5 september 2010: Chinees offert nieuwe SUV aan zeegoden
Een Chinese zakenman heeft zijn splinternieuwe SUV geofferd aan wat hij noemt ‘de Goden van de Zee’. Op die manier wil hij de goden gunstig stemmen zodat ze ervoor zouden zorgen dat het stopt met regenen.

‘Ach ja’ denk je dan, ‘die Aziaten die hebben duidelijk geen periode van de Verlichting gekend waarin toch zonneklaar werd dat de mens oppermachtig is. We dienen de goedgunstigheid van een godheid niet meer meer af te bidden want met onze wetenschap hebben we het aangetoond: God is dood!

Toch?

Totdat ik in onze plaatselijke krant het volgende bericht las:

14 september 2010: Rechtbankpresident stemt rechtvaardige ‘goden’ gunstig
ZWOLLE – Normaal staan de festiviteiten gepland bij het bereiken van het hoogste punt, voor de Zwolse rechtbank was het aanlanden op het diepste punt gisteren reden om een intieme fuif te vieren. Rechtbankpresident Robert Croll maakte van de gelegenheid gebruik om de ‘goden’ gunstig en vooral rechtvaardig te stemmen. Daartoe legt hij een speciale munt op het diepste punt van het gebouw neer. Eenzelfde munt zal op termijn in één van de wanden van het nieuwe gebouw een prominente plek krijgen.

Zo verwordt in Zwolle vrouwe Justitia tot vrouwe Fortuna.
Of moeten we het vervolg van Friedrich Nietzsche ook goed op ons in laten werken, nadat hij heeft gezegd ‘God is dood’
Waarheen beweegt de aarde nu? Ver weg van alle zonnen? Vallen we niet voortdurend om, rugwaarts, zijdelings, voorover, naar alle zijden? Bestaat er nog een boven en onder? Dwalen we niet doorheen een oneindig niets? Gaapt de holle ruimte ons niet aan? Is het niet kouder geworden? Komt de nacht niet voortdurend sneller en sneller?

Verzamel voor jezelf geen schatten op aarde: mot en roest vreten ze weg en dieven breken in om ze te stelen.
Verzamel schatten in de hemel, daar vreten mot noch roest ze weg, daar breken geen dieven in om ze te stelen.
Waar je schat is, daar zal ook je hart zijn.
Maak je geen zorgen over jezelf en over wat je zult eten of drinken, noch over je lichaam en over wat je zult aantrekken.
Is het leven niet meer dan voedsel en het lichaam niet meer dan kleding?
Kijk naar de vogels in de lucht: ze zaaien niet en oogsten niet en vullen geen voorraadschuren, het is jullie hemelse Vader die ze voedt.
Zijn jullie niet meer waard dan zij? Wie van jullie kan door zich zorgen te maken ook maar één el aan zijn levensduur toevoegen?
En wat maken jullie je zorgen over kleding?
Kijk eens naar de lelies, kijk hoe ze groeien in het veld. Ze werken niet en weven niet.
Ik zeg jullie: zelfs Salomo ging in al zijn luister niet gekleed als een van hen.
Als God het groen dat vandaag nog op het veld staat en morgen in de oven gegooid wordt al met zo veel zorg kleedt,
met hoeveel meer zorg zal hij jullie dan niet kleden?
Vraag je dus niet bezorgd af: “Wat zullen we eten?” of: “Wat zullen we drinken?” of: “Waarmee zullen we ons kleden?”
Jullie hemelse Vader weet wel dat jullie dat alles nodig hebben.
Maak je dus geen zorgen voor de dag van morgen,
want de dag van morgen zorgt wel voor zichzelf.
Elke dag heeft genoeg aan zijn eigen last.

Matteüs 6,19-34

De afgelopen jaren heb ik meerdere werkgevers gehad en dus verschillende pensioenbreuken opgelopen. Momenteel ben ik werkzoekend en bouw dus helemaal geen pensioen op. Ik begrijp dus goed de commotie die er momenteel (in ieder geval in de media) is rondom het nieuws dat een aantal pensioenfondsen moet ‘afstempelen’, waarmee dat uiteindelijk resulteert in het feit dat mensen nu en in de toekomst minder pensioengeld krijgen uitgekeerd. Waarom dan nu zo’n tekst als uit het evangelie naar Matteüs aangehaald waarin de nadruk ligt op niet bezorgd zijn? Veel mensen maken zich toch echt zorgen over de hoogte van de uitkering van hun verplichtte bijdrage aan het  pensioenfonds.

