Het is vandaag dan zover: BLACK FRIDAY!!!

Want ook in Nederland heeft het koopjescircus genaamd Black Friday
– overgewaaid uit de Verenigde Staten –
z’n weg gevonden naar de Nederlandse consument.
Gelukkig heeft de gekte zoals we die van bijna horrorachtige beelden uit Amerika kennen
hier nog niet zo’n omvang gekregen,
maar toch: al wekenlang wordt de Nederlander blootgesteld
aan de belofte van ongekende kortingen
op producten die je misschien helemaal niet nodig hebt.

Heb je bijvoorbeeld gemerkt hoe vaak je de afgelopen 24 uur
bent getarget of verleid door een Black Friday-marketingcampagne?
Naar schatting zien we dagelijks tussen de 50 en 400 advertenties
– op tv, billboards, online en, meer dan ooit, via sociale media.
Ik heb me nog nooit zo gezien en gekend gevoeld
door het Instagram-algoritme en velen van ons hebben meegemaakt
dat er items op onze feeds verschenen
waar we het nog maar een paar uur geleden met vrienden over hadden.
Is het mogelijk om zulke onophoudelijke en uitgebreide marketingplannen te weerstaan?
Het is heel moeilijk om niet het gevoel te hebben dat je,
als je niet snel in actie komt,
een aanbieding misloop die nóóit meer terugkomt.
Het is bijna alsof deze marketingmanagers wéten hoe je hersenen werken,
zelfs voordat je zelf online ga.
Maar zijn wij mensen echt zo transparant als dat?

De nieuwe documentaire van Netflix, Buy Now? The Shopping Conspiracy,
zegt van wel.
Het portretteert verschillende ex-insiders van ’s werelds grootste merken,
die de manipulatieve trucs blootleggen
die deze bedrijven gebruiken om ons meer te laten kopen,
en de mate waarin ons verlangen naar eindeloze consumptie
is gekweekt en gekapitaliseerd door een vooropgezet plan.

Het lijkt erop dat wij mensen, geëvolueerd en intelligent
als we onszelf graag geloven,
nog steeds feilbaar zijn om de dingen te dienen
die zijn ontworpen om ons te dienen.
En de gevolgen zijn verstrekkend.
Online winkelen heeft de consumentenervaring misschien wel ontmenselijkt,
maar we blijven verbonden met mensen over de hele wereld
door wereldwijde toeleveringsketens,
en het zijn individuen en gemeenschappen
voor wie het levensonderhoud het meest afhankelijk is
van de beschikbaarheid en kwaliteit van natuurlijke hulpbronnen,
en die het dichtst bij het land wonen,
die de schadelijke effecten van onze onophoudelijke koopgedragingen oogsten.

Want een bijkomend nadeel van ons ongebreideld koopgedrag
is dat gevaarlijk e-afval bijvoorbeeld
(waaronder weggegooide laptops, telefoons en tv’s)
jaarlijks met miljoenen tonnen toeneemt.
Illegaal giftig e-afval wordt over de hele wereld geëxporteerd
en op stortplaatsen gedumpt,
waar het giftige stoffen zoals kwik, zink en lood
in de lokale water- en bodemvoorraden vrijkomt.
Om ons zelf vrij te pleiten zien we ons als zulke kleine radertjes
in zo’n enorme, kapitalistische machine,
en zeggen we dat veel hiervan buiten het bereik
van ons menselijk handelen lijkt te liggen
en dat we er op individueel niveau toch niks aan kunnen doen.

Maar het heeft zeker waarde om als consument verstandig om te gaan
met onze uitgaven en bestedingen.
Terwijl we onderzoek doen om de beste Black Friday-deals te krijgen,
terwijl we de geldkraan dichtdraaien
en navigeren door wat voor velen
een langdurige en pijnlijke kostencrisis is geworden.
Het kan moeilijk zijn om Sinterklaas (en Kerst)
niet als een onvermijdelijk dure tijd van het jaar te laten voelen.

