We zijn doelgerichte wezens.
Altijd ergens op uit.
Geluk. Succes. Betekenis.
En als dat doel wordt geblokkeerd?
Dan knapt er iets.
Dan worden we moe,
cynisch, verbitterd.
Dat geldt voor gewone mensen.
Maar misschien nog wel sterker
voor mensen met een missie.
Activisten. Bewegingen. Revolutionairen.
Op papier vechten ze vóór iets groots:
vrijheid, recht, een beter klimaat, een zuivere samenleving.
Maar ergens onderweg
kan het zomaar kantelen.
Dan wordt de strijd vóór iets
een strijd tégen iemand.
Tegen de staat.
Tegen “het systeem”.
Tegen Israël. Tegen het Westen.
Tegen wie er maar tegenover hen staat.
En daar begint de ontsporing.
Want zodra je kompas
niet meer “het goede” is
maar “de vijand”,
verschuift alles.
Dan wordt vernederen belangrijker
dan verbeteren, veranderen.
Dan wordt winnen
belangrijker dan recht doen.
De geschiedenis kent genoeg voorbeelden.
Zoals de Rote Armee Fraktion,
die begon met het ideaal
van een rechtvaardiger Duitsland.
Maar onder leiding
van Andreas Baader werd het:
vernietig wat jou vernietigt.
Bevrijding maakte plaats
voor vergelding.
Of Hamas en PLO
waar je ziet
hoe een gezamenlijk doel
ontaardt in rivaliteit:
wie slaat harder toe?
Bij Hezbollah verschoof
ook de focus
van bevrijding
naar machtsbehoud.
Leuk al deze voorbeelden;
Maar laten we eerlijk zijn:
dit gaat niet alleen over hen.
Dit gaat ook over ons.
Paulus schrijft in Romeinen 12:2:
“Word niet gelijkvormig aan deze wereld,
maar word vernieuwd in uw denken.”
Dat is pijnlijk concreet.
Want de wereld denkt in kampen.
In wij en zij.
In terugpakken
wat je is aangedaan.
En als we niet oppassen,
denken wij precies zo.
Maar de Veertigdagentijd
is geen periode
van religieuze cosmetica.
Het is een mentale verbouwing.
Een vernieuwd denken.
Een ander kompas.
En dat andere kompas
hoor je in Romeinen 12:20-21:
“Als uw vijand honger heeft, geef hem te eten.
Als hij dorst heeft, geef hem te drinken.
Laat u niet overwinnen door het kwade,
maar overwin het kwade door het goede.”
Dat is geen zachte optie.
Dat is frontale botsing
met onze instincten.
Wij willen het kwade overwinnen
door sterker te zijn.
Sneller. Harder.
Maar Paulus zegt: pas op.
Het kwaad wil maar één ding:
dat jij gaat lijken
op wat je bestrijdt.
Wraak voelt krachtig.
Maar het (ver)vormt je.
Het maakt je voorspelbaar.
Het maakt je hard.
Vernieuwd denken is iets anders.
Dat vraagt dat je je trots inslikt.
Dat je niet automatisch terugslaat.
Dat je weigert
om je identiteit te bouwen
op je vijand.
Dat is geestelijke discipline.
Kijk naar leiders
die de cirkel van wraak
durfden doorbreken,
zoals Anwar Sadat, Menachem Begin
en Jimmy Carter.
Ze maakten geen makkelijke keuzes.
Maar ze kozen
voor doorbreken
in plaats van doorslaan.
Misschien is dat de echte toetssteen,
ook in jouw leven.
Niet:
heb je grote idealen?
Maar:
hoe reageer je als je wordt tegengewerkt?
Word je gelijkvormig aan de wereld?
Of wordt je denken vernieuwd?
God vraagt geen spectaculaire revolutie.
Hij vraagt een vernieuwd hart.
Niet: vernietig je vijand.
Maar: voed hem als hij honger heeft.
Niet: win de strijd.
Maar: overwin het kwade door het goede.
Dat is minder luid. Minder zichtbaar.
Maar het maakt de wereld lichter.
En het begint
— ongemakkelijk genoeg —
bij jezelf.