Oké, mijn hart is dan wel ergens anders, maar de rest van mijn lichaam moet toch ook in deze wereld onderhouden worden? Ik kan mijzelf toch niet vergelijken met vogels en lelies?

Natuurlijk mag je zorgen (en je zorgen maken) voor de toekomst, maar laat het niet je leven beheersen. Uiteindelijk ben je  geborgen in de zorg van je Vader voor jou!

Nu er formatiebesprekingen zijn over een mogelijk te vormen kabinet tussen het CDA, de VVD met gedoogsteun van de PVV buitelen de belangengroeperingen over elkaar heen die oftewel voor of tegen het te vormen kabinet zijn. Met veel kabaal proberen ze hun eigen mening over het voetlicht te krijgen en ze roeren zich dan ook danig in de verschillende media. Sinds enige tijd is er een nieuwe groep actief die pro of contra het te vormen kabinet is, namelijk de predikanten en voorgangers. Aan de ene kant heb je bijvoorbeeld de groep rondom Ben Kok, de Amersfoortse voorganger die een kabinet met gedoogsteun van de PVV steunt. Aan de andere zijde van het spectrum bewegen zich onder andere de predikanten Pals en Wachtmeester. Zij (s)preken zich uit tegen zo’n mogelijk kabinet.

Ex Cathedra is de Latijnse term voor een uitspraak vanuit de zetel (kansel), meestal gebezigd voor de gezagvolle  leeruitspraken van de paus, maar meer algemeen is deze term ook te  gebruiken voor het uitspreken van een mening op belerende toon aan toehoorders.

Nu hoorde ik vanochtend dat de predikanten die tegen een te vormen VVD-CDA(-PVV)kabinet zijn, dit ook vanaf de kansel willen verkondigen. En dit schoot een aantal ‘mensen op de straat’ in het verkeerde keelgat. ‘Een dominee moet zich niet (vanaf de kansel) met de politiek bemoeien’, ‘Kerk en staat moeten gescheiden blijven’ zo wordt door hen gezegd.

Eerlijk gezegd heb ik met dit soort uitspraken nogal wat problemen.  Wat wil men dan zondags van de kansel horen? Een feelgoodpreek met een praatje dat met het zondagse kopje koffie en bijbehorende gebakje  lekker wordt weggeslikt en wordt vergeten. Een preek mag aan het denken zetten, schuren. Ook een predikant mag en heeft mijns inziens ook de verplichting zijn vinger te leggen bij zaken die in het dagelijks leven de mensen bezighoudt en dat is heden ten dage dus ook de de discussie rondom de vorming van dit mogelijke kabinet. Dat een predikant daarbij zijn mening geeft over zo’n kabinet vind ik ronduit begrijpelijk. Waarom zou een predikant zich wel mogen uitspreken over het algemenere heb uw naaste als uzelf en dat niet mogen specificeren in het uiten van hun mening (gegrond op hun christelijke overtuiging) over een te vormen kabinet?

Christenzijn betekent in de wereld staan en een boodschap hebben voor die wereld, ook al is die ‘politiek’!

Voor veel christenen is dit een onderdeel van het Onzevader dat ze kennen. Met de gevolgen van de enorme branden in Rusland waardoor een heel areaal aan graanproducten verloren is gegaan en dat tot gevolg heeft dat de Russische regering afgekondigd dat de export van graan wordt beperkt. Het gevolg zal zijn dat wereldwijd de prijzen van graanproducten en producten die afhankelijk zijn van graan (als voeding bijvoorbeeld; denk aan vlees) explosief zullen stijgen. Analisten denken dat, zoals altijd, de allerarmsten in de wereld het eerst het slachtoffer zullen worden van de op handen zijnde prijsexplosie. Wellicht zullen ook de mensen in het rijke Westen op termijn de gevolgen aan den lijve de prijsstijging ondervinden.