Misschien is er ook een kans om kleine, subversieve daden van verzet
tegen deze ontmenselijkende consumentencultuur op te starten.
Acties die onze menselijkheid en menselijke handelingsvrijheid terugwinnen
en die onze wereldwijde onderlinge verbondenheid erkennen.
Misschien kun je bijvoorbeeld de drang dezer dagen impulsief iets te kopen,
weerstaan door even weg te stappen van het scherm
om een kop koffie of thee te zetten of een wandeling buiten te maken,
voordat je op ‘Nu betalen‘ klikt.
Misschien kunnen we beter worden
in het vergelijken van de toeleveringsketens
en ethische merkbeoordelingen van bedrijven,
en zo onze bestedingen gebruiken
om die bedrijven te ondersteunen
die het beste bij onze waarden passen.
En laten we, wanneer we een aankoop doen,
even de tijd nemen om dankbaar te zijn
voor de dingen die we al hebben,
de items die we kopen en de mensen die ze hebben gemaakt.

Het christelijk geloof nodigt ons uit om opnieuw te kijken
naar hoe we ons geld en onze bezittingen zien
door de bril van rentmeesterschap.
Het is een onderschat principe in de context van vandaag.
Rentmeesterschap gaat verder dan alleen nadenken
over hoe we ons inkomen uitgeven,
naar de inherente verantwoordelijkheid
die we als mens hebben om voor de wereld om ons heen te zorgen,
erkennend dat de hulpbronnen van de aarde
niet degene zijn waar we recht op hebben,
maar geschenken zijn die het leven in stand houden.
Het principe van rentmeesterschap maakt het onmogelijk
om je achter een scherm te verschuilen
en de impact te negeren die onze uitgavenbeslissingen hebben
op mensen en gemeenschappen over de hele wereld,
hoe ver ze ook van ons leven af lijken te staan.
Het nodigt ons uit om ons geld en onze middelen te gebruiken
om te investeren in dingen die ons – en anderen –
goed zullen dienen, en vertelt de wereld
dat het ertoe doet dat we systemen uitdagen
die economische en ecologische onrechtvaardigheid in stand houden.

En als je dan toevallig die enorme aanbieding mist
tijdens een wandeling dit weekend,
duurt het in ieder geval minder dan een maand
voordat de uitverkoop in de januari op onze schermen verschijnt. 😉 

 

Laatst zat ik de lezen in een recente publicatie van paus Franciscus,

de encycliek ‘Laudato Si‘.

Wat moet een protestantse dominee nu met een pauselijke encycliek?

Ervan leren natuurlijk!

Dit boekje gaat namelijk niet over een punt

waar protestanten en katholieken veel verschillen.

Het gaat over de vraag hoe we met het milieu moeten omgaan.

Daar zegt de paus heel wijze dingen over.

Heel praktische dingen ook:

ik wilde zojuist de verwarming een tik geven

omdat ik het een beetje koud vond in huis,

maar op pauselijk advies

trok ik eerst maar eens een warm hemd aan…

Het mooie is dat paus Franciscus niet alleen de dingen zegt

waar iedereen het mee eens is,

zoals het belang van natuurbescherming

en het tegengaan van verspilling.

Hij peilt ook dieper.

Zo spreekt hij over de westerse landen (wij dus!)

die veel te veel energie en grondstoffen gebruiken.

Dan zegt hij niet alleen dat dat fout is,

hij wijst een onderliggende oorzaak aan.

Want, zo schrijft hij:

‘Hoe leger het hart van een persoon is,

des te meer behoefte heeft hij aan kopen, bezitten en consumeren’.

Met andere woorden, onder de milieuproblemen zit een moreel probleem.

Daarom zijn ze ten diepste niet op te lossen

met afspraken of nieuwe technologie.

Wat nodig is, is een heroriëntatie van onze maatschappij.

Een ‘vulling van het hart’!

Hoe je dat vind?

Hoe vul je het gat in je hart dat niet blijvend bevredigd wordt

door te shoppen of verre reizen te maken?

