Het moet me als protestant dan toch van het hart: ik vind dat we na de Reformatie iets te rigoureus te werk zijn gegaan met het uitbannen van allerlei rooms-katholieke uitwassen. Een van die zaken die je zou kunnen typeren met ‘het kind met het badwater weggooien’ is het afschaffen van de biecht.Biechtstoel Natuurlijk hebben protestante pastores ook de verplichting tot zwijgen over alles wat hun ter ore komt, maar toch… het instituut biecht, dat zo heb ik me laten vertellen ook niet overal meer in de rooms-katholieke wereld wordt gebezigd, heeft wel iets duidelijks. En dan bedoel ik het feit  dat je bij een geestelijke in een bepaalde setting je hart kun uitstorten…

Het blijkt ook wel dat door alle tijden heen veel mensen, kerkelijk en niet-kerkelijk,  op zoek zijn naar een onbevooroordeeld klankbord, een klaagmuur, een praatpaal. Dat bracht organisatieadviseur Richard Koopman op een idee. Hij bedacht een site waarop werknemers kunnen biechten. „Een werkzonde is een van de grootste taboes van een organisatie.” Op de site (biechtenophetwerk.com) kunnen werkzonden anoniem opgebiecht worden. Op de site kunnen mensen met een slecht geweten kiezen tussen de zeven hoofdzonden. Zo schrijft iemand onder de hoofdzonde jaloezie: „Ik ben jaloers op een collega. Ik heb uit afgunst enkele knopen van haar nieuwe jas afgeknipt terwijl ik wist dat het een hele dure jas was.”

Wat is dat toch dat mensen redelijk openhartig zijn over hun zonden als ze die anoniem ergens kunnen uiten? Voelt men zich opgelucht als men de zonden toegeeft?

Ik denk dat de biecht, in een bepaalde vorm, best ingevoerd zou kunnen worden, ook in een protestante cultuur. Ik denk zelfs dat het zo’n verlichting voor bepaalde personen kan betekenen die de overbelaste geestelijke gezondheidszorg zou kunnen ontlasten.

Oké, ik weet het: het klinkt als een persoonlijke biecht… maar het lucht enorm op!

We waren er al aan gewend in Nederland: veel christelijke feestdagen zijn volledig gecommercialiseerd. Het kerstfeest is volledig ingepakt door de commercie en het paasfeest is vruchtbare inspiratiebron voor de reclamewereld. Maar nieuw in Nederland is het feit dat ook een islamitisch feest als de ramadan een zoete ‘inval’sbasis is voor de marketeer:

Winkelketen C&A zorgt tegen het eind van de ramadan voor een uitgebreidere collectie feestkleding voor het Suikerfeest, de afsluiting van de ramadan zo kopte de NRC. Voorzichtig spelen bedrijven nu in op de vastenmaand. C&A heeft zelfs een ramadancollectie. Voor miljoenen moslims is het weer zover: dit weekeinde staat geheel in het teken van het begin van de ramadan, de jaarlijkse islamitische vastenperiode. RamadanTraditioneel is de ramadan, de jaarlijkse islamitische vastenmaand een periode van spiritualiteit, gebeden en daarna het gezamenlijk verbreken van het vasten. Maar, zo wordt steeds vaker gesignaleerd in islamitische landen, ook van overdadig consumeren.

Tsjonge, dat overdadig consumeren, waar kennen we dat van? Was het niet zo dat veel sportscholen zich juist in januari mogen verheugen op veel nieuwe leden?

Zelfs postbedrijf TNT Post wil ook wel iets met de ramadan. Het bedrijf is zich aan het beraden op een speciale ramadanservice. Bijvoorbeeld voor kaarten. Nu zijn er alleen thema’s als ‘beterschap’, ‘huwelijk’ en ‘geboorte’. Een woordvoerder vertelt dat TNT het assortiment mogelijk gaat uitbreiden met ramadanproducten. „Zo zouden we onze cadeauwinkel kunnen inzetten rondom dit islamitische feest. Mensen kunnen dan bijvoorbeeld tijdens het Suikerfeest elkaar feliciteren door een doos met chocolade te versturen.” Tsja, waar doet zo’n kaart ook al weer aan denken? Het is interessant dat het Nederlandse bedrijfsleven nu tot het besef komt dat er serieus iets valt te verdienen aan de de islamitische feestdagen. Ik ben benieuwd wanneer het holifeest van de hindoes  en het kathinafeest van de boeddhisten  worden aangevat voor een serieuze commerciële activiteit?

