ‘Werkelijk, ik haat Ray Comfort. Hij is zo respectloos. Ik haat hem, ik haat hem.’

Wat is dat toch met het atheïsme en de aanhangers daarvan? Ze mogen wat mij betreft een ander mening hebben, maar waarom moeten ze andermans meningen altijd zo aanvallen? Nu wordt er zelfs nog meegeholpen aan de verspreiding van hun ‘Woord’ en zet je daarin voor de altijd wetenschappelijk ingestelde lezers – u weet wel: Popper, falsificeerbaarheid – een voorwoord waarin wordt aangegeven dat je er ook nog anders over het een en ander kunt denken, is het weer niet goed…

Tenslotte: toch fijn dat rond Kerst de kerken weer vol zitten…