Sommige mensen zullen dit nieuwsfeit opzienbarend en misschien zelfs vreugdevol vinden. De christelijk opgevoede zanger van heeft de weg terug naar de kerk gevonden? Helaas moet ik die mensen teleurstellen: het gaat om het opnemen van een nieuw nummer in een kerkgebouw.

Tsja, eerder schreef ik al een blog over de leegloop van kerken en de sloop of verkoop van kerkgebouwen. En vaak zie je dan dat onroerend goed zomaar ‘ontroerend’ goed kan worden in de zin dat wanneer een kerkgebouw wordt onttrokken aan de het beleggen van erediensten, dat allerlei emoties enorm gaan opspelen.

Toch zal dit proces de komende jaren doorzetten, zo wijzen cijfers dat ook uit. En misschien een geruststelling: het heeft niet alleen maar te maken met minder belangstelling voor het christelijk geloof. Dat bleek laatst uit een bericht van dominee Erica Hoebe uit Leidschendam. Zij stelt (in navolging van vele anderen) vast dat de jonge generatie best gelovig zijn, maar dat reguliere kerkdiensten niet het platform, de plaats zijn voor hun beleving van hun geloof. de jonge generatie gelovigen komt niet meer wekelijks naar de kerk. andere richtingenZe hebben weinig tijd over voor activiteiten, hun weekend is al zo vol, ze ervaren een drempel om naar de kerk te gaan. Maar ze hebben wel degelijk vragen. Ze hebben wel degelijk een geloof. Ze hebben wel degelijk behoefte aan contact zo houdt Hoebe ons voor. Ze werpt de vraag op of de kerkvorm moet wijzigen voor de jonge generatie. Het is nog pril zo vervolgt Hoebe maar er wordt gezocht naar andere vormen van gemeenschap. In plaats van of naast de zondagse eredienst. Deze nieuwe groep wordt in de gemeente van Hoebe met argusogen bekeken. Hoe goed de gesprekken die ik met ze voer inhoudelijk ook zijn, hoe oprecht hun geloof ook is; zoals een ouderling eens opmerkte: we zijn als kerk geen snackbar waar je wat van je gading uit de muur kunt halen om vervolgens weer te vertrekken. Voorzitter Peter Verhoeff van de PKN gaat hierin mee met Hoebe. Volgens hem is de huidige vorm van gemeenschapsbeleving te veel gekleurd door de Reformatie en het 19e eeuwse burgerlijke verenigingsdenken. De gedachte is nog te vaak: je bent lid en dan doe je mee. Of je bent geen lid, en dan hoor je er niet bij. Zo werkt dat niet meer in deze tijd.

De vraag is dus hoe de gemeenschap dan vorm moet krijgen. Als je geen gemeente meer bent rondom de eredienst, hoe dan wel? Volgens Hoebe is het antwoord te vinden in de Bijbel. Dat verbindt iedereen die contact zoekt met God. Dat Woord verbindt alle gemeenteleden en zoekers, of je nu regelmatig, weinig of niet naar de eredienst komt.

Ik onderschrijf een groot deel van de analyse van Hoebe, maar toch stel ik er ook een aantal vragen bij. Aan de ene kant stelt Hoebe dat de kerk niet een te hoog ‘snackbar’gehalte moet krijgen waar je af en toe komt en Nieuwe vormenwat voor jouw gading is uit het scala van aanbod neemt en voor de rest de kerkelijke samenkomsten links laat liggen. Aan de andere kant onderschrijft ze stelling van Verhoeff dat het 19e eeuwse verenigingsdenken zijn tijd heeft gehad. En die stelling haalt ze naar eigen zeggen uit de Bijbel. Want de Bijbel verbindt iedereen met elkaar en met God of je regelmatig, weinig of niet naar de eredienst komt.

Volgens mij wordt in de Bijbel ook duidelijk gesproken over juist de collectieve beleving van je geloof in samenkomsten. Zo kun j elkaar tot opbouw zijn, kun je werkelijk met elkaar meeleven. Valt die regelmatige ontmoeting weg, dan valt mijns inziens ook de beleving van het ‘kerkzijn’ weg. Wat dat  betreft zie je in christelijk Nederland twee kampen ontstaan: het kamp dat zegt dat de huidige kerkvorm zijn langste tijd gehad heeft en een tweede kamp dat zegt dat er zeker over verschillende vormen nagedacht moet worden, maar dat dit niet meteen betekent het einde van het huidige kerkmodel. En de eerlijkheid gebiedt mij ook te zeggen dat er ook een groep is die zegt dat er helemaal niet moet veranderen.