Ten slotte even een vraagje: betekent dit meteen ook dat de integratie van de islam in de Nederlandse samenleving is geslaagd?

Het blijft toch een fascinerend onderwerp: ‘geloofwaardigheid’; nu weer in het weeralarm. BliksemWat is het toch met de mens? Aan de ene kant wil men geen onduidelijkheden. Gerrit Hiemstra zei gister in het praatprogramma Knevel en Van den Brink dat mensen die contact opnemen met het KNMI altijd precies willen weten wat voor weer het op welke plaats wordt, wanneer er een bui gaat vallen of men geconfronteerd wordt met andere weersveranderingen. Men wil gewoon niet meer voor verrassingen worden geplaatst. Weers’voorspellingen’ moeten worden omgebogen naar weers’waarheden’. En als dan er toch iets verkeerd gaat, ach dan lopen we toch naar de rechter…  Ik vraag me af hoe mensen zouden hebben gehandeld als het KNMI geen weeralarm had uitgegeven en het weer zich toch had ontwikkeld zoals het voorspeld was: hevige rukwinden, overal verwoestende hagel en verschrikkelijke blikseminslagen.  Zouden bijvoorbeeld de organisatoren van evenementen als Lowlands en het Xnoizz Flevo Festival de betreffende autoriteiten niet aansprakelijk stellen voor de opgelopen schade? Voorspellingen hebben ook een preventief karakter, maar het zijn en blijven voorspellingen.

Het blijft toch een fascinerend onderwerp: ‘geloofwaardigheid’; aan de ene kant wil men zekerheid. Wij Nederlanders behoren tot de top-10 van de best verzekerde en oververzekerde mensen van de hele wereld. Maar aan de andere kant heeft de Nederlander, de westerse mens moeite met het geloven van  voorspellingen. Want waar men zich ook voor laat verzekeren doet men dat ook allemaal op risico-aannames. Het wil nog niet zeggen dat die ongelukken je echt overkomen.Voorspellingen moeten een zeker waarheidsgehalte hebben. Een soortgelijke reflex zie je volgens mij het geloof in de zin van godsdienst. Voorspellingen, profetieën worden niet geloofd, garanties en zekerheden worden immers niet afgegeven met de noodzakelijke vertrouwenwekkende ondersteuning van allerlei cijfers en wetenschappelijke claims. Het blijft trouwens grappig, tussen twee haakjes, dat mensen zich al snel een loer laten draaien door allerlei ‘wetenschappelijke claims’ kijk naar de enorme ineenstorting van verschillende teakbeleggingsfondsen die bijna letterlijk voorspelden, met een ronkende verwijzing naar ‘wetenschappelijk verantwoorde gegevens’  dat de bomen tot in de hemel zouden groeien. Maar als je mensen de  zekerheid wilt geven van een bestaan dat niet zinloos is en dat niet aan deze zijde van de dood ophoudt, dan wordt het heel veel mensen toch allemaal te gortig…

Het blijft toch een fascinerend onderwerp: ‘geloofwaardigheid’…

Televisiepresentatrice en voorzitter van de Taskforce Deeltijdplus Pia DijkstraPia Dijkstra, bekend van programma’s als het Journaal en Vinger aan de pols en getrouwd met CDA-coryfee en oud-directeur van Schiphol Gerlach J. Cerfontaine die destijds een functie in het openbaar bestuur afsloeg omdat hij de pensioenvoorzieningen wat ondermaats vond, kreeg laatst last van enkele feministische oprispingen à la Opzij-redacteur Ciska Dresselhuys.