‘Geef ons heden ons dagelijks brood’; voor veel mensen een misschien gedachteloos gebeden gebed. Maar de wereld lijkt nu de gevolgen te moeten betalen van eigen handelen. Kort gezegd  gaat het volgens mij om ‘rentmeesterschap’.  Hoe gaan wij om met de wereld die ons gegeven is, dus niet een wereld die ván ons is.  De gevolgen van de ons handelen, voor wat betreft de stijging van de prijzen het graan, zullen in eerste aanleg de allerarmsten treffen maar op termijn lijkt het ook onszelf te treffen.  En hoe het ook zij, wat je zelf ondervindt, komt des te harder aan. De actualiteit vraagt dan ook om handelen. Handelen om ‘het dagelijks brood’ voor een ieder te waarborgen.

Misschien is het goed om onszelf weer eens te realiseren dat de bede om het dagelijks brood heel actueel is!

Tot mijn grote verbazing hoorde ik gister van het bericht van de bouw van een moskee nabij Ground Zero in New York. Deze plaats werd bekend omdat hier de WTC-torens stonden die door terroristische aanslagen op 11 september 2001 verwoest werden en waarbij vele slachtoffers werden gemaakt. Dit ‘Islamic Community Center’  inclusief  moskee zal 2 blocks van de plek waar het WTC stond worden gerealiseerd en er worden 2000 bezoekers verwacht op elke vrijdag om te bidden. Het gebouw krijgt 13 verdiepingen en er moeten ook een zwembad, theater en sportvoorzieningen in komen. Volgens de nabestaanden van 9/11 is dit ‘een klap in het gezicht van de slachtoffers’ maar de imam die het project organiseert spreekt juist over een symbool tegen het extremisme. De imam stelt dat islamitische New Yorkers ook mee willen werken aan de heropbouw van de stad. Tegenstanders zien de bouw van de moskee als een soort vernedering en verzetten zich uit alle macht. Ik hoorde gister een van de tegenstanders zeggen dat de moslims hiermee hun ultieme superioriteit ten opzichte van de (christelijke) westerse leefwijze willen aantonen doordat de moskee nu ver boven Ground Zero uittorent.

Ik vraag me af of het zo verstandig is van de tegenstanders om zich tegen de bouw van de moskee te keren. Is dit niet koren op de molen van fundamentalistische moslims die zich altijd achtergesteld vinden in de westerse samenleving. Proberen de tegenstanders van de bouw niet te handelen vanuit het oudtestamentische adagium ‘oog om oog, tand om tand’? Immers, in het Ottomaanse Rijk hadden christenen de ‘dhimmiestatus’; achtergesteld bij de islamitische landgenoten en verplicht tot het betalen van een soort belasting?

Zou het niet eerder van een morele (veer)kracht getuigen door met alle New Yorkers, ongeacht ras, godsdienst en wat dies meer zij, te werken aan de wederopbouw van de stad?

Ik werd toch een beetje triest van dit bericht. Uit een rondvraag van de Belgische krant De Morgen blijkt dat een groter wordend aantal van de Vlaamse katholieken zich laat ontdopen, sinds er allerlei affaires in de kerk aan het licht komen. Volgens kerkjuristen, wordt er dan bij vermeldt,  kan de kerk het doopsel helemaal niet ongedaan maken en is ontdopen louter symbolisch. Maar, helaas maakt dat de kwestie niet minder ernstig. Had de secularisatie tot voor kort nog ‘alleen maar’ vorm in de verdwijnende belangstelling voor het instituut kerk, vanwege al de affaires die de laatste tijd spelen, verlaten ineens mensen veel zichtbaarder de kerk door zich feitelijk te laten ontdopen. Of dit ritueel nu een formele status heeft of niet, in feite doet dit er niet toe. Het gaat om het gevoel erachter: ik wil, zelfs niet meer op papier, behoren tot een instituut dat met de mond het ene belijdt, maar feitelijk iets anders doet.

Het blijft een van de moeilijkste punten van het leven van de mens en dus ook van de christen: hoe breng je leer en leven in overeenstemming met elkaar.