Alleen liefde vult een leeg hart.

Alleen liefde maakt een mens tevreden met minder.

En daarom zegt de paus zeer terecht:

onze maatschappij heeft het nodig te horen van die Ene,

die ons liefheeft als een vader.

Hij is te vinden!

Hij maakte deze mooie wereld,

Hij maakte ieder mens en vindt ook u van waarde.

Wie Hem kent heeft de diepste vrede.

Rust dan niet tot u Hem gevonden hebt.

Op 20 oktober 2013 is het Micha Zondag. Het thema is ‘Ik hoor jullie klacht’, geïnspireerd op Jakobus 5. Op Micha Zondag staan armoede en gerechtigheid centraal in duizenden kerken wereldwijd. In 2013 is er bijzondere aandacht voor armoede als gevolg van corruptie en uitbuiting. Bijbelboek Jakobus laat in hoofdstuk 5 zien dat dit onrecht niet ongezien blijft bij onze Heer. En dat betekent dat wij als volgelingen van die Heer ook niet werkeloos aan de zijlijn kunnen blijven staan en doof kunnen blijven voor de klacht die klinkt. ‘Doe mij recht’ is de klacht van de weduwe uit Lucas 18.  Michazondag 2013Het gedeelte sluit af met een vraag aan ons allen: ‘zal de Zoon des mensen, als Hij komt, wel het geloof op de aarde vinden?’ Daarmee wordt bedoeld dat er recht gedaan moet worden. Het is een harde vraag aan mensen die een wereld kunnen behandelen als iets waar ze tijdelijk gebruik van kunnen maken, maar waar ze uiteindelijk niet de verantwoordelijkheid voor willen dragen. De aarde, het milieu en andere mensen roepen voortdurend ‘doe mij recht!’ En wat is ons antwoord? De schepping die we in bruikleen hebben gekregen is niet van ons en juist christenen hebben de plicht die te onderhouden. We worden opgeroepen tot zorg voor onze naaste, onze naaste ‘recht te doen’. En dat betekent niet alleen maar onze menselijke naaste, maar de gehele schepping. ‘Heb uw naaste lief als uzelf’. Niemand van ons wil toch in een vergiftigde wereld leven? Dat gun je dan toch ook je naaste niet, je naaste van nu niet en je naaste in de toekomst niet. Toch?

De klacht wordt gehoord. Maar  wat doen wij ermee?

Kortgeleden las ik het bericht dat de Sint-Jan de Doperkerk in de Arnhemse wijk Klarendal Sint Jan de Doperkerk Arnhemverkocht is aan een stel ondernemers die het gebouw willen transformeren tot een memorarium. Een memorarium is volgens de initiatiefnemers een spirituele belevingsruimte en gedenkplaats in de breedste zin van het woord. In de Sint-Janskerk, die sinds september vorig jaar te koop stond, komen grafkelders, een urnenmuur, een crypte, gebeds- en gedenkruimtes en een hofje voor gestorven kinderen. Een memorarium kan ook worden gebruikt voor uitvaarten, herdenkingen, afscheidsbijeenkomsten en condoleance, zo denken de ondernemers.

Ik zat zo te denken: kunnen we, in het licht van bezuinigingen op ons sociaal stelsel die het kabinet momenteel voorstelt en effectueert, leegstaande kerken niet beter gebruiken als sanctuarium oftewel vrijplaats. Dat gebruik heeft enorm oude papieren waar in de Bijbel al vervolgde mensen een heiligdom in konden vluchten en daar veilig waren voor hun belagers. En ook in de (vroeg)christelijke tijd heeft de kerk lang zo’n functie gehad.

Zouden we in deze tijd kerken niet kunnen inrichten als vrijplaats voor mensen die door het sociale vangnet heen vallen en in het huidige gure sociale klimaat buiten staan? Ik denk dan bijvoorbeeld aan uitgeprocedeerde asielzoekers die Nederland moeten verlaten, die wel weg willen, maar niet kunnen. Ik denk dan aan mensen met psychische stoornissen die geen plaats meer kunnen vinden in instellingen. Ik denk aan heel veel andere mensen die om wat voor reden dan ook tussen wal en schip vallen of op de een of andere wijze zo ‘uitgekleed’ worden dat ze voor hun eigen bestaan moeten vrezen.

