Wat is groot in de wereldpolitiek? Blijkbaar: lawaai. Raketlanceringen. Spoeddebatten. Talkshows waarin we vanuit Hilversum even de wereld herschikken.
We leven in een tijd waarin iedereen een grootmacht wil zijn. Zelfs landen die dat allang niet meer zijn. En opiniemakers al helemaal. In Nederland denken we soms dat een stevig opiniestuk hetzelfde is als geopolitieke slagkracht. We “eisen” een staakt-het-vuren. We “veroordelen” grootmachten. We “roepen op” tot onderhandelingen. Alsof Poetin of Trump wakker liggen van een moreel verontwaardigde column uit Nederland.
Maar grote principes kun je pas uitdragen als je de macht hebt om ze af te dwingen. Morele taal zonder macht is lucht. En macht zonder ordenend principe is pure intimidatie.
Kijk naar de wereld nu. Rusland probeert de grenzen met geweld te herschrijven en noemt dat geschiedenis. Amerika laveert tussen spierballen en vermoeidheid. Iedereen wil laten zien: wij zijn groot. Maar wat is dat eigenlijk, groot?
Is het veel wapens hebben? Is het ze ook gebruiken? Is het één jaar oorlog volhouden? Twee? En als je daarna door je munitie heen bent en je economie kraakt, ben je dan nog steeds een grootmacht? Of gewoon een rijk met ‘imperial overstretch’?
We zijn verwend geraakt door een uitzonderlijke periode waarin macht en orde min of meer samenvielen. NAVO als militair schild. EU als economische ordeningsmacht. De VN als moreel decor. Dat leek normaal. Maar dat was het niet. Het was een historisch geluksmoment.
Nu brokkelt het af. En in dat vacuüm grijpen leiders naar grootse verhalen. ‘Heilige missies’. ‘Beschavingsstrijd’. Rijken die hersteld moeten worden. Het individu? Collateral damage. Mensenrechten? Westers sausje. Nee, het gaat om lotsbestemming.
En wij? Wij roepen vanaf de zijlijn dat het anders moet.
Misschien moeten we eerst in de spiegel kijken van de lofzang van Maria uit de Bijbel. Geen zoetsappig kerstlied, maar een politiek explosief gedicht. “Heersers stoot Hij van hun troon, eenvoudigen verheft Hij.” Machtigen worden ontmaskerd. Rijken met lege handen weggestuurd.
Dat is geen romantiek. Dat is een waarschuwing.
Want Maria’s lied is een spiegel voor elke grootmacht. Wie zichzelf verheft, wordt uiteindelijk neergehaald. Wie denkt geschiedenis met geweld te kunnen bezegelen, overschat zichzelf. Hybris heet dat. En hybris komt altijd met een rekening.
Maar het is óók een spiegel voor kleine landen met grote woorden. Want Maria zingt niet: “Zalig zij die veel tweeten.” Ze zingt over omkering. Over verantwoordelijkheid. Over trouw aan iets dat groter is dan je eigen statusdrang.
Met grote macht komt grote verantwoordelijkheid. Maar het omgekeerde is net zo waar: zonder echte macht is grootspraak goedkoop.
De wereldorde wankelt. Grote mogendheden voelen zich kleiner. Kleine landen gebruiken hele grote woorden. Dat maakt het gevaarlijk. Want wie zich miskend voelt, gaat schreeuwen. En wie schreeuwt, luistert niet.
Misschien begint wijsheid niet met nóg een ferme veroordeling. Maar met nuchterheid. Met het serieus nemen van leiders die hun geschiedenis met bloed willen schrijven. Met beseffen dat morele verontwaardiging geen afschrikking is.
Maria’s lofzang leert ons dit: grootheid wordt niet bepaald door wie het hardst slaat, maar door wie recht doet. En elke macht die dat vergeet, hoe imposant ook, staat al wankel.
Dat is geen vrome gedachte. Dat is historische wetmatigheid.
We hebben het christendom al zo vaak begraven dat de begrafenisondernemer er moedeloos van moet worden. In talkshows, in opiniestukken, op universiteiten: het was klaar, passé, iets voor oma’s met hoedjes en dorpskerken die naar vocht ruiken. Zeker in het Westen zou het geloof z’n langste tijd gehad hebben. De Verlichting had gewonnen, Netflix had het met plat entertainment overgenomen.
En toen gebeurde er iets ongemakkelijks.
