Er is een hardnekkig idee
dat oorlogen gaan over ideologie, religie,
grondstoffen, invloedssferen
– u kent het rijtje.
Lekker ingewikkeld, lekker academisch.
Goed voor conferenties en dikke rapporten
waar niemand doorheen komt.
Maar soms denk ik:
wat als het allemaal
een stuk ordinairder is?

Wat als we gewoon kijken
naar een stel oudere heren met macht
en een naderende einddatum?

Spreuken 18:6
zegt het eigenlijk al genadeloos simpel:
De woorden van een dwaas zaaien tweedracht,
wat hij zegt, leidt tot een vechtpartij.
Vrij vertaald naar vandaag:
sommige leiders praten zichzelf
zo diep de ellende in
dat er vanzelf geweld volgt.
Nou, zet daar een kernarsenaal naast
en je hebt geopolitiek anno nu.

We doen in Nederland graag
alsof we geopolitiek begrijpen.
We gooien termen
rond als “geo-ideologisch”
en “multipolaire wereldorde”
en voelen ons dan even heel volwassen.
Ondertussen vliegen de raketten
ons om de oren
en blijkt dat overtuigingen
– religieus, ideologisch –
inderdaad een rol spelen.
Verrassing.
Maar dat is niet het hele verhaal.

Geschiedenis is geen Netflix-serie
met één duidelijke verhaallijn.
Geen “dit is de oorzaak, dit is de slechterik, klaar”.
Dus waarom blijven we doen alsof dat wel zo is?

Misschien omdat de echte verklaring ongemakkelijk is.

Misschien omdat het gênant is
om toe te geven dat oorlog
soms gewoon voortkomt uit gekrenkte ego’s.
Uit mannen die hun Wikipedia-pagina
nog even willen oppoetsen voordat het doek valt.

De één wil een fout uit het verleden rechtzetten.
De ander wil wraak nemen
– voor zichzelf, of voor papa.
Weer een ander
wil gewoon een monument.
Geen standbeeld van brons,
maar een conflict van duizenden doden.
Lekker permanent.
Lekker zichtbaar in de geschiedenisboeken.

“Legacy leadership”, heet dat dan chic.
In bedrijven betekent het
dat je een inspirerend verhaal achterlaat
en een koffiemok
met je naam erop in de kantine.
In de wereldpolitiek
betekent het:
een regio in brand steken
zodat jouw naam blijft hangen.

En wij maar denken dat het gaat over strategie.

Kijk naar hoe er gepraat wordt.
Over “doelwitten”, “boodschappen”, “historische correcties”.
Het klinkt allemaal alsof het om beleid gaat.
Maar luister iets beter en je hoort vooral:
trots, rancune, bewijsdrang.
Kinderachtige motieven,
verpakt in staatsmansretoriek.

En dan heb je nog de moderne variant:
leiders die tegelijkertijd oorlog voeren
én hun eigen werkelijkheid kneden.
Vandaag bombarderen,
morgen roepen
dat er “productieve gesprekken” zijn.
Niet omdat het waar is,
maar omdat het lekker klinkt.
Truthiness met raketten.

De markten kalmeren,
de achterban tevreden,
de tegenstander in verwarring.
En als het niet werkt?
Ach.
Dan bombarderen we gewoon lekker door.
Ook dat past in het narratief.

Het wrange is:
systemen corrigeren dit nauwelijks nog.
Macht concentreert zich,
tegenspraak verdampt (soms onder druk),
en persoonlijke obsessies worden beleid.
En zelfs als zo’n leider verdwijnt,
staat de volgende al klaar
– vaak nog bozer, nog radicaler.
Alsof wraak een estafette is.

Dus ja,
misschien moeten we oorlog
niet alleen analyseren
met kaarten en theorieën,
maar ook met een spiegel
en een beetje cynisme.

Want zolang wereldleiders
hun nalatenschap
verwarren met hun gelijk,
blijft Spreuken 18:6 pijnlijk actueel.

Alleen zijn het deze keer
geen woorden die twist brengen.

Het zijn bommen.

 

Loop een willekeurige verjaardag binnen
en je hoort het meteen:
Nederland is kapot. Gebroken.
Beste mensen,
We zijn één van de rijkste landen ter wereld
en toch klinkt het alsof we collectief
op een doorgezakte campingstoel zitten
te mopperen over alles.
Over de politiek.
Over “de staat van het land”.
Over elkaar.
Alsof het ergens onderweg mis is gegaan
en niemand precies weet wanneer.