Dijkstra vindt dat mannen en vrouwen de zorg voor de kinderen beter moeten verdelen. Als een bezorgde oma vindt ze ook dat de houding van de jonge generatie vrouwen er een is van dat de overheid en de werkgever alles voor hen moeten regelen. Ik word altijd erg moe van dit soort oprispingen. Laat die jonge vrouwen het toch lekker zelf uitzoeken!! Als vrouwen het leuk vinden om geen baan, een parttimebaan of een baan te nemen zonder verder te ambitie te hebben ‘hogerop’ te komen, Laat ze dan toch!!!

En dan komt er weer zo’n vrouw aan die zelf een mooie carrière heeft (gehad)  en die vindt dat élke vrouw hetzelfde gevoel móét hebben. Jarenlang hebben zíj gestreden voor die openstelling van mogelijkheden voor alle vrouwen en dan is het toch onverteerbaar dat niet alle vrouwen daar gebruik van willen maken.

Nogmaals: mevrouw Dijkstra, mevrouw Dresselhuys, mevrouw Kroes of wie zich dan ook maar aangesproken voelt door mijn oproep:

Volgens mij hebt u gestreden voor de onafhankelijkheid van de vrouw. Laat die vrouwen dan onafhankelijk zijn en laat ze zelfstandig beslissingen nemen over de invulling van hun leven, ook als die keuze u niet welgevallig is…

Volgende maand ploft de nieuwe Ikea-gids op de mat. Met jaarlijks 180 miljoen exemplaren is de 300 pagina’s dikke catalogus het meest verspreide drukwerk ter wereld. De gids verschijnt in 28 talen. Harry Potter en Gods Woord kunnen daar zelfs niet tegen op. De Bijbel, eeuwenlang onbetwist op nummer één, is namelijk op forse achterstand gezet. Alleen al in Nederland krijgen jaarlijks 6,3 miljoen huishoudens de gids.  Naar schatting worden er jaarlijks tussen de 50 miljoen en 150 miljoen Bijbels verkocht. Critici vragen zich wel af of Ikea trots moet zijn op het enorme papierverbruik. Het bedrijf maakt immers goede sier met een reductie van verpakkingsmateriaal. Anderzijds is er nog wel die gigantische papierberg, goed voor een enorme houtkap. En dat terwijl de gids na een jaar weer wegkan, in tegenstelling tot de Bijbel.

Op zich is dit bericht niet echt opzienbarend: al eerder schreef zich op dit blog dat het christendom in de westerse wereld op zijn retour lijkt te zijn. Kerken lopen leeg en het lijkt erop dat mensen hun spirituele behoefte op een ander manier trachten te bevredigen. En ja, dan zie dat de Ikea-gids de Bijbel inhaalt. Zeker als de gids van 2009 de veelzeggende leader draagt: design your own life,  ‘ontwerp je eigen leven’. Het lijkt er steeds meer op dat de mens probeert haar eigen leven te ontwerpen en op te bouwen zonder rekening te houden met God en de naaste. En dat de Bijbel dan minder verkocht wordt dat spreekt voor zich. In de Bijbel wordt immers de boodschap verkondigt dat de mens niet als een individualistisch schepsel op deze aarde is geplant, maar in afhankelijkheid leeft, in relatie leeft met zijn Schepper en de naaste.  Het is alleen maar de vraag of het design your own life de mens werkelijk voldoening geeft, of wordt het, de analogie met de Ikea volgend, om de zoveel jaar weer ingeruild voor een nieuw interieurtje, de volgende trend?  

Design your own life;  geeft dit werkelijke troost?…

Design your own life; hoe graag houden we ons leven niet graag niet zelf in de hand, richt ik graag zelf in?…

Design your own life; een tijdelijke hype, want de gids kan alweer na een jaar weg, inruilen voor de eeuwigheid?…

Oke, het is komkommertijd maar toch…

Bovenstaand bericht las ik op de nieuwssite nu.nl. Het is toch triest dat zelfs de jongens van de dierenwinkel het moeten ontgelden. Het is toch schandalig dat in de zomertijd en vooral tijdens huisdierende zomervakantie de huisdieren het moeten ontgelden en plaats moeten maken voor het zomergeluk en vakantiegevoel van hun baasjes: massaal worden huiskatten uit huis gezet en moet zo’n kat verder door het leven als zwerfkat. Ook honden worden door hun ‘liefhebbende baasjes’ getrakteerd op een heel eigen vakantiegevoel, namelijk eindelijk verlost van die andere huisgenoten aan een erg kort lijntje in een heel bosrijke omgeving.