Terwijl wij zelfverzekerd concludeerden dat God met pensioen was gestuurd, begonnen jongeren zonder kerkelijke bagage – zonder de kramp van oude ruzies – opnieuw vragen te stellen. Geen cynische vragen, maar existentiële. Wie ben ik? Wat doe ik hier? Is er méér dan dit algoritme dat mij beter kent dan mijn moeder? Ze lopen niet massaal in ganzenpas de kathedralen binnen, maar ze kloppen wel aan. Openminded. Nieuwsgierig. Soms zelfs geestelijk hongerig.
En kijk naar onze schermen. House of David,Mary, The Chosen; met honderden miljoenen kijkers wereldwijd. In een oververhitte streamingmarkt, waar elke seconde aandacht geld is, blijken Bijbelse verhalen ineens geen stoffige relieken maar winstgevende titels. Het christelijke entertainment is, zo kopte een artikel, ‘opgestaan’. Ironischer wordt het niet.
Begrijp me goed: het is niet allemaal goud wat er blinkt. Sommige producties zijn houterig, braaf, esthetisch armoedig. Alsof vroomheid automatisch gelijkstaat aan middelmatigheid. En ja, we herinneren ons nog Mel Gibsons bloederige The Passion of the Christ uit 2004 dat bij velen vooral misselijkheid opriep.
Dit is geen triomftocht met wierook en gejuich.
Maar de vraag dringt zich op: waarom nu? Waarom deze toename?
Misschien omdat de wereld donkerder voelt dan we willen toegeven. Niet objectief per se want statistieken zijn grillig, maar existentieel. Het nieuws is een eindeloze stoet van crises. Oorlog. Polarisatie. Klimaatangst. Economische onzekerheid. Zoveel mensen zijn afgehaakt, niet uit onverschilligheid maar uit zelfbescherming. Nog één pushbericht en je zakt door je hoeven.
In zo’n klimaat klinkt de zin van een studiobaas bijna profetisch: mensen willen iets kijken dat ‘het geloof herstelt’. Dat is geen marketingtruc. Dat is een noodkreet.
Christelijke verhalen – wanneer ze goed verteld worden – bieden geen suikerlaagje over de realiteit. Ze tonen verraad, geweld, schaamte, dood. Maar ze durven ook iets wat wij verleerd zijn: een verlossend einde denken. Vergeving boven wraak. Nederigheid boven trots. Wonden die genezen. Licht dat niet wordt opgeslokt door duisternis. Zelfs de dood die niet het laatste woord heeft.
Misschien verlangen we daar niet naar omdat we zo religieus zijn, maar omdat we zo moe zijn.
Laatst vertelde een jonge moeder mij, met trillende stem, dat zij en haar man weer naar de kerk gingen. Niet uit traditie. Niet uit overtuiging. Maar omdat ze net een baby hadden gekregen en het leven hen overspoelde. ‘We weten niet of we het gaan redden,’ zei ze. ‘maar we hebben iets nodig om op te hopen.’
Dat is het.
Hoop is geen luxeartikel voor optimisten. Het is zuurstof voor mensen op een slagveld van verantwoordelijkheden, verwachtingen en angsten. We proberen allemaal te overleven in een wereld die tegelijk schitterend en meedogenloos is. De oude vraag blijft: hoe kunnen we hier niet alleen bestaan, maar ook bloeien?
Misschien is het momentum van christelijk entertainment geen cultureel ongelukje, maar een spiegel. Een teken dat onder onze cynische buitenlaag een koppig verlangen leeft. Naar betekenis. Naar vertrouwen. Naar een God die niet is weggevaagd door onze scepsis.
We hebben Netflix misschien niet nodig om te overleven.
Maar verhalen van geloof en hoop? Die wel. Zonder die verhalen redden we het niet. Met hen – hoe gebrekkig ook verteld – durven we tenminste te geloven dat het licht nog steeds sterker is dan het donker.
Het is een onwaarschijnlijke basis voor succes: een serie die zich afspeelt in een vergeten uithoek van het sterrenstelsel, En toch heeft de serieAndor brede lovende kritieken en waardering van fans gekregen. Deze Disney+-serie is de eerste echte Star Wars-content voor volwassenen geworden.
Andor onderscheidt zich daarin dat zij verhaal biedt met rijke thema’s die direct tot het publiek van vandaag spreken:
De serie volgt een aantal elkaar kruisende karakters. Hoewel de serie vernoemd is naar Cassian Andor een gedesillusioneerde smokkelaar die zich bij de Rebel Alliance heeft aangesloten, is het verhaal veel groter dan één man.