Immers de kerk is geen gebouw voor doden, maar voor levenden!

En eerlijk gezegd: zul je dan zien dat de kerken weer vollopen!

Vandaag is het  in Nederland de Dag van de Duurzaamheid. en daar hoort dit jaar de slogan ‘laat het zien op 10-10’ bij. Toen ik eerder over het onderwerp duurzaamheid en de zorgen over vervuiling van de aarde schreef kwam ik er achter dat er veel ambivalentie heerst over duurzaamheid. Ook onder christenen. In sommige commentaren werd deze ambivalentie onder christenen toegeschreven aan een apocalyptische instelling waarmee een aantal christenen behept is. Immers, zo wordt door deze christenen dan gezegd, de apocalyptische rampen die worden voorspeld als we niet meer verantwoord met de aarde omgaan brengen de wederkomst van Jezus Christus dichterbij. Nu weet ik dat in het verleden de klimaatproblemen door mensen die ons van die materie bewust wilden maken soms wat te pessimistisch is geschilderd en er soms flink gesjoemeld is met feiten en cijfers. Maar ontslaat dat ons dan van de plicht om de schepping waarin wij mogen leven dan niet zo optimaal mogelijk te onderhouden en door te geven aan de generaties na ons. Over het beheer van de schepping wordt ook en juist in de Bijbel ook op heel indringende wijze een beroep op de mens gedaan.‘Wanneer jullie eenmaal in het land zijn dat ik je zal geven, moet het land rust krijgen, een sabbatsrust gewijd aan de HEER. Zes jaar achtereen mogen jullie je land inzaaien, je wijngaard snoeien en de oogst binnenhalen. Maar het zevende jaar moeten jullie het land laten rusten.’ (Leviticus 25:2-4). De schepping die we in bruikleen hebben gekregen is niet van ons en juist christenen hebben de plicht die te onderhouden. Dat heeft niets te maken, of is in tegenspraak met welk apocalyptische visie dan ook. Simpel gezegd is het een uitwerking van het gebod ‘heb uw naaste lief als uzelf’. Niemand van ons wil toch in een vergiftigde wereld leven waar het een dagelijkse strijd is om aan de dagelijkse levensbehoeften te komen?  Dat gun je dan toch ook je naaste niet, je naaste van nu niet en je naaste in de toekomst niet. Toch?

Daarom: laat het zien op 10-10… en op 11-10, op 9-10, altijd maar weer!

‘Elk zevende jaar moet u algemene kwijtschelding verlenen.’ Dit is een tekst uit het boek Deuteronomium uit het Oude Testament. Het Schriftgedeelte uit hoofdstuk 15 handelt over het zogenaamde sabbatsjaar waarin een schuldeiser zijn schulden aan zijn schuldenaar moet kwijtschelden. In het gedeelte wordt ook aandacht besteed aan lenen. ‘Zou er in een van de steden in het land dat de HEER, uw God, u zal geven toch iemand uit uw eigen volk gebrek lijden, dan mag dat u niet koud laten. U mag uw hand niet op de zak houden, maar u moet diep in de buidel tasten en hem lenen zo veel als hij nodig heeft.’ staat er dan.

Mmh, ongemakkelijke tekst, zeker als er ook nog de nadruk op gelegd dat als iemand geld leent en je weet dat het jaar van de kwijtschelding er aankomt, je een vraag om een lening niet naast je neer moet leggen ook al weet je dat je het geleende niet terug zult krijgen.

Vanwege de huidige crises in Griekenland en Ierland en de verwachte crises in andere landen is het toch bijna de algemene mening dat we deze landen geen geld meer moeten lenen; immers, zij hebben er toch zelf een zootje van gemaakt!