Het is toch triest dat een diskjockey die aandacht aan deze hartverscheurende praktijk wilden geven door ostentatief een plaatje van de Pet Shop Boys te draaien dit moest ontgelden doordat een aantal gefrustreerde en waarschijnlijk door schuldgevoel gedreven ex-huisdierbezitters hem in elkaar is sloegen!

Dat was de leader van de nieuwe Intermediair van week 32/33. Kerken lopen legen, maar steeds meer Nederlanders geloven dat er meer is tussen hemel en aarde.

Het artikel maakt dus gewag van de door atheïsten zo gewenste ontwikkeling dat de mens eindelijk zou inzien dat al dat religieuze en spirituele  gedoe ‘onzin’ is. Helaas lijken de cijfers deze ontwikkeling volledig tegen te spreken: bijvoorbeeld het geloof in een leven na de dood is in vergelijking met  1991 en 2007 gestegen van ruim 50 procent naar circa 65 procent. Hoewel het wereldwijde netwerk van Dinesh D’Souza ‘bashers’  de boodschap blijft bagatelliseren, moet toch helaas worden gezegd dat het aantal van gelovigen wereldwijd blijft groeien. In feite lijkt het alleen een westerse tendens dat het aantal gelovigen afneemt.

Ze hebben de mens leuk uitgevonden, maar ze hadden de emoties weg moeten laten zo reageerde een jongere op het feit van de absurde stijging van het aantal zelfmoorden onder jongeren in Noord-Holland. Voor mij is dit een antwoord dat ook zou kunnen worden opgetekend uit de mond van een atheïst. Volgens mij heeft dit antwoord eigenlijk te maken met de vreselijk moeilijke vraag naar het kwaad. Dat is een vraag die een christen al snel voor de voeten krijgt geworpen. Met de woorden van Christopher Hitchens als Jezus een blinde kon genezen die hij toevallig tegenkwam, waarom zijn er dan nog blinden? billboardNee, ik denk niet dat wij christenen het kwaad kunnen verklaren, maar ik denk dat wij wel troost kunnen geven. In ieder geval meer troost dan een atheïst, die alleen maar kan zeggen dat het leed geen enkele reden heeft. Het leven gebeurt gewoon zoals het gebeurt, niet meer en niet minder. En vervolgens wordt er geconcludeerd dat in een wereld waar leed is er dus geen plaats voor (een) God is. Terwijl het christendom in feite ook het kwaad en het lijden niet kan verklaren. Het christendom biedt in geval van het lijden op het vooruitzicht van een hiernamaals.

Blaise Pascal zei eens dat we als we een weddenschap aan zouden gaan of God wel of niet zou bestaan, het slimst zou zijn in Hem te geloven. Immers, als Hij niet blijkt te bestaan dan begaan we een metafysische vergissing. Als we er echter van uit gaan dat Hij niet bestaat, en Hij bestaat toch, dan lijden we een veel groter verlies: we zullen eeuwig van Hem gescheiden zijn.

Ze hebben de mens leuk uitgevonden, maar ze hadden de emoties weg moeten laten Ja, in een wereld zonder troost is de mens beter af te functioneren als een robot, zonder emotie. Maar de mens is iet zo geschapen, maar als een levend wezen met emotie, met een eigen vrij wil. Ondanks al het tromgeroffel van atheïsten die vinden dat het geluid van de religie veel te luid klinkt, blijkt het toch dat religie helemaal niet zo gek is.