Terwijl het Keizerrijk (Empire) zijn greep verstevigt – zowel openlijk door militaire macht en brutaliteit, als in de schaduw met een breed scala aan spionnen, surveillance en een steeds groter wordend inlichtingennetwerk – wordt de noodzaak tot verzet op elk niveau urgent. Degenen die een stem hebben, moeten zich laten horen zolang er nog een schijn van democratie en vrijheid van meningsuiting is. Er is geld nodig om een opstand te financieren en voetsoldaten uit alle lagen van de bevolking moeten worden gevonden en voorbereid om op te staan en het systematische onrecht en de toenemende imperialistische onderdrukking te bestrijden.
Aan de ene kant bevindt zich de geadopteerde Cassian Andor. Hij is gevormd door zijn vroege ervaringen met armoede en onderdrukking. Die wekken iets van verzet tegen het bestaande systeem in hem op. Aan de andere kant van het spectrum staat Mon Mothma, geboren in een bevoorrechte positie. Zij heeft politieke invloed. Haar verhaallijn draait om een moreel kruispunt: of ze haar status, haar rijkdom en haar veiligheid op het spel zet om het verzet vanuit de machtscentra te steunen.
De boodschap van deze film is relevanter dan ooit. In een tijdperk dat gekenmerkt wordt door toenemend autoritarisme, desinformatie en toenemende politieke polarisatie, benadrukt de serie dat tirannie op elk niveau moet worden bestreden. Het herinnert ons eraan dat democratische instellingen fragiel zijn en dat zwijgen in het aangezicht van onrecht onderdrukking ongecontroleerd laat groeien. Of het nu gaat om de strijd tegen despotisch leiderschap, de uitholling van de vrijheid van meningsuiting of systematische ongelijkheid, Andor suggereert dat de last van verzet niet alleen op de schouders van een kleine groep helden kan rusten. Het vereist dat mensen op elk niveau van de samenleving met moed, integriteit en doelgerichtheid handelen voordat het te laat is.
Want een belangrijke verhaallijn in Andor is hoe het Keizerrijk een morele rechtvaardiging voor zijn daden construeert via door de staat gecontroleerde, propagandistische media. Goede mensen kunnen gemanipuleerd worden en de waarheid kan verdraaid worden. In realtime zien we spindoctors de wreedheid die zich om hen heen afspeelt ontkennen of herformuleren – zelfs terwijl het Keizerrijk een vreedzaam protest met geweld neerslaat.
In de film worden alle mogelijke middelen gebruikt om de wereld te creëren om parallellen te trekken met zowel historische als hedendaagse onrechtvaardigheden. Zo wekken de kostuums van de hoogste leiding van het Keizerrijk en de agenten van het Imperial Security Bureau (ISB) griezelige gelijkenissen met Gestapo-uniformen. De verzetsstrijders daarentegen lijken zo van de set van Les Misérables te zijn gestapt, een echo van de Juni-opstand van 1832.
Het is moeilijk om dit niet te zien als een kritiek op hoe moderne nieuwsmedia wereldwijde conflicten – zoals de oorlog in Israël en Gaza – kaderen en hervertellen om hun publiek te behagen en te vormen. Deze agendagedreven berichtgeving verdraait feiten en maakt kijkers ongevoelig, vaak ten koste van degenen die ter plaatse lijden. De medeplichtigheid van de pers aan desinformatie en het faciliteren of rechtvaardigen van wreedheden draagt zelfs vandaag de dag nog bij aan aanhoudende humanitaire crises in landen zoals Soedan en Gaza.
In een zogenaamd post-waarheidstijdperk herinnert Andor ons eraan dat waarheid er nog steeds toe doet. De serie houdt een spiegel voor aan onze mediaverzadigde wereld en laat zien hoe verontwaardiging wordt gefabriceerd, verhalen worden gecontroleerd en de realiteit vaak wordt gespind door selectieve verhalen. Het daagt ons uit om na te denken over de betrouwbaarheid van het nieuws dat we consumeren – en over onze eigen rol in het in twijfel trekken of accepteren van de verhalen die ons worden verteld.
Een van de meest fascinerende aspecten van Andor is de weergave van parallelle levens aan beide kanten van het conflict. Hoewel een groot deel van de actie Cassians transformatie van smokkelaar tot onwillige agent tot belangrijke rebellenleider volgt, zijn we ook getuige van de opkomst van Dedra Meero – een gedreven, ambitieuze surveillanceofficier binnen de ISB, de inlichtingendienst van het Keizerrijk.