Kortgeleden kwam er een nieuw boek van de hand van hoogleraar (Abraham) Bram van der Beek uit met de titel Is God terug? Ja, met een vraagteken. Hoewel er de laatste jaren volgens velen er een beweging is waar te nemen dat God terug is omdat veel mensen zich bezig houden met zingeving, stelt Van der Beek vraagtekens bij het idee dat God terug is. Met de uitslagen van de Tweede Kamerverkiezingen in het achterhoofd waarbij de christelijke partijen (CDA en Christenunie) flink klop hebben gehad, vind ik de stelling van Van der Beek heel interessant. Een groot aantal van de christelijke kiezers is weggelopen bij deze twee christelijke partijen. De grote vraag die nu beantwoord moet worden is waarom dit gebeurd is. In de media hoor je verschillende geluiden: bijvoorbeeld dat het te maken heeft met het feit dat de vijver waar in christelijke partijen vissen steeds meer opdroogt (lees: er zijn steeds minder christenen) of dat de christelijke partijen te weinig hebben gedaan met de latente angst van een groep christenen voor de islam die zien dat in Nederland de islam en haar aanhangers veel ruimte krijgt terwijl er in de zogenaamde islamitische landen geen of slechts weinig ruimte is voor christenen om hun godsdienst te belijden en te praktiseren, kortom dat het CDA en de Christenunie te weinig kritiek hebben geleverd op deze problematiek. Ook wordt er beweerd dat de Christenunie een te links geluid laat horen terwijl haar achterban vooral rechts is.

Is God terug? Deze vraag stelt Van er Beek zich in het gelijknamige boek. Kun je met deze vraag ook iets als je de uitslag ziet van Tweede Kamerverkiezingen 2010. Moet je stellen dat mensen best bezig zijn met ‘God’, maar dat ze daarvoor een compartiment in hun leven hebben, die niet communiceert met hu levensovertuiging? Of moet je de uitslag duiden in het licht van de recessie waarbij mensen vluchten in het valse vijftiger jaren gevoel en hun stem geven aan partijen die min of meer beloven dit valse gevoel van veiligheid te herstellen of te waarborgen. Er wordt nu gesteld dat de christelijke partijen terug moeten gaan naar hun bronnen om zo weer hun ware identiteit weer boven water te krijgen. Hierbij een stel ik toch een vraag: zijn het de christelijke partijen die zo ver zijn afgedreven van hun oorspronkelijke identiteit of geldt dat voor de op hol geslagen kiezers die zich laten leiden door de waan van de dag?

O sorry: de kiezer heeft natuurlijk altijd gelijk 😉

Vanmorgen besprak ik met een clubje theologen de preektekst die volgens het oecumenisch leesrooster voor zondag aanstaande aan de beurt is: Exodus 23,1-17.  Het gedeelte staat in het teken van een uitwerking van een aantal geboden. Vers 8 bleef bij mij haken Neem geen steekpenningen aan, want steekpenningen maken zienden blind en maken eerlijke mensen tot leugenaars. Ik moest denken aan de beelden van de verhoren van de commissie De Wit omtrent de bankencrisis. Hoe kunnen mensen als een Rijkman Groenink zonder verblikken of verblozen hun handelen rechtvaardigen en totaal niet begrijpen dat ze gecorrumpeerd zijn. Daarom ook misschien het opschrift voor deze column uit Ezechiël 14,3 uit de oude NBG 51-vertaling.

Maar… we moeten niet alleen maar naar anderen wijzen als het om deze zaken gaat: hoe zit het met ons zelf als wij ons leven leggen naast de woorden uit Exodus 23,1-17? Hoe gaan wij om met dit alles, met geld en macht en onze houding jegens vreemdelingen?

Wel stof tot nadenken in deze tijd, lijkt me.