Oké, misschien is het komkommertijd maar het blijven toch altijd weer leuke onderzoeken die gedaan worden in de zomer. Neem nou dit onderzoek: Nederlandse christenen sparen meer en beleggen minder risicovol dan niet-christenen. Dat blijkt uit een onderzoek van twee economen van de Universiteit van Tilburg.Ook vinden zij het belangrijker om geld na te laten aan hun kinderen. In het onderzoek ‘Where angels fear to trade: The role of religion in household finance’ stellen Luc Renneboog en Christophe Spaenjers dat religieuze huishoudens meer geld opzij zetten dan niet-religieuze huishoudens.

Het enige wat je kunt met dit soort onderzoeken is er een beetje over doormijmeren. Want laten we eerlijk zijn: wat is er verder de relevantie van…

Wat me eigenlijk altijd weer verbaasd is dat christenen het altijd lukt om zoveel geld over te houden: meestal hebben grotere huishoudens en geven ze meer geld uit aan goede doelen (en dat is nog exclusief het geld dat ze kwijt zijn aan hun eigen geloofsgemeenschap).  spaarvarkenEn het geld wat ze dan overhouden zetten ze weg op een spaarrekening of beleggen ze.

Protestanten en mensen van evangelische kerken hebben meer gevoel van financiële verantwoordelijkheid. zo besluit het artikel. Ik vraag me af of dit te maken heeft met het ouderwetse weberiaanse idee dat de protestant een arbeidsethos heeft van hard werken en sober leven, het voorportaal van het kapitalisme? Immers, zo stelde Max Weber voor een protestant kon het kapitalisme niet alleen een uitwendig gebeuren zijn, maar moest het ook bezield zijn door een bepaalde ‘geest’. Deze ‘kapitalistische geest’ uitte zich in de levensstijl van individuen, zoals hard werken, een door blijven werken ook als men voor het levensonderhoud al genoeg had, een niet verspillen van tijd, een continu streven naar gewin, sparen van geld in plaats van uitgeven (sober leven en een uitgestelde behoeftenbevrediging) (hierdoor waren nieuwe investeringen mogelijk) en een positieve waardering van welvaart. In landen waar wel de materiële voorwaarden voor het kapitalisme aanwezig waren, maar deze geest ontbrak, zette het kapitalisme zich niet door. Nodig was een religieus gevoed ethos dat mensen krachtig motiveerde tot dat nieuwe, het traditionalisme doorbrekende, handelen. Weber wilde aantonen dat het calvinisme en in bijzonder het engelse puritanisme de weg baanden voor deze kapitalistische geest. Het calvinisme zag de mens namelijk als rentmeester van God die de wereld zo goed mogelijk moest beheren voor Zijn eer (en niet ter eigen nutte). Deze roeping gold een ieder en niet alleen zoals in de Middeleeuwen voor de monniken. De calvinisten droegen de gedisciplineerde levensstijl de wereld in: ‘innerweltliche Askese’. En hoort daar dan ook sparen bij als het hebben van een appeltje voor de dorst?

Maar je kunt het bericht ook negatief uitleggen: christenen potten juist meer hun geld, zijn toch gericht op het hier en nu, terwijl ze juist goed zouden kunnen weten dat het niet alleen draait om het heden.

Zou een christen niet moeten streven naar een economie die in sociaal en ecologisch opzicht duurzaam is, dat wil zeggen niet het milieu vernietigt en niet leidt tot sociale uitsluiting, armoede en vergroting van sociale ongelijkheid. Specifieke aandacht behoeft de verhouding tussen armoedebestrijding en milieu. Om armoede te bestrijden is economische groei noodzakelijk, die onvermijdelijk beslag legt op milieu en schaarse hulpbronnen. Met tegengaan van verspilling en technologie zijn schadelijke gevolgen van deze groei en van de consumptie van middenklassen en rijken in te perken, maar dat zal niet voldoende zijn. Onvermijdelijk is dan ook als men verdere milieuvernietiging wil tegengaan dat middenklassen en rijken een consumptiepatroon ontwikkelen dat minder een beslag legt op het milieu. Dat betekent anders en minder consumeren.  Kortom, die ouderwetse terminologie van rentmeesterschap. En dat kost een paar centen…
Christenen sparen meer…

Is dat een deugd, een goed teken voor een christen dat hij zoveel geld overhoudt voor de spaarrekening?