Dedra begint als een underdog die vecht tegen seksisme op de werkvloer in een door mannen gedomineerde bureaucratie. Maar naarmate haar carrière vordert, neemt ook haar vermogen tot wreedheid toe. Ze wordt een van de meest meedogenloze handhavers van het Keizerrijk, bereid om alles en iedereen op te offeren in haar meedogenloze jacht op rebellenagenten. Haar verhaal is een huiveringwekkende herinnering aan hoe autoritaire systemen efficiëntie en ijver belonen, ongeacht de morele prijs. Ironisch genoeg zou haar vastberadenheid de rebellie uiteindelijk kunnen helpen – haar roekeloosheid onthult mogelijk geheimen over de Death Star.
Door de hele serie heen zien we vergelijkbare tactieken aan beide kanten: surveillance, verraad, opoffering. Het enige verschil is de bredere verhaallijn die uiteindelijk de zaak van de opstand rechtvaardigt. Maar door complexe, geloofwaardige antagonisten zoals Dedra op te bouwen, laat Andor ons de banaliteit van het kwaad zien – hoe gewone mensen, ervan overtuigd dat ze het juiste doen, instrumenten van onderdrukking kunnen worden.
De vraag die de serie ons voorlegt, is huiveringwekkend simpel: aan welke kant sta jij in een wereld die afglijdt naar toenemende onrechtvaardigheid?
The Old Chapel at Rame Head in Cornwall (één van de filmlocaties van Het Zoutpad)
De waarheid achter het boek en de feelgoodfilm van de zomer 2025 The Salt Path (Het Zoutpad) werd kortgeleden in twijfel getrokken. Waarschijnlijk ook gedreven door de komkommertijd, was het verhaal niet uit de media te slaan. Er rezen serieuze vragen over de eerlijkheid van The Salt Path. Kritiek op het verhaal van Raynor Winn over haar wandeling langs de kust van het zuidwesten samen met haar zieke echtgenoot Moth, was de afgelopen tijd zeer fel. Onderzoeken die de echte namen van het duo, hun financiële geschiedenis en de medische onwaarschijnlijkheid van de omkeer in Moths degeneratieve aandoening – zoals beschreven in het boek – onthulden, brachten duizenden lezers tot woede en teleurstelling over het feit dat ze bedrogen waren. Maar erin trappen en ervan leren hoort bij het mens-zijn: een les in hoe je verstandiger kunt vertrouwen, in plaats van helemaal niet te vertrouwen.
Dit soort reacties nodigen ons ook uit om te verklaren hoe sommige van de twee miljoen lezers van The Salt Path het verraad dat sommige voelden. Zij investeerden emotie en empathie in het opbeurende verhaal van een door nood getroffen stel dat troost vindt in de natuur. Want de identificatie met het doorsnee duo op middelbare leeftijd in de verhalen en de overtuiging dat een lange tocht door het zuidwesten een wondermiddel is tegen dakloosheid, financiële problemen en een degeneratieve medische aandoening, maakt de voormalige fans van The Salt Path niet zielig, maar juist prachtig menselijk.
De reputatie van auteur Raynor Winn ligt aan flarden, verscheurd door de onthullingen die aan het licht zijn gekomen door meedogenloze onderzoeksjournalistiek.
Het hartverwarmende verhaal over hoe een stel te maken krijgt met financiële ondergang, dakloosheid en een terminale ziekte tijdens een wandeling over het South West Coast Path, is een inspiratiebron geweest voor velen die het boek hebben gelezen of de film hebben gezien, of allebei. Het verhaal werkt omdat het ons een leven laat zien dat we kennen, de levens die we leiden.
Maar nu moet het in een heel ander licht worden gezien.
Zeker, het artikel onder de kop in The Observer was grondig onderzocht, zorgvuldig opgebouwd en compromisloos in de beweringen die de ontdekkingen, observaties en commentaren op het verhaal impliceerden.
‘… niet haar echte naam
‘… ze was een dief… verduisterde het geld’
‘… gearresteerd en verhoord door de politie’
‘… vijf vonnissen van de rechtbank’
‘… ze bezaten land in Frankrijk’
‘… negen neurologen… waren sceptisch’
Punt voor punt wordt het verhaal achter Het Zoutpad uit elkaar gehaald.
