Vandaag een kort berichtje dat mijn aandacht trok:
Bezoekers van de Lutherkerk in Keulen moeten voor de dienst zaterdagavond door een naaktscanner. Dominee Hans Mörtter wil andersgelovigen opsporen en een ,,kettervrije” zone voor protestanten scheppen. Maar eigenlijk wil de geestelijke kort voor carnaval de “totale angstcultuur” op de korrel nemen, meldden Duitse media woensdag. De scanner is dan ook niet echt. Mörtter hoopt op begrip voor zijn ludieke actie onder het motto: “Yes, we scan!”
Ik moest meteen denken aan de ophef rondom de uitlatingen van de protestantse
dominee Hendrikse die niet gelooft dat God bestaat, maar wel in God gelooft. Hij beschouwt zichzelf als een gelovige atheïst. Inmiddels is een classicale procedure tegen zijn standpunt beëindigd en kregen veel mensen het idee dat de Protestantse Kerk in Nederland het gedachtegoed van Hendrikse legitimeert. Vandaag moest in een artikel in het Reformatorisch Dagblad de scriba van de generale synode van de Protestantse Kerk in Nederland, Arjan Plaisier dat idee van legitimering ontzenuwen. De standpunten van Hendrikse zijn niet van het gewicht zijn dat ze de fundamenten ondergraven. Die fundamenten blijven dus overeind. Het fundament van de kerk is God, Die Zich in Jezus Christus heeft geopenbaard. Niet ondergraven is nog wat anders dan dat ze passen bij deze fundamenten. De opvattingen van ds. Hendrikse geven aanleiding om over deze fundamenten opnieuw te spreken, ze al sprekend opnieuw te ontdekken, om zo opnieuw gesterkt te worden in de opdracht de drie-enige God te belijden zo stelt Plaisier. Hij meldt ook dat in het najaar over de opvattingen verder zal worden gesproken.
Waarom die angst voor de standpunten van Hendrikse? Een kerkgenootschap heeft toch wel een zelfregulerend vermogen om eventuele ongewenste opvattingen te neutraliseren?
Of toch maar een naaktscanner bij de kerkdeur installeren?


Zichtbaarheid, helderheid, raken en verbinden, maar ook heavy users (regelmatige kerkgangers worden aangeduid als ‘heavy-users’ en mensen die wat minder in de kerk komen als ‘medium-users’) , klantenpanel, corporate communicatie en pay-off.
. De secularisatie heeft de wortels van de kerkelijke boom inmiddels dusdanig aangevreten dat er flink gesnoeid moet worden in de kruin om ervoor te zorgen dat de boom niet omvalt.
die het dagelijks leven weer terugwerpen in die duistere tijd doortrokken van spruitjeslucht en van stille zondagen. Een tijd waarin het geluid van godsdiensten de stem van de redelijkheid overstemt.
Dit label geeft aan dat het papier gemaakt is van minimaal 50% pulp (hout) van FSC-gecertificeerde bron; de overige pulp bestaat uit gerecycled materiaal en/of hout uit FSC gecontroleerde bronnen. Volgens mij komt dit laatste label het meest voor.
En als laatste loot aan de stam van de ontpoldering wordt sterk nagedacht over het doorprikken van dijken om de Hedwigepolder in Zeeland onder water te zetten.
p zich is het beleggen van zo’n bijeenkomst een prijzenswaardig initiatief en de organisatie wil ik dan ook alle lof toezwaaien. Het lijkt me heel wat om in deze tijd allerlei computergeoriënteerde mensen bij elkaar te brengen voor een kerkdienst. Volgens het bericht wordt men in de Van Limmikhof verwacht. Het is ‘ Geen kerkgebouw, wel spiritueel. Het verbindt ons met de stad, de kunsten, en met jou.’ Spannend, dat meen ik van harte. De vraag die ik bij dit initiatief heb is deze: LinkedIn is een virtuele gemeenschap van mensen en soms van organisaties, die in de virtuele werkelijkheid een netwerk met elkaar vormen. Waarom dient er dan in real time een bijeenkomst belegd te worden? Zou het dan niet uitdagender zijn om mensen, van all over the world, op de digitale snelweg voor een kerkdienst bijeen te roepen? Nee, hoe dat zou moeten worden georganiseerd worden weet ik ook niet. Maar zou dat beter bij de kleur en het zijn passen van LinkedIn?
Wat is het geval: de vrijgemaakte Gereformeerde Kerk heeft een beperkt aantal Opwekkingsliederen vrijgegeven voor de gemeentezang. Omkleedt met allerlei argumenten is een zeer beperkt aantal van circa 70 liederen vrijgegeven. Wat me meestal behoorlijk irriteert in dit soort discussies, en nu wil ik het breder trekken dan deze actie in de vrijgemaakte kerk, is het vermeende onfeilbare gezag wat dit soort oekazes ademt. ‘Laten we oppassen want de liederen zijn niet in balans’ en open deuren als ‘wat zich heeft bewezen, beklijfd’. Zoals ik al schreef, deze houding is niet alleen maar toebehouden blijft aan de vrijgemaakte kerk. Ook in onze kerk kunnen ze er wat van. Menig musicus voelt zich mijlenver verheven boven de ‘te makkelijke deuntjes’ en de ‘eenzijdige’ visie van de Evangelische Liedbundel & Co. Ik denk dat iedere voorganger met mij uit ‘ervaring’ (oei, bijna een fout woord) kan zeggen dat hij of zij de zich meestal in de liederenkeuze beperkt tot het zingen van een aantal coupletten van een psalm of gezang die dan ook behoorlijk ‘eenzijdig’ kunnen zijn. En over het andere argument: wat zich heeft bewezen, beklijfd: hoe vaak maak ik niet mee dat liederen die in de ene gemeente uit volle borst worden meegezongen, in een andere gemeente niet herkend worden. Raakt een orde van dienst daardoor meteen uit balans? Ik vraag het me af!