Er is een prijzenswaardig initiatief van de grond gekomen onder verschillende protestantse kerkgenootschappen. Men wil een een nieuwe Nationale SynodeNationale Synode organiseren. Dit allemaal natuurlijk in het licht gezien van de nationale synode te Dordrecht uit 1618-19. Naast het gegeven startschot tot de Statenvertaling is deze synode toch vooral bekend geworden door de afwijzing van de remonstranten, een loot aan de protestantse stam die niet de goedkeuring kon verdragen van een groep anderen.

Momenteel is er dus een nieuw initiatief ontstaan om in deze tijd van toenemende ontkerkelijking de protestantse handen – want als we de Rooms-Katholieke Kerk zouden uitnodigen wordt het allemaal een beetje te complex, zo werd gezegd – ineen te slaan en over onze kerkmuren heen te reiken om elkaar te ontmoeten in ons gezamenlijk geloof en belijden.

Maar helaas, het plan lijkt al gedoemd vroegtijdig ten onder te gaan. Vanmorgen werd bekend dat de Hersteld Hervormde Kerk waarschijnlijk niet mee zou doen als ook Remonstrantse Broederschap zou worden uitgenodigd en dat ook andere protestantse kerkgenootschappen zouden schitteren door hun afwezigheid.

Wat een demasqué!! Wat zal dit allemaal een gunstige uitstraling hebben op de kerken? Waarom moet de uitspraak ‘waar er twee protestanten in de wereld zijn, is er altijd ruzie’ nu weer bewaarheid worden?

… niet tweemaal aan denzelfden steen

Vandaag het tweede deel over het thema solidariteit. Het eerste deel verscheen op 2 oktober jl.

In dit tweede deel wil ik meer aandacht besteden aan dit thema vanuit de christelijke ethiek. Zonder twijfel is één van de kernbegrippen binnen het christendom naastenliefde. Dit geeft meteen aan hoe een mens vanuit de christelijke optiek in het leven zou moeten staan: karakteristiek voor een christelijke basishouding is het omzien naar de ander, zeg maar leven vanuit een gemeenschapsbesef. Bijbel en LichtDit gemeenschapsbesef zie je duidelijk vormgegeven worden in de kerkelijke gemeenschap: de gemeente van Christus is een gemeenschap waarin je wordt opgenomen; die gemeenschap was er al voordat jij er was en heeft ook een zeker gezag over jou. Natuurlijk is er ook sprake van interactie, want het behoren bij een gemeente is ook een innerlijke keuze. Maar niet in de sfeer van: ik kies. Eerder: jij wordt gekozen. En je bent deel van een gemeenschap. Dit gemeenschapsbesef is zodoende kenmerkend voor een christelijke visie op de samenleving.

In het huidige economische klimaat is lijkt gemeenschapsbesef steeds meer op het tweede plan gekomen, mede door de sterk individualiserende samenleving. Eén van de taken van de overheid is het stimuleren van de economie. Tegenwoordig zie je dat zich dat uit door het stimuleren van felle concurrentie, ook op gebieden die van oudsher sterke overheidsregulering kende. Hierbij valt te denken aan zorginstellingen voor verstandelijk gehandicapten. Het stimuleren van die concurrentie kennen we ook onder de naam ‘marktwerking’. Hierdoor wordt een situatie gecreëerd waarin geld een allesbeslissende rol kan gaan spelen. De motivatie voor iets als maatschappelijk verantwoord ondernemen neemt dan af.

Ik denk dat ik niet in raadselen spreek als ik schrijf dat we een soortgelijke beweging nu zien in de zorg, waardoor mensen die niet in bepaalde hokjes kunnen worden ingedeeld buiten de boot vallen óf dat groepen mensen hun eigen zorg moeten organiseren óf dat een instelling de te geven zorg te complex of te duur vindt.

Vanuit christelijk ethisch perspectief kun je wijzen op de het gemeenschapsbesef. Mensen staan niet alleen in deze wereld, ze worden aan elkaar gegeven. Door allerlei sociale verbanden staan ze in contact met elkaar. We leven in een maatschappij met elkaar en we dienen ons tot elkaar verhouden. We kunnen niet doen alsof de ander niet bestaat en het zelf maar moet oplossen. Wanneer we dat doen betekent dat het dat de hele structuur van onze samenleving wordt aangetast. In het licht van het sociale verband waarin we met elkaar leven is een verdeling van bestaansmogelijkheden pas ‘recht’ te noemen, wanneer een optimale participatie in die bestaansmogelijkheden voor de hele gemeenschap gerealiseerd is. IJkpunten voor deze ‘rechte’ verdeling zijn degenen die met betrekking tot deze participatie de meest kwetsbare positie innemen in de gemeenschap. Komen dezen iets tekort dan is de gemeenschap en daarmee de gerechtigheid geschonden.