Ten eerste zijn Raynor en Moth Winn niet de ‘echte’ namen van Sally en Tim Walker.
Ten tweede onthulde The Observer dat het echtpaar financiële problemen had om andere redenen dan de mislukte zakelijke investering die ze beweerden te hebben. Als parttime boekhouder voor een makelaar en taxateur werd Sally ervan beschuldigd £64.000 van de rekeningen van het bedrijf te hebben weggesluisd. Hierover werd gemeld dat ze door de politie was gearresteerd en verhoord.
Ten derde waren het de oplopende schulden die ze hadden door de schikking met haar voormalige werkgever, naast andere schulden, die er feitelijk toe leidden dat hun huis in beslag werd genomen en ze dakloos werden. Dus niet de mislukte zakelijke investering.
Ten vierde waren ze niet echt dakloos, aangezien ze een woning bezaten in Frankrijk, in de buurt van Bordeaux. Hoewel deze in vervallen staat en onbewoonbaar was, hadden ze eerder ter plaatse in een caravan gewoond.
En dan ten slotte, in een onthulling die de kern van het verhaal van hun gezamenlijke reis ondermijnde, merkten medische experts op dat het uiterst twijfelachtig was dat Moth al 18 jaar aan corticobasale degeneratie (CBD) leed. De journalist had met negen neurologen contact gehad, en dit was de de consensus. Niet alleen waren Moths symptomen niet wat verwacht werd, de normale levensverwachting met de aandoening was ook tragisch kort: zes tot acht jaar.
The Observer, dat verschillende onderdelen van het onderzoek samenvoegende, legt de lat hoog wat betreft het belang van ‘waarheid’: Het is onacceptabel dat er een idee van waarheid wordt aangepraat wanneer belangrijke passages in het boek verzonnen zijn. Er zijn zowel ‘…zonden van nalatigheid als van nalaten’:
‘Het verhaal bevat ongetwijfeld elementen van waarheid, maar het geeft ook een verkeerd beeld van wie ze waren, hoe ze aan hun reis begonnen en de financiële omstandigheden die de achtergrond vormden.’
Maar denk ik dan: het leven is echter ingewikkeld en er zijn altijd twee kanten aan een verhaal.
In een reactie op haar website beantwoordt Raynor Winn elk van de beschuldigingen één voor één. Te midden van de storm van venijn en bedreigingen die online door het artikel werd ontketend, protesteert ze dat ‘… [het] grotesk oneerlijk en zeer misleidend is en erop gericht is mijn leven systematisch te ontleden.’
Het meest verontrustend is hoe Moth getraumatiseerd is door de suggestie dat zijn diagnose verzonnen is. Naast haar verklaring online heeft Winn brieven van de neurologen die Moth behandelen geplaatst, die zijn diagnose en het verhaal in het boek bevestigen.
Wat betreft de beschuldigingen van verduistering, geeft ze toe dat er problemen waren met een voormalige werkgever. Er werden beschuldigingen ingediend bij de politie en ze werd erover ondervraagd. Er werd echter geen aanklacht ingediend en er werd een schikking getroffen, waaronder het terugbetalen van geld.
‘Alle fouten die ik in de loop der jaren op dat kantoor heb gemaakt, betreur ik ten zeerste, en het spijt me oprecht.’ zegt Raynor Winn
Dit was echter niet de mislukte zakelijke deal die aan de basis lag van hun financiële problemen en die hun dakloosheid en zo het Salt Path-verhaal in gang zette.
Winn meldt dat het pand in Frankrijk een eigen, losstaand verhaal. Toen ze op het dieptepunt van hun problemen overwogen het te verkopen, schatte een lokale Franse makelaar het als vrijwel waardeloos en vond het zinloos om het op de markt te zetten.
Uiteindelijk kozen ze ervoor om zichzelf niet failliet te laten verklaren en hun schulden kwijt te schelden. In plaats daarvan sloten ze een overeenkomst met hun schuldeisers voor minimale aflossingen. Het succes van het boek heeft ervoor gezorgd dat al hun schulden zijn kwijtgescholden.
Wat resteert is de impliciete beschuldiging dat ze niet zijn wie ze beweerden te zijn, dat ze zich verschuilen achter pseudoniemen en niet hun ‘echte’ namen gebruikten. Ze legt uit dat de reden waarom Sally Ann en Tim Walker Raynor en Moth Winn heten, eigenlijk heel eenvoudig is.