Zoals het misschien al duidelijk is: ik schaar mij in dat tweede kamp. Ik vind dat er zeker moet worden nagedacht over andere vormen van het beleggen van samenkomsten of contact- momenten en mogelijkheden voor mensen die de huidige kerkvorm niet zien zitten. Maar ik denk dat geloofsbeleving ook vraagt om een sociale component, een sociaal netwerk. De kerk maak je met zijn allen!

Zou het niet zo kunnen zijn dat het huidige individualisme en de individualistische (geloofs)beleving ook een hype is?

Het kerkbezoek vergroten door de inzet van Google? Het is iets wat steeds meer Amerikaanse kerken ontdekken. De wereldwijde zoekmachine op internet wijst via Google AdWords belangstellenden op hún kerk en dat werpt zijn vruchten af. En het mooie: het kost amper wat. Het Amerikaanse blad Leadership Journal schrijft over de ontwikkeling in de Verenigde Staten. Het kerkbezoek in de Radiant Church in Colorado Springs nam al jaren af. Tot Todd Hudnall aantrad als voorganger. Hij zag dat zijn nieuwe gemeente niet echt bij de tijd was als het ging om nieuwe media, zoals Internet. Dus formeerde hij een team dat de website van de kerk een opfrisser gaf en bekeek hoe Google gebruikt kan worden om reclame te maken voor de kerkelijke gemeente.

Nieuwe media worden daarin echter steeds belangrijker, zo merkte ook de kerk in Colorado Springs. Na twee jaar gebruik van Google AdWords is het aantal mensen dat voor de eerste keer in contact kwam via internet met de Radiant Church gestegen naar 25 procent.

Buiten de Verenigde Staten wordt ook al hevig geëxperimenteerd met ‘nieuwe’ media. Zeker binnen de Rooms-Katholieke kerk. paus benedictus XVIVandaag meldde het nieuws dat paus Benedictus in november waarschijnlijk uitkomt met een nieuwe cd. In Nederland hebben we ook al de twitterende rooms-katholieke priester Roderick Vonhögen die ons eveneens elke morgen vergast op zijn podcast. En we hoeven maar te zwijgen over de kaskrakers van The Priests en Cisterciënzer Monniken Van Stift Heiligenkreuz.

Nu ben ik benieuwd naar het protestantse volksdeel der natie. Wanneer zal bijvoorbeeld de Pds. Peter Verhoeffrotestantse Kerk in Nederland van zich laten horen? Een duet van  synodepreses Verhoeff (ds. Arenda Haasnootdie het echter niet zo heeft op de ‘nieuwe’ media, getuige zijn column in Kerkinformatie) met tweede voorzitter Haasnoot? Ik hou de media de komende tijd maar goed in de gaten… Voordat je het weet is het Sint-Nicolaas en Kerst en kunnen we ons te buiten gaan aan allerlei nieuwe cd-releases en misschien ook nog een dvd of een blu ray…

Sinds 19 juli is Nederland in het bezit van een ‘eerlijke kerk’ staat in een bericht: een protestantse wijkgemeente in Delft mag zich de eerste Nederlandse kerk noemen met het fairtrade keurmerkFairtrade, omdat ze veel eerlijke producten gebruikt of promoot.

Dan vind ik nou opmerkelijk nieuws: een filiaal van de christelijke kerk dat eindelijk voor het eerst in haar meer dan 2000 jaar bestaan dit keurmerk opgespeld krijgt. Volgens waren wij al eeuwenlang verkondigers van een eerlijke ‘weg’ (zoals je het Engelse trade ook kunt vertalen). Als aankomend  ‘makelaar in ongeziene waren’  zoals een dominee  door Constantijn Huygensz. wordt omschreven, ben ik mij al degelijk bewust van dit keurmerk, deze opdracht. Ik probeer vele ‘ongeziene’ eerlijke ‘producten’ te promoten en te gebruiken. 😮

Maar goed, fijn dat het rentmeesterschap van de kerk in deze vorm erkenning krijgt en ik hoop dat vele gemeentes zullen volgen. En wat mij persoonlijk betreft: ik hoop nog jarenlang deze eerlijke en ware ‘weg’ te promoten.