Mijns inziens is passieve solidariteit, namelijk het door belastingmaatregelen veiligstellen van optimale zorg, juist een notie die vanuit de christelijke ethiek naar voren komt. Wij leven in een gemeenschap en dienen zorg voor elkaar te dragen!

Nederland polderland: tot voor een aantal jaar was dit een gevleugeld begrip. Zo hadden die Nederlanders jarenlang door harmonieus samenwerken land kunnen winnen en kunnen behouden. Het poldermodel werd overal uitgevent en in de Nederlandse samenleving overal gebruikt.

De laatste tijd zie je een plotselinge kentering: Men offert land op voor De Blauwe Stad: een pretentieus project van woningbouw vlak bij of op het water in de provincie Groningen waarbij delen (landbouw)grond wordt opgeofferd voor water. Er wordt voorzichtig nagedacht om de Afsluitdijk, de Nederlandse vinding om de grootste binnenzee – de Zuiderzee – te bedwingen, niet meer zo hermetisch gesloten te laten zijn. Nederland polderlandEn als laatste loot aan de stam van de ontpoldering wordt sterk nagedacht over het doorprikken van dijken om de Hedwigepolder in Zeeland onder water te zetten.

Ook in onze van ouds her ‘polder’politiek van harmonieus overleg ziet men zo’n omslag: de besprekingen tussen werkgevers- en werknemersorganisaties lopen vast die volgens de poldertheorieën hadden moeten slagen.  Opeens vallen ook traditioneel Oranjegetrouwe partijen over het voornemen van het kroonprinselijk paar om een vakantieverblijf te betrekken in Mozambique.

Een organisatie waar tot voor kort ook de ‘polder’politiek hoogtij vierde was de Protestantse Kerk in Nederland (PKN). De PKN is immers een kerkgenootschap ontstaan uit een fusie van de drie Samen op Weg-kerken: de Nederlandse Hervormde Kerk, de Gereformeerde Kerken in Nederland en de Evangelisch-Lutherse Kerk in het Koninkrijk der Nederlanden. Vanzelfsprekend werd er tijdens het fusietraject ‘water in de wijn gedaan’ door de verschillende partijen. Om nog een spreekwoord te gebruiken: ‘waar gehakt vallen spaanders’ doet ook bij deze fusie opgeld. Een aantal mensen kon zich niet vinden in de grote Protestantse Kerk en vormde een eigen kerkgenootschap (of zoals sommigen zeggen: zetten het oude kerkgenootschap voort).

Nederland ontpoldert: er gaan nu binnen de PKN stemmen op de zinsnede in artikel 1 van de Kerkorde namelijk het belijden dat Jezus Christus onze Heer en verlosser is weg te halen. Dit moet worden gedaan om ruimte te geven aan esoterisch geloof, namelijk een geloof dat van binnenuit komt, gebaseerd is op een innerlijke zoektocht, zonder vaststaande waarheden. Het lijkt mij toch vreemd: een protestantse, christelijke kerk zou afstand doen van – volgens mij – haar kernwaarde: haar belijdenis van Jezus Christus als Heer en verlosser.

Misschien wordt het voor de Protestantse Kerk ook tijd om te ontpolderen…

Het wordt religies en in het bijzonder hier in het Westen het christendom vaak verweten dat ze niet met hun tijd meegaan. Ze gebruiken te archaïsche woorden, te ouderwetse terminologie en middelen zo wordt gezegd en dat kan de mensen niet echt meer geboeid houden. Het moet eigenlijk allemaal meer hip, cool en spiffy.

Toch lees je met de regelmatigheid van de klok van religies – en ik beperk me hier even tot het christendom – dat er allerlei initiatieven ontstaan om mensen via de moderne, nieuwe media te benaderen. Een aantal voorbeelden: online pastorale begeleiding, kerkdiensten (achteraf) online beluisteren, podcasts van priester Roderick Vonhögen et cetera, et cetera.

Een nieuwe loot aan deze stam wordt aangekondigd in het volgende bericht:

Bericht aan God via iPhone

In moeilijke tijden wordt er vaak meer gebeden dan wanneer het voor de wind gaat. Allen Wright besloot daarom maar een iPhone-applicatie te verzinnen waarmee je gemakkelijk een brief naar God kan sturen. Met de applicatie ‘Note to God’ kunnen mensen ‘zelfgeschreven gebeden naar God sturen.’

interactieve kerkdiensten?