Het idee lijkt ‘Wij zijn rijk, zij zijn arm en en de armen zijn zelf ook nog de oorzaak van hun armoede. Dus laat ze hun eigen problemen maar oplossen.

Onwillekeurig moet ik dan denken aan de uitspraak van Adam Smith, de grondlegger van het de moderne economie. Hij schreef: ‘de neiging om rijken en machtigen te aanbidden en de armen te verachten is de grootste oorzaak van de teloorgang van onze moraal. Rijkdom bewonderen en armoede verachten  en succes boven falen bewonderen is het grootste gevaar in de commerciële samenleving.’  Smith had het helaas maar al te goed door, zelfs voordat de moderne economie werkelijkheid werd kende hij de aangeboren neiging van een mens.

Deuteronomium wist het eeuwen eerder al: ook rijk zijn is een belasting

God zond niet naar onze gekwelde wereld

Technische bijstand

Gabriël met een groep experts

Hij zond geen voedsel

Ook geen  afgedankte kleren

Evenmin verstrekte Hij leningen

op lange termijn

Liever kwam Hij Zelf

Geboren in een stal

Hongerend in de woestijn

Naakt aan een kruis

En delend met ons

Werd Hij ons brood

En lijdend met ons

Werd Hij onze vreugde

Het is al weer een tijdje geleden dat ik op het bovenstaand gedicht van een onbekende dichter uit Hongkong stuitte. Voor mij verwoordt dit gedicht op een uitstekende manier  het gevoel dat ik heb met Kerst: aan de ene kant houd ik ontzettend veel van dat  overweldigende  gevoel van ‘peis en vreê’ dat dit feest omgeeft. Of zoals het lied ‘Eeuwige Kerst’ het eens zong:

Op eerste kerstdag zijn alle mensen vrienden
Op tweede kerstdag zijn grote mensen klein
Op derde kerstdag gaan alle deuren open
Kon het maar altijd kerstmis zijn
Op vierde kerstdag, dan gaan de wapens roesten
Op vijfde kerstdag bloeit graan in de woestijn
Op zesde kerstdag breekt overal de zon door
Kon het maar eeuwig kerstmis zijn

Waarom is er nog geen vrede
In een wereld waar door niemand
Honger, pijn of armoe wordt geleden

Tja, en dan is de kersttijd voorbij, de ballen zijn weer  opgeruimd op zolder en de boom  weer versnipperd tot compost en breekt weer de koude, harde werkelijkheid aan. Weg dat warme kerstgevoel. Over tot de orde van de dag. En daar zit voor mij die andere kant van Kerst. Want wat willen we: dat God alles goed zal maken, dat Hij met een stelletje knappe koppen zou komen om alles wat verkeerd gaat in de wereld goed te maken, dat wapens zomaar vanzelf gaan roesten? Dat we lekker kunnen uitbuiken van ons overvloedig kerstmaal en het verder allemaal wel goed zal komen?

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd   een kerk getroffen door een bom en van het daar aanwezige Christusbeeld werden de handen afgerukt.  Na de oorlog besloot het kerkbestuur het beeld niet te laten restaureren omdat het beeld zonder handen symbool stond voor het feit dat wij een taak hebben in de wereld ‘als de handen van Jezus’.

Jezus Christus kwam niet voor niets als klein kwetsbaar kind in deze wereld. Ook wij worden nu nog steeds opgeroepen om , aangestoken door Gods liefde, het Licht uit de dragen in de wereld.  Er voor te zorgen dat het kerstevangelie uitgedragen wordt in de wereld. Laat door ons handelen iets van dat Koninkrijk van God zoals bezongen in ‘Eeuwige Kerst’  werkelijkheid worden!

Ik wens een ieder gezegende feestdagen toe en dat we ook in het komend jaar ‘handen’ kunnen geven  aan de komst Gods Koninkrijk.