De invloed van reformator Johannes Calvijn op de Nederlandse volksaard wordt steeds minder, ook onder zijn laatste aanhangers, de protestanten. Dat blijkt uit het onderzoeksrapport Religie aan het begin van de 21ste eeuw van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). ‘De calvinistische leefstijl van sober leven en hard werken is vijfhonderd jaar na de geboorte van Calvijn nog maar in beperkte mate een onderscheidend kenmerk van protestanten , aldus het CBS. Ze zijn weliswaar minder zware rokers en drinkers dan katholieken en mensen zonder kerkelijke gezindte, maar ook onder protestanten daalt het kerkbezoek. ‘ slopen kerkHet heeft er mede toe bijgedragen dat calvinistische leefstijlen verder zijn verwaterd.’ meldde het Nederlands Dagblad vanochtend. (Aanvullende berichtgeving van het CBS meldde dat het kerkbezoek onder protestanten eigenlijk nauwelijks afneemt, dat in tegenstelling tot rooms-katholieken en bezoekers van de moskee.)

Uiteindelijk was dit geen verrassend nieuws. Als ik al simpel kijk in mijn eigen woonplaats waar in de afgelopen jaren al ettelijke kerkgebouwen hun deuren hebben moeten sluiten en in de komende jaren nog een aantal zal volgen kan ik alleen maar constateren dat het kerkbezoek daalt, of dat er in ieder geval minder inkomsten binnen komen. En natuurlijk, de calvinistische leefstijl die juist in de kerkdiensten de mensen wordt ingeprent zal dientengevolge ook minder in leven wordt gehouden. Misschien schrijf ik een onwelkome boodschap: in hoeverre ‘oogstten we niet wat we ooit gezaaid hebben’? Was onze boodschap voor de samenleving en voor de mensen binnen de kerk in het verleden altijd wel duidelijk? Joegen wij de mensen misschien niet de kerk uit door te ‘algemeen vrome praatjes’ die mensen ook buiten de kerk kunnen verkrijgen? Waarin wilden wij ons nog onderscheiden van de mensen om ons heen? Wilden wij nog uitkomen waar we voor staan? Zeiden we nog waar het op aankomt? Waren we écht nog anders dan anderen?

Natuurlijk, ik kan me in slaap laten sussen door een auteur als Dinesh d’Souza die in zijn boek Het christendom is zo gek nog niet mij vertelt dat hoewel het christendom in West-Europa krimpt, het in andere werelddelen juist een groei doormaakt, en dat het christendom zo’n beetje een elke ontwikkeling in het Westen aan de wieg heeft gestaan. En natuurlijk, je hoort tegenwoordig op geluiden dat sowieso allerlei georganiseerde verenigingsactiviteiten niet veel mensen meer kunnen trekken. En het is toch zo dat, hoewel mensen minder de kerk bezoeken, er duidelijk steeds meer belangstelling komt voor allerlei vormen van spiritualiteit. (Misschien is dit wat de filosoof Charles Taylor bedoelt met the immanent frame we al share)

Ik gebruikte bewust de woorden ‘ me in slaap laten sussen door’. Want ik denk dat als we ons door deze feiten laten leiden dan kunnen we in feite het christendom in het Westen vaarwel zeggen. Wat we dan krijgen is een soort multi religieus containergeloof waar een ieder het zijne of het hare naar eigen gelang uit kan halen. zoutIk ben ervan overtuigd dat het christendom in het Westen nog steeds een zeggingskracht heeft voor de hele maatschappij, dat uitdagend kan zijn, prikkelend, dat aantrekkingskracht heeft, maar bovenal maatschappijkritisch dient te zijn. Dat is ook wat ik heb proberen duidelijk te maken in mijn post over Calvijn en het calvinisme. Ik denk dat we ons niet hoeven neer te leggen bij de geest van de tijd. Misschien worden we marginaal, maar dat betekent niet dat we ons niet hoeven te onderscheiden. Laten we eerlijk zijn, het christendom is zo ook begonnen, als een kleine splintergroepering die door wat zij deed verbazing, soms zelfs afkeuring oogstte. En ja, wanneer dan de traditionele kerken moeten worden hervormd, misschien opnieuw uitgevonden, het zij zo. Wat 0p de eerste plaats moet staan is dat de kerk, de christenen, een zoutend zout moeten zijn dat reinigt, misschien zelfs soms bijt, maar een boodschap heeft die uniek is! En dat is meer dan een soort algemeen spiritueel gevoel.