Via de iPhone-applicatie hebben gebruikers ook de mogelijkheid om de gebeden van anderen te lezen. Zij kunnen ook aangeven of ze het een goed gebed vinden. Alles in de applicatie gebeurt anoniem.

Als voorganger denk ik erover om mijn diensten binnenkort maar via een of andere internetapplicatie aan te bieden die gemeentes dan op een of andere manier aan de kerkgangers kunnen aanbieden. Ik schrijf hier ‘kerkgangers’, maar ik realiseer me dat dat er steeds minder worden. Mensen willen liever zelf het waar en wanneer van hun eigen spirituele moment plannen. Dat scheelt mij weer enorm veel reistijd en de last om op een onmogelijk vroege tijd op zondagochtend naar een of andere plaats in Nederland af te reizen én de noodzaak voor mensen op een vastgesteld tijdstip naar de kerk te komen.

De kerk ‘achterlijk’? Vergeet het maar! Wij gaan mee met de tijd, met en naar de toekomst. Wij zijn ten slotte mensen van de weg. En die weg heeft te maken met beweging, met op reis zijn. Dynamiek!

Kijk, dat zijn nou de klein lichtpuntjes in deze sombere tijden van recessie: er komt een goed Nederlands wijnjaar aan!!
Het Nederlands Dagblad bericht erover: Door het droge en zonnige weer van vooral de laatste weken belooft het een goed Nederlands wijnjaar te worden. Wijnmakers in Nederland spreken van een mooie druivenoogst met een hoog suikergehalte. Het is nu een uitzonderlijk goede oogst, omdat er zo vroeg kon worden geplukt. Het suiker- en zuurgehalte is zeer goed, zodat men gemiddeld twee weken eerder kon gaan plukken.

Ik heb mij laten vertellen dat deze relatief jonge tak van ondernemingen veel baat heeft bij de klimaatcrisis waardoor het gemiddeld iets warmer wordt in Nederland. avondmaalEn waarom ik als theoloog hierover een blog schrijf? Dat lijkt me nogal duidelijk… Wat drinken we bij het avondmaal? precies: wijn!! En nu lijkt met het een prima idee mijn kerkenraad eens voor te stellen juist Nederlandse wijn hiervoor in te kopen. Onze gemeente heeft niet voor niets  gekozen voor het jaarthema Geloven in duurzaamheid.  Zo sla je twee vliegen in een klap: je helpt de eigen economie én je verkleint de groene voetafdruk van de plaatselijke kerk. De afmeting van deze voetafdruk laat zien hoe ‘groen’ je bent: hoe kleiner de afdruk, hoe beter. En doordat je wijn koopt uit Nederland wordt het component vervoer van de wijn laag gehouden, immers de wijn komt niet meer uit Spanje of Italië.

En uhm, oké, ik  moet toegeven dat er ook nog een derde vlieg mee wordt geslagen: Hoe hoger het suikergehalte, hoe hoger het alcoholpercentage.

Eigenlijk zou dit een heel optimistisch blog kunnen worden. In deze tijd van de enorme recessie proberen juist kerkgangers de economie draaiende te houden door te blijven of juist meer te shoppen: als christen heb je natuurlijk altijd iets over voor je medemens… En door meer te gaan shoppen kunnen we de middenstand – groot en klein-  in stand houden en een fikse financiële injectie geven… Kerkgangers, christenen zijn het tenslotte gewend om iets over te hebben voor de ander, is het niet als bijdrage in de collecte, dan toch wel door zaken te kopen bij de middenstand die het echt wel zwaar heeft in deze tijden van crisis. Zo’n oude kerk staat toch niet voor niets midden in het stadscentrum (met winkels), toch…?

Maar helaas voor de middenstand, zo’n positief blog wordt het niet. Het gaat hier niet over het feit dat kerkgangers hun geld meer en meer gunnen aan het overeind houden van de neringdoenden.  kerkgangerHet gaat hier om het feit dat dat meer en meer kerkgangers – volgens sommige personen althans – naast hun eigen kerkgemeenschap vaak ook hun oor te luister leggen bij andere gemeenschappen. Je zou kunnen zeggen dat klantenbinding niet alleen in het dagelijkse leven steeds minder opgeld doet, maar dat die binding in het kerkelijk bedrijf ook onder druk staat.  Zo van ‘even kijken of het gras bij de buurman groener is’.