Het is vrijdag 18 december en het lijkt er op dat de Climate Change Conference geen doorslaand succes zal worden. Er zullen hoogstens wat vage beloftes worden gedaan die op de volgende conferentie in Mexico zullen worden behandeld. De vraag die nu kan worden gesteld: is dit erg. Ja, misschien aan de ene kant wel: het zou mooi zijn geweest als er goede zaken besloten waren en er nu echt mondiaal actie werd ondernomen om aan de slag te gaan met de klimaatproblemen. Maar… even eerlijk: waren de verwachtingen ook niet echt te hoog gespannen  en was de ballon ook niet te veel opgeblazen. Het blijkt dat allerlei globale economisch-politieke machinaties sterker zijn dan de wil om veranderingen in gang te zetten.

Maar er is ook nog een andere kant die je niet uit het oog moet verliezen: wat de uitslag van de klimaattop ook mag worden en hoe je ook tegen klimaatproblemen mag aan kijken, of je nu tot het ene kamp of het andere kamp behoort…

de conferentie legt de vinger wel bij het feit dat het ons mensen niet van de plicht ontslaat om verantwoord met de ons gegeven aarde om te gaan. Ook al lijkt het er soms op dat een eenmansactie geen resultaat heeft, toch kunnen heel veel kleine druppels op een gloeiende plaat die plaat doen afkoelen.

In mijn vorige column schreef ik over de christelijke notie tot de opdracht van het rentmeesterschap. Ik schreef dit naar aanleiding van de start van de Climate Change Conference van de Verenigde Naties in Kopenhagen en van het feit dat een aantal christenen zich niet veel zorgen maakt  over de klimaatcrisis.

Dat ik er vandaag nogmaals aandacht aan besteed heeft zijn oorzaak in het een artikel in het Reformatorisch Dagblad. Daarin betoogt dr. Buitelaar dat we door het alarm over het klimaat de Schepper buitenspel zetten. In het artikel komt verder geen enkel argument naar voren die deze ‘hoogmoed’ verder bewijst. Hij wijst alleen maar op het feit dat mensen die het klimaat trachten te veranderen of te beheersen zich hoogmoedig gedragen jegens God.

Maar als we ons zorgen maken over het klimaat en daarover willen vergaderen en maatregelen willen initiëren om beter om te gaan met de onze gegeven schepping heeft dat volgens meer te maken met rentmeesterschap dan met beheersing en hoogmoed…

Een tijdje geleden las  ik een artikeltje over het feit dat een aantal Amerikaanse christenen zich niet druk maakt over het klimaat en de op handen zijnde crisis. En zo hier ben aar hoor je dit soort geluiden ook wel onder Nederlandse christenen en zijn er mensen die vragen stellen of wij als christenen rondom de klimaatcrisis een steentje hebben bij te dragen. Eerlijk gezegd verbaasde me dit. Vanuit de Bijbelse notie van rentmeesterschap zou je je toch druk moeten maken over de aarde. Dat helemaal los van het feit of je het eens bent met de alarmerende berichten over opwarming van de aarde enzovoorts, zoals die tijdens de klimaattop in Kopenhagen in diverse media verschijnen.

Oké, er valt misschien heel wat af te dingen over de exacte gegevens die ons nu worden voorgeschoteld door een aantal wetenschappers, maar ook al zou onze aarde kerngezond zijn, dan ontslaat ons dat ook als christen niet van de opdracht, de taak van goed rentmeesterschap. De wereld is ons gegeven, niet in beheer maar als geleend goed, met de opdracht goed voor die aarde te zorgen.

In de Bijbel vind je dan geen concrete passages over hoe je omgaat met het klimaat. Het rentmeesterschap en het simpele feit dat deze wereld ons n bruikleen gegeven is, zegt mijns inziens al genoeg.

Genoeg om als christen stil te staan bij klimaatcrisis, kredietcrisis, of welke andere crisis of bedreiging van het geschapene ook en je daartoe te verhouden vanuit de centrale overtuiging: ‘Alles wat van mij is, is van jou’.

Dat is wat God tegen ons zegt.

En wat doen wij dan met dat cadeau?