NRC-correspondent Anil Ramdas gaat voor zijn serie Hemel en Aarde op bezoek bij allerlei religieuze groeperingen om de sfeer te proeven. In een van zijn stukken doet hij verslag van zijn bezoek aan een christelijke gemeenschap. Natuurlijk wordt zijn verslag met enig cynisme gebracht. Uiteindelijk doet hij ook verslag van een preek.Voorganger ‘Er is vandaag een gastspreker’, zo doet hij verslag, ‘die prompt begint over de kredietcrisis. Hij geeft voorbeelden van de ernst ervan. Hij vertelt over een oude vrouw in Amerika die haar hypotheek niet meer kon aflossen en toen de mannen aan de deur verschenen om haar uit te zetten, schoot ze zich met een revolver door de borst. De uitbundigheid is veranderd in grimmigheid, iedereen is nu muisstil en ik ben benieuwd hoe hij zo’n werelds gegeven als de kredietcrisis zal verbinden met het woord van God. De voorganger vertelt over een tolmeester in bijbelse tijden die zichzelf flink verrijkte en door iedereen werd gehaat. Maar hij kreeg tegen het eind van zijn leven wroeging, en toen hij hoorde dat Jezus naar zijn stad kwam, wilde hij hem zien. Jezus keek hem aan en zag zijn berouw. De tolmeester kreeg vergiffenis, waarop hij al zijn bezittingen verdeelde onder de armen en de benadeelden. Crisis opgelost. De voorganger besluit: “Obama zegt: yes we can. Maar alleen Jezus kan het.” Als Hij nu maar snel komt.’

Hoewel misschien een beetje karikaturaal gebracht wordt hier wel een achilleshiel van de kerk en de verkondiging in de kerk blootgelegd. Open je hart voor Jezus en alles komt goed! Ik vind dat een gevaarlijke binnenkerkelijke gedachte. Binnenkerkelijk omdat ik denk dat je vooral heel veel voorinformatie moet hebben om je een uitspraak als ‘aanvaard Jezus en je bent gered’ pas op waarde kunt schatten.  Voor buitenstaanders en misschien ook wel voor veel christenen is deze sprong te snel gemaakt. Je zit echt diep in de zorgen en hup alles komt goed. Dat gaat er niet zo maar in, denk ik. Wij gaan binnen de kerk zo vaak van allerlei vanzelfsprekendheden uit. Voor een krimpend aantal mensen zijn bepaalde uitspraken nog vanzelfsprekend. Maar voor een groeiend aantal mensen worden de woorden en gebruiken in de kerk zo vreemd gevonden, dat ze eerder afstoten dan aantrekken.  Laten we ons nog wel leiden door de tekst in de Bijbel dat het geloof in Christus voor anderen een dwaasheid is? Denkt iemand echt nog dat het zingen, de woordverkondiging in de kerk en al die vreemde gebruiken en kleding juist niet veel buitenstaanders in verwarring brengen? Niet dat alles anders moet, want volgens mij blijft het sowieso raar…

Niet dat wij nu maar het (missionaire) bijltje er bij neer moeten gooien, maar laten we proberen die communicatie tussen ons en de mensen buiten de kerk op een goede wijze aanpakken. Niet met allerlei hoogdravende uitspraken komen, maar er gewoon eerst eens voor de ander te zijn.


getuige_tekst

Het volume van de luidsprekers van de moskeeën in Marokko was te luid, zo liet de minister van sociale en familiezaken Nouzha Skalli enkele maanden geleden in de ministerraad weten. Vooral de oproep voor het gebed van de dageraad, ergens rond een of vier in de vroege ochtend, leek steeds luidruchtiger vanaf de minaretten getoeterd te worden en duurde bovendien steeds langer. Slecht voor de nachtrust van de kinderen en ook slecht voor het toerisme. Werd het niet tijd de zaak wat terug te brengen, zo vroeg de minister zich af. De woedende reacties vanuit de moskee lieten niet lang op zich wachtten. In Casablanca sprak een imam bij het vrijdaggebed de hoop uit dat God de minister zou treffen met een verlammende hersenbloeding. Andere voorgangers spraken van een aanval op de islam en noemden Skalli, voormalig communist een fervent feministe, onwaardig als minister van een moslimland.