Eerlijk gezegd weet ik eigenlijk nooit zo goed hoe ik met dit soort berichten om moet gaan. Er zijn mensen die over dit ‘kerkshoppen’ zeggen dat het er nu eenmaal bij hoort: mensen willen zich nu eenmaal niet meer onvoorwaardelijk binden aan een instituut. Misschien ben ik te idealistisch in dezen. Ik denk dat je als kerk jouw leden zo goed mogelijk dient te bedienen en niet er voetstoots van uit moet gaan dat het toch normaal is dat mensen zich niet meer voor langere tijd willen binden aan één club of vereniging. Het moet toch mogelijk zijn om kerkgangers dusdanig uit te dagen dat ze terug willen komen. Want ik denk dat het het voor de kerk helemaal niet zo positief is dat kerkgangers regelmatig ‘shoppen’. Zou dit uiteindelijk niet kunnen leiden dat mensen op een gegeven moment geen lid meer willen blijven van één kerkgemeenschap en dus zondag aan zondag op zoek naar wat hun op dat moment het beste past? Waar blijft dan de fundamentele betekenis van religie: verbondenheid. Waar blijft de verbondenheid aan één specifieke gemeenschap?

Kerkgangers, het zijn net mensen…

Met het gegeven ‘shoppen’ moeten we als kerk leven, maar we mogen er ons niet bij neer leggen.

Ach ja, ze zijn er weer, de weinig verdraagzame, fanatieke atheïsten…

Het Britse humanistenverbond BHA heeft toeristenbureaus opgeroepen een christelijke dierentuin in het Engelse Wraxall te boycotten. Dat meldde de Britse krant The Telegraph donderdag. De seculiere organisatie is boos omdat Noah’s Ark Zoo, in de buurt van Bristol, vraagtekens zet bij de evolutieleer. Daardoor zou de dierentuin jaarlijks tienduizenden bezoekers ‘misleiden’. De eigenaren van de dierentuin, Anthony en Christina Bush, zeggen dat ze geen geheim van hun geloof willen maken. Wel hebben ze een ‘iets andere’ visie op de schepping dan traditionele creationisten. Het leven zou zijn ontstaan zowel door God als door evolutie. Op de website van Noah’s Ark Zoo is onder meer te lezen dat het darwinisme onjuist is. De ark van NoachDe dierentuin zegt ook het debat tussen creationisme en evolutionisme te willen bevorderen.

Het blijft toch merkwaardig. Mensen die de evolutieleer maar enigszins ter discussie willen stellen worden door een bepaald deel van de fanatieke aanhangers van die leer verketterd. Want men zou ‘wetenschappelijke feiten’ ontkennen. Wanneer je het geloof aanhangt dat God de wereld heeft geschapen dan ben je toch behoorlijk kierewiet.

Waarom toch deze angst? Zou het komen omdat het evolutionisme niet zo ‘wetenschappelijk waterdicht’ is?

Sommige mensen zullen dit nieuwsfeit opzienbarend en misschien zelfs vreugdevol vinden. De christelijk opgevoede zanger van heeft de weg terug naar de kerk gevonden? Helaas moet ik die mensen teleurstellen: het gaat om het opnemen van een nieuw nummer in een kerkgebouw.

Tsja, eerder schreef ik al een blog over de leegloop van kerken en de sloop of verkoop van kerkgebouwen. En vaak zie je dan dat onroerend goed zomaar ‘ontroerend’ goed kan worden in de zin dat wanneer een kerkgebouw wordt onttrokken aan de het beleggen van erediensten, dat allerlei emoties enorm gaan opspelen.