Dus ja, de vraag dringt zich op:
is Nederland kapot?
Is dat tere vaasje
waar Mark Rutte
het ooit over had gebroken?

Eerlijk antwoord: ja.
Natuurlijk.

Maar nieuwsflash:
dat geldt voor élke samenleving
die ooit door mensen is gebouwd.
De grote kerkvader Augustinus
zei het al, zestien eeuwen geleden:
‘geen enkele menselijke samenleving is onschuldig.
Geen enkele cultuur is puur.
Elk land is gebouwd op onrecht, geweld,
machtsmisbruik of uitbuiting
of een mix van die vier.
Het Romeinse Rijk,
het grote voorbeeld van beschaving in zijn tijd,
draaide op onderwerping en geweld.

En wij?
Wij zijn niet ineens een morele uitzondering.

Volgens diezelfde Augustinus
is er maar één stad die écht heel is:
de Stad van God.
Een samenleving die niet draait
om eigenbelang,
maar om zelfopoffering.

En die bestaat hier niet.
Althans, nog niet.
Alles wat mensen bouwen,
is in meer of mindere mate gebroken.

Dus ja,
de mensen die zeggen
dat Nederland gebroken is,
hebben gelijk.

Maar meestal gaan ze
tegelijk de mist in op drie punten.

Eén:
ze doen alsof dát het enige is
wat je over Nederland kunt zeggen.
Gebroken of niet
en kies je het verkeerde antwoord,
dan hoor je bij ‘de verkeerde kant’.
Maar het leven is geen ja/nee-vraag.

Het christelijk verhaal kijkt anders.
Het zegt:
Nederland is tegelijk geschapen, gevallen
én hier en daar verlost.
Het is een goed land,
bevolkt door mensen
die door God geschapen en geliefd zijn.
Een land met creativiteit,
zorgzaamheid
en een enorme potentie
voor het goede.
Maar ook een land
waarvan de rijkdom
deels is gebouwd op slavernij, kolonialisme,
uitbuiting en milieuschade.
En tóch:
ook een land met instellingen
en tradities die hoe gebrekkig ook
iets van genade laten zien.

Neem de zorg.
‘Die is kapot,’ horen we dagelijks.
Wachttijden, personeelstekorten,
managers met spreadsheets.
Papierwerk.
En ja, dat is allemaal waar.
Maar vergis je niet:
het gros van de wereld
zou een moord doen
voor ons zorgstelsel.
Hetzelfde geldt voor onze rechtsstaat, onze economie,
onze politie en krijgsmacht.
Niet perfect, vaak onder druk,
maar meestal geen corrupte puinhopen.
Gods genade
werkt ook in gebroken systemen.
Dat mogen we best hardop zeggen.

Twee: het idee dat er ooit een gouden tijd was.
Een moment waarop Nederland wél soepel,
harmonieus en rechtvaardig functioneerde
totdat zíj het kwamen verpesten:
Immigranten.
Woke-activisten. kapitalisten.
Fascisten.
Kies je vijand.
Maar die tijd heeft nooit bestaan.
Onvrede hoort bij het menselijk bestaan.
Alles wat we bouwen,
draagt de kiem van verval al in zich.
Niets blijft.
Geen systeem.
Geen ideologie.
Geen kabinet.
(lekker positief voor Jetten, dit)

En drie:
het idee dat wij, of onze favoriete partij
het wel even gaan fixen.
Elke hervormingspartij belooft redding.
Net als Trump.
Net als Biden of Obama.
Net als iedere nieuwe leider ooit.
Ze móéten wel.
Maar politiek is, zoals Bismarck zei,
de kunst van het haalbare.
Van het op-één-na-beste.
Dat is geen cynisme,
dat is realisme.

We hebben politiek nodig.
We moeten samenleven,
compromissen sluiten,
het een beetje draaglijk houden.
Maar laten we asjeblieft ophouden
te doen alsof politici ons gaan redden.
Of de markt.
Of de staat.
Zij kunnen ons niet vergeven.
Onze zelfzucht niet genezen.
Onze gebroken harten niet helen.

Dus ja: Nederland is gebroken.
Net als elke menselijke samenleving.
Laten we stoppen met slogans
en beginnen met eerlijkheid.
We waarderen wat goed is.
We erkennen wat fout is.
We proberen samen te leven
met bescheiden verwachtingen
van de politiek.
En met het besef
dat echte redding
van elders moet komen.