Laatst weer een opmerkelijk bericht: Politieagenten wreven maandagochtend vroeg op de A20 bij Rotterdam eens goed hun ogen uit. Op de vluchtstrook van de snelweg zat een man te dutten op een regisseursstoel.
Hij droeg een EHBO-tasje en een oranje veiligheidsvest en had bovendien een wc-rol om zijn nek hangen.

Allerlei vragen borrelden bij mij op: Wat zou zo’n man bezield hebben? Was het een opname voor een nog onbekende film? En vreemd genoeg zag ik ook meteen een overeenkomst van een soap die gaande is in medialand: de gekte en de verwarring rondom de Evangelische Omroep. De ma in de regisseursstoel moet de directeur zijn van de EO, die misschien even heeft zitten dutten toen hij was vergeten in te schatten wat het nieuws van omstreden Arie niet te weeg zou brengen bij de gemêleerde achterban van de EO. wegwerkzaamhedenSommige daarvan willen voortrazen over de grote mediasnelweg, meegaan met the flow zonder het eigen geluid te laten verstommen. Anderen willen juist alleen dat eigen authentieke, misschien nostalgische geluid blijven horen en zo snel mogelijk van die snelweg afkomen om in eigen tempo (onder luid gejubel) rustig een B-weg te berijden: bekende omgeving, geen plotselinge zaken die je kunnen opschrikken. En daar zit hij dan, de man langs de snelweg; E(HB)O-tasje bij de hand voor het letsel dat wordt geleden, om wonden te verbinden, pijn te verzachten. WC-rol in de buurt om strepen en kaders die door anderen worden getrokken eventueel uit te vegen, openingen er in te maken. En terwijl hij daar zit is hij ingedut… het maakt hem zo moe dat dilemma: hoe moeten we weer invoegen op deze mediasnelweg, moeten we weer invoegen en hoe houden we in die kruiwagen vol kikkers al die beesten binnenboord.

Sterkte Evangelische Omroep. Het blijft een enorme klus om die hoekige, die controversiële boodschap van Gods Woord uit te dragen. Niet alleen krijg je kritiek van buitenaf, ook van binnenuit en van allerlei goedbedoelende aan wal staande stuurlui krijg je kritiek.

Loopt een man over de snelweg…

Haalt hij de overkant?

Het is en blijft een gevaarlijke match: de Evangelische Omroep en Arie Boomsma. De altijd goedgeklede Boomsma probeert de boodschap van het evangelie altijd op zeer controversiële wijze over het voetlicht te krijgen. En dit niet altijd op een wijze die een deel van de achterban van de EO apprecieert. Was de serie 40 dagen zonder seks al goed voor meterslange ingezondens in de (christelijke) pers, de pennen stonden ook niet stil toen Boomsma aankondigde niet-christelijke cabaretiers een programma te laten maken over Jezus. De commotie werd de leiding van de EO te groot en zij trok ijlings de stekker uit het project. De niet-christelijke cabaretier liet niet lang nadat de EO het programma de nek had omgedraaid weten dat hij zijn cabaretprogramma over Jezus bij een andere zendgemachtigde de ether in zal slingeren.

Ik begin me nu iets af te vragen: hoe denkt de ‘anti-Arie-coalitie’ (dat is mijn woord voor zij die Arie Boomsma te controversieel vinden) de normen en waarden van het evangelie en de boodschap van het evangelie te verspreiden? Mag het ook op de wijze die Boomsma voorstaat, misschien erg prikkelend en soms op het randje? Persoonlijk vind ik het jammer dat het programma met de niet-christelijke cabaretier niet bij de EO het levenslicht ziet, ik was erg benieuwd hoe de samenwerking tussen een christen en een niet-christen in deze context zijn vorm zou krijgen.

Laten we nu eens een Boompje over opzetten over hoe wij het christelijk geloof moeten ‘vermarkten’…

En misschien wel met als gespreksleider Arie Boomsma