Dit was een deel van een artikel in de NRC van afgelopen zaterdag. Ongemerkt moest ik even terugdenken aan een soortgelijk bericht in Nederland

De klokken van de Heilige Margarita Mariakerk in Tilburg hebben donderdagochtend opnieuw te veel lawaai gemaakt. Het gebeier is inzet van een felle strijd tussen de kerk, omwonenden en het Tilburgse gemeentebestuur.

Was het nieuws van de nieuwssite nu.nl op 23 augustus 2007. Dit was de zoveelste episode in een langlopend conflict in Tilburg. Het was zelfs zo in het nieuws dat het de Drentse liedjesschrijver en zanger Daniël Lohues inspireerde tot het lied Hij wul de klokken laoten luuden.

Een gedeelte van de tekst

Hij wul de klokken loaten luuden / De bellen loaten heuren / Hij wet de boel löp leeg / Mar dat zal hum nie gebeurn / Hij wul de klokken luuden / Juust in dizze tied / Hij wul de redding van zien redder en verder Animo is weg / de tied is anders / De magie is vervleugen / Het heilige verlegd / En op tv zetten ze ‘m best wel veur schut / ’n pastoor die echt nog denkt / dat God de gene is / die ’n taofel dekt vol vrede / En daorbij ook nog liefde schenkt

Van de cd Allenig II (2008)

En gij zult mijn getuigen zijn staat in het Bijbelboek Handelingen.  In feite wordt de christelijke kerk en de christenen opgeroepen tot presentie in de samenleving waar je in leeft. Ja, ik denk dat het heilige is verlegd maar dat we als christenen op zoek moeten gaan naar mogelijkheden om het koninkrijk van God present te laten zijn in deze wereld. Dat zijn misschien bedreigingen voor het traditioneel christendom, maar geen onmogelijkheden. Ik denk dat het christendom ook zijn waarde heeft voor een postmoderne tijd. Boeken als ploeteren & pionieren laten daar voorbeelden van zien. Juist door het doen van het christenzijn kan de mens laten zien dat God een God is die een tafel vol vrede en daarbij ook nog liefde schenkt. Boeken als het eerder genoemde ploeteren en pionieren van Van Loo en Vellekoop en Van de kaart van BoeleYtsma geven daar handvatten voor; ook voor het traditionele christendom.

Getuigen, toog, uitgetogen? Nee, ik ben ervan overtuigd dat het christendom ook in deze postmoderne tijd een boodschap heeft voor de wereld. Ik hoop hier in de toekomst nog verder over door te denken.

Via de verschillende netwerksites wordt ik uitgenodigd voor de eerste LinkedInChurch-bijeenkomst. Olinkedinchurch_logo_biggerp zich is het beleggen van zo’n bijeenkomst een prijzenswaardig initiatief en de organisatie wil ik dan ook alle lof toezwaaien.  Het lijkt me heel wat om in deze tijd allerlei computergeoriënteerde mensen bij elkaar te brengen voor een kerkdienst.  Volgens het bericht wordt men in de Van Limmikhof verwacht. Het is ‘ Geen kerkgebouw, wel spiritueel. Het verbindt ons met de stad, de kunsten, en met jou.’ Spannend, dat meen ik van harte. De vraag die ik bij dit initiatief heb is deze: LinkedIn is een virtuele gemeenschap van mensen en soms van organisaties, die in de virtuele werkelijkheid een netwerk met elkaar vormen. Waarom dient er dan in real time een bijeenkomst belegd te worden?  Zou het dan niet uitdagender zijn om mensen, van all over the world, op de digitale snelweg voor een kerkdienst bijeen te roepen? Nee, hoe dat zou moeten worden georganiseerd worden weet ik ook niet. Maar zou dat beter bij de kleur en het zijn passen van LinkedIn?

In een gebouw van steen wordt nu een www-gemeenschap verwacht. En men verwacht ook een invulling vanuit andere religieuze tradities. Waarom heet het dan nog kerkdienst. Volgens Van Dale is een kerkdienst ‘een dienst in een gebouw voor christelijke godsdienstoefening’. Ik zie dus op het eerste gezicht twee beperkingen: de bijeenkomst voor een virtuele gemeenschap wordt in real time georganiseerd, en ten tweede: het heet een ‘kerk’dienst.Beperkt dat niet het geheel?

Een prijzenswaardig initiatief, zeker; maar zou het geheel niet op de digitale snelweg moeten plaatsvinden onder de noemer van, bijvoorbeeld http://www.spiritualLinkedIn.org?