Toch zal dit proces de komende jaren doorzetten, zo wijzen cijfers dat ook uit. En misschien een geruststelling: het heeft niet alleen maar te maken met minder belangstelling voor het christelijk geloof. Dat bleek laatst uit een bericht van dominee Erica Hoebe uit Leidschendam. Zij stelt (in navolging van vele anderen) vast dat de jonge generatie best gelovig zijn, maar dat reguliere kerkdiensten niet het platform, de plaats zijn voor hun beleving van hun geloof. de jonge generatie gelovigen komt niet meer wekelijks naar de kerk. andere richtingenZe hebben weinig tijd over voor activiteiten, hun weekend is al zo vol, ze ervaren een drempel om naar de kerk te gaan. Maar ze hebben wel degelijk vragen. Ze hebben wel degelijk een geloof. Ze hebben wel degelijk behoefte aan contact zo houdt Hoebe ons voor. Ze werpt de vraag op of de kerkvorm moet wijzigen voor de jonge generatie. Het is nog pril zo vervolgt Hoebe maar er wordt gezocht naar andere vormen van gemeenschap. In plaats van of naast de zondagse eredienst. Deze nieuwe groep wordt in de gemeente van Hoebe met argusogen bekeken. Hoe goed de gesprekken die ik met ze voer inhoudelijk ook zijn, hoe oprecht hun geloof ook is; zoals een ouderling eens opmerkte: we zijn als kerk geen snackbar waar je wat van je gading uit de muur kunt halen om vervolgens weer te vertrekken. Voorzitter Peter Verhoeff van de PKN gaat hierin mee met Hoebe. Volgens hem is de huidige vorm van gemeenschapsbeleving te veel gekleurd door de Reformatie en het 19e eeuwse burgerlijke verenigingsdenken. De gedachte is nog te vaak: je bent lid en dan doe je mee. Of je bent geen lid, en dan hoor je er niet bij. Zo werkt dat niet meer in deze tijd.

De vraag is dus hoe de gemeenschap dan vorm moet krijgen. Als je geen gemeente meer bent rondom de eredienst, hoe dan wel? Volgens Hoebe is het antwoord te vinden in de Bijbel. Dat verbindt iedereen die contact zoekt met God. Dat Woord verbindt alle gemeenteleden en zoekers, of je nu regelmatig, weinig of niet naar de eredienst komt.

Ik onderschrijf een groot deel van de analyse van Hoebe, maar toch stel ik er ook een aantal vragen bij. Aan de ene kant stelt Hoebe dat de kerk niet een te hoog ‘snackbar’gehalte moet krijgen waar je af en toe komt en Nieuwe vormenwat voor jouw gading is uit het scala van aanbod neemt en voor de rest de kerkelijke samenkomsten links laat liggen. Aan de andere kant onderschrijft ze stelling van Verhoeff dat het 19e eeuwse verenigingsdenken zijn tijd heeft gehad. En die stelling haalt ze naar eigen zeggen uit de Bijbel. Want de Bijbel verbindt iedereen met elkaar en met God of je regelmatig, weinig of niet naar de eredienst komt.

Volgens mij wordt in de Bijbel ook duidelijk gesproken over juist de collectieve beleving van je geloof in samenkomsten. Zo kun j elkaar tot opbouw zijn, kun je werkelijk met elkaar meeleven. Valt die regelmatige ontmoeting weg, dan valt mijns inziens ook de beleving van het ‘kerkzijn’ weg. Wat dat  betreft zie je in christelijk Nederland twee kampen ontstaan: het kamp dat zegt dat de huidige kerkvorm zijn langste tijd gehad heeft en een tweede kamp dat zegt dat er zeker over verschillende vormen nagedacht moet worden, maar dat dit niet meteen betekent het einde van het huidige kerkmodel. En de eerlijkheid gebiedt mij ook te zeggen dat er ook een groep is die zegt dat er helemaal niet moet veranderen.

Zoals het misschien al duidelijk is: ik schaar mij in dat tweede kamp. Ik vind dat er zeker moet worden nagedacht over andere vormen van het beleggen van samenkomsten of contact- momenten en mogelijkheden voor mensen die de huidige kerkvorm niet zien zitten. Maar ik denk dat geloofsbeleving ook vraagt om een sociale component, een sociaal netwerk. De kerk maak je met zijn allen!

Zou het niet zo kunnen zijn dat het huidige individualisme en de individualistische (geloofs)beleving ook een hype is?

In het blad Intermediair stond een kort artikel over een antropoloog die promoveert op het omgaan van nabestaanden met de as van hun overledenen. Het blijkt dat de omgang met de as een hele evolutie heeft doorgemaakt. Was het vroeger zo dat men voor eeuwig afscheid nam van de overledene in het crematorium, tegenwoordig bestaat er de mogelijk voor de nabestaanden om de as van de overledene mee naar huis te nemen. Men kan het zelfs laten verwerken in een sieraad.

Ik weet het dat dit in onze cultuur als noviteit voorkomt, maar dat is geheel ten onrechte. In de achttiende en de negentiende eeuw was het niet zo abnormaal om van het haar van de overledene een boeket of een schilderij te maken. Ik heb zelfs begrepen dat van het haar van overledenen sieraden konden worden gemaakt die gedragen werden.