In de beginjaren van hun relatie vertelde ze Moth hoezeer ze het niet prettig vond om Sally Ann genoemd te worden en dat ze liever de achternaam Raynor had gehad. Moth noemde haar vanaf dat moment Ray. Winn is haar meisjesnaam. En wat Moth betreft, zijn naam is Timothy dus Moth is op TiMOTHy te herleiden.
Nadat ik het boek had gelezen en de film eerder deze zomer had gezien, was ik vooral onder de indruk van The Salt Path. De menselijkheid van hun verhaal, de reis die ze hadden gemaakt en de inzichten in een goed geleefd leven die het bood.
Toen de bom van The Observer barstte, zakte mijn hart in mijn schoenen. Moraalridders klommen hoog te paard en Raynor Winn werd publiekelijk aan de schandpaal genageld.
Ze trok zich vervolgens terug uit haar aanstaande Saltlines-tournee, waarbij ze tijdens een reeks evenementen voor zou lezen uit haar boeken. Uitgeverij Penguin werd ook opgeroepen om de publicatie van haar volgende boek, dat in oktober zou verschijnen, te annuleren.
Echter, terugkijkend op de onthullingen over het Salt Path-verhaal, vind ik het verhaal nog beter. En om precies dezelfde redenen als voorheen. Omdat het ons het leven weerspiegelt zoals we dat kennen, zoals de levens die we leiden.
Om te beginnen is het leven rommelig. Soms is het zelfs troebel, vol misverstanden, verkeerde interpretaties en geconstrueerde verhalen. Ja, wie van ons heeft nog nooit een fout gemaakt, een verkeerde beslissing genomen of een verkeerde keuze gemaakt, ‘uit zwakte, uit onwetendheid of door onze eigen opzettelijke schuld’? Lijken in vele kasten hebben we allemaal, toch?
En vervolgens, op basis daarvan, creëren we allemaal ons eigen levensverhaal. Of het nu gaat om het samenstellen van onze online aanwezigheid met de afbeeldingen die we op sociale media plaatsen, of de anekdotes die we delen en het gezicht dat we laten zien aan degenen die deel uitmaken van ons dagelijks leven. De aantrekkingskracht is altijd gericht op een versie die ons in het beste daglicht stelt.
Sterker nog, het kan zelfs gaan om de verhalen die we over onszelf vertellen, over onszelf. De interpretatie van wat ons is overkomen en waarom. Interpreteren hoeveel van onze ervaring te danken is aan wat ons is aangedaan of het resultaat is van onze eigen verantwoordelijkheid.
Wanneer we dus de verleiding voelen om iemand af te schrijven vanwege wat hij of zij heeft gedaan, doen we er goed aan om te reflecteren op onze eigen ervaring. Dan zijn we misschien wel dankbaar dat we niet zijn afgeschreven vanwege onze eerdere misstappen. Dit verhaal houdt onszelf dus ook een spiegel voor. Want ondanks het feit dat ze decennialang in kleine, landelijke gemeenschappen hebben gewoond, heeft niemand tijdens de hele controverse rond The Salt Path bijvoorbeeld gezegd dat de Winns of de Walkers misschien wel goede buren waren. Hierover spreken zou zomaar hun volgende avontuur of weer een bestseller kunnen worden.
Verder denk ik aan hoe Jezus zich in zulke omstandigheden gedroeg. Toen een zelfingenomen groep mensen in de Bijbel in Johannes 8 snel een oordeel wilde vellen over de gebrekkige seksuele keuzes van een vrouw, moedigde Jezus degenen die geen schuld hadden aan om als eersten in actie te komen. Langzaamaan beseften ze allemaal wat hij zei en dropen af.
Ik heb het onderstaan gebed van boetedoening altijd enorm nuttig gevonden. Het houdt ons gegrond in de realiteit van onze eigen ervaring en zou ons moeten waarschuwen om anderen niet af te schrijven:
‘Almachtige God, onze hemelse Vader, wij hebben tegen U gezondigd en tegen onze naaste in gedachten, woorden en daden, door nalatigheid, door zwakheid, door onze eigen opzettelijke fout. Het spijt ons oprecht en we berouwen al onze zonden. Omwille van uw Zoon Jezus Christus, die voor ons gestorven is, vergeef ons al het verleden en geef dat wij U mogen dienen in een nieuw leven tot eer van uw naam. Amen.’
Voor al onze lijken in al die kasten is er vergeving.
Voor wat voor ons ligt, hebben we de mogelijkheid om opnieuw te beginnen.