Met psalm 51 mogen we dan vragen Schep in mij, God, een hart dat leeft in in ’t licht

In die tijd kondigde keizer Augustus een decreet af dat alle inwoners van het rijk zich moesten laten inschrijven. Deze eerste volkstelling vond plaats tijdens het bewind van Quirinius over Syrië. Iedereen ging op weg om zich te laten inschrijven, ieder naar de plaats waar hij vandaan kwam. Jozef ging van de stad Nazaret in Galilea naar Judea, naar de stad van David die Betlehem heet, aangezien hij van David afstamde, om zich te laten inschrijven samen met Maria, zijn aanstaande vrouw, die zwanger was. Terwijl ze daar waren, brak de dag van haar bevalling aan, en ze bracht een zoon ter wereld, haar eerstgeborene. Ze wikkelde hem in een doek en legde hem in een voederbak, omdat er voor hen geen plaats was in het nachtverblijf van de stad. Niet ver daarvandaan brachten herders de nacht door in het veld, ze hielden de wacht bij hun kudde. Opeens stond er een engel van de Heer bij hen en werden ze omgeven door het stralende licht van de Heer, zodat ze hevig schrokken. De engel zei tegen hen: ‘Wees niet bang, want ik kom jullie goed nieuws brengen, dat het hele volk met grote vreugde zal vervullen: 11 vandaag is in de stad van David jullie redder geboren. Hij is de messias, de Heer. Dit zal voor jullie het teken zijn: jullie zullen een pasgeboren kind vinden dat in een doek gewikkeld in een voederbak ligt.’ En plotseling voegde zich bij de engel een groot hemels leger dat God prees met de woorden:
‘Eer aan God in de hoogste hemel
en vrede op aarde voor alle mensen die hij liefheeft.’
Toen de engelen waren teruggegaan naar de hemel, zeiden de herders tegen elkaar: ‘Laten we naar Betlehem gaan om met eigen ogen te zien wat er gebeurd is en wat de Heer ons bekend heeft gemaakt.’ Ze gingen meteen op weg, en troffen Maria aan en Jozef en het kind dat in de voederbak lag. Toen ze het kind zagen, vertelden ze wat hun over dat kind was gezegd. Allen die het hoorden stonden verbaasd over wat de herders tegen hen zeiden, maar Maria bewaarde al deze woorden in haar hart en bleef erover nadenken. De herders gingen terug, terwijl ze God loofden en prezen om alles wat ze gehoord en gezien hadden, precies zoals het hun was gezegd. Toen er acht dagen verstreken waren en hij besneden zou worden, kreeg hij de naam Jezus, die de engel had genoemd nog voordat hij in de schoot van zijn moeder was ontvangen.
Vanochtend hebben ik met een groepje vakgenoten de tekst uit Lucas 2 de verzen 1-21 behandeld zoals die op leesrooster staat voor Kerst. Hoewel het overbekende woorden zijn is het toch altijd vruchtbaar ‘de koppen bij elkaar te steken’ en misschien wat onderbelichte passages of woorden met elkaar te bespreken. Wat me van de bespreking van vanmorgen bij blijft is dat je het woord voederbak dat driemaal in deze tekst voorkomt kunt uitleggen als het symbool van armoede. Dit kun je uitleggen als symbool dat Jezus vanuit de hemel naar de aarde kwam, naar mensen zonder aanzien. Hij wilde zich verlagen vanuit de hemel naar de aarde. Het ging hem niet om pracht en praal en overconsumptie. Wel iets om te overwegen met Kerst waar voor veel mensen de overvloed op allerlei vlak centraal lijkt te staan.
Ook wij mogen deze woorden in ons hart, de plaats waar de kennis gezaaid wordt bewaren en overdenken…

Al enige tijd ben ik ook te vinden op Twitter. Mensen kunnen in 140 tekens zaken die ze aan hun ‘followers’ willen toevertrouwen op dit nieuwe medium zetten. Ik vind het leuk om te merken dat het nieuwe medium ook nieuwe creativiteit aanboort. Eén van die initiatieven is http://www.twitter.com/kerstverhaal waar het kerstverhaal in 140 tekens per bericht wordt doorgegeven. Soms gaat dit gepaard met een opmerking.

De opmerking van vandaag sprak me enorm aan:

Vaak kijken we als mens tegen de mogelijkheden en onmogelijkheden aan. God ziet dat anders. Daar kunnen wij wat van leren.

ik blijf dit een mooie gedachte vinden: Waar mensen denken dat wegen volledig afgesloten zijn en waar alle oplossingen hen uit handen zijn geslagen, daar blijf je je verbazen over God. Onmogelijkheden worden mogelijkheden en doodlopende wegen blijken toegang te geven aan nieuwe vergezichten.

Daar mogen we ons de komende tijd wel over nadenken, ons over verbazen en verwonderen.