Hoewel men de gedachte aan de dood in onze wereld vaak zo veel mogelijk voor zich uit lijkt te schuiven, als dan het moment daar is dan wil men daar op een zo’n persoonlijk mogelijke manier daar invulling aan geven. De laatste tijd wordt door een uitvaartonderneming ons dit in alle toonaarden meegedeeld.Joodse begraafplaats Praag Richt je ‘laatste gang’ in op de wijze zoals die het meest bij je past, want het immers uw uitvaart. Het lijkt erop dat het op een vrije manier omgaan met de dood vaak uit andere culturen stamt.  Niets is minder waar: er is ook in onze samenleving een tijd geweest dat men de eindigheid van het leven meer aanvaardde als iets dat bij het leven hoort, je wordt geboren en op een gegeven moment sterf je ook weer. Juist door het voortschrijdende medische inzicht is men het sterven steeds meer als anomalie van het leven gaan beschouwen.

Stof zijt gij en tot stof zult gij wederkeren… En toch vind ik het apart, die nieuwe rituelen rond ‘de laatste gang’. Natuurlijk vind ik het heel goed dan een ieder zijn eigen uitvaart op eigen wijze mag invullen, maar ik kan niet wennen aan het feit dat men de as van de geliefde overledene kan verwerken in een sieraad. Het komt op mij over als wil men geen afscheid nemen van degene die overleden is.

Stof zijt gij en tot stof zult gij wederkeren… We mogen onze overledenen begraven in de dodenakker. Een akker die eens weer vrucht zal dragen. Dan mogen we onze geliefden weerzien.

Toehoorders van Jezus die vervreemd waren van morele voorschriften vonden Hem boeiend en innemend. Nu vermijden losbandige mensen de kerk juist. Blijkbaar brengen wij niet dezelfde boodschap als Jezus, zegt Tim Keller, de dominee van de Redeemer Presbytarian Church in New York die uitgroeide van een gemeenschap van circa 50 mensen toen Keller daar aantrad tot 5000 mensen nu.

Ik moet eerlijk zeggen dat ik meestal niet goed overweg kan met dit soort nieuws. Door alle eeuwen heen heeft de traditionele, gevestigde kerk deze kritiek over zich heen gekregen. En alle eeuwenlang zijn  er naast de gevestigde kerk bewegingen en gemeenschappen gesticht die naar eigen zeggen wél de zuivere boodschap van Christus verkondigden. In feite is daar het protestantisme ook een exponent van. De laatste jaren hebben we in de Nederlandse protestantse wereld vele van dit soort initiatieven gezien: van jeugdkerken tot de huidige beweging van emerging churches. moderne middelenEn al deze bewegingen laten op hun manier de traditionele kerk weten dat ‘de boodschap’ anders moet worden gebracht.

En nu komt Tim Keller met een soortgelijke boodschap. Dat kerken geen mensen meer weten te trekken heeft volgens hem maar een reden:  Als de prediking van onze dominees en het handelen van onze kerkleden niet het effect op mensen heeft dat Jezus had, dan brengen wij vast en zeker niet dezelfde boodschap als Jezus.

Als lid en aankomend predikant van een van die traditionele, gevestigde kerken word ik van dit soort uitspraken altijd een beetje treurig. Ik krijg het idee dat wat wij zondags doen in de kerk een hoog ‘sterfhuisconstructie’gehalte heeft. De oude gebruiken en de prediking appelleert alleen maar aan de belevingswereld van een klein aantal, vooral oude mensen. Persoonlijk weiger ik deze verhalen te geloven. Ik ben van mening dat van menig kansel een boodschap klinkt die veel mensen interesseert. Oké, misschien moeten we meer aansluiten bij moderne mediatechnieken en bij de ‘moderne’ hoorder, maar ik denk dat in de kern de zelfde dwarse, onaangepaste evangelieverkondiging van veel kansels klinkt.  En ik denk dat er veel bewonderenswaardige initiatieven door christenen vanuit traditionele kerken worden ontplooid die een levenshouding praktiseren die van hen wordt gevraagd die mensen buiten de kerk kunnen aanzetten tot nadenken.

Ik denk dat kerken, zeker mondiaal gezien, nog steeds dezelfde boodschap brengen als Jezus. Het zou misschien kunnen zijn dat we misschien de ‘verpakking’ eens moeten doorlichten – dat zijn misschien zaken die onder het kopje ‘marketing’ kunnen worden geschaard – maar de boodschap wordt volgens mij over het algemeen nog steeds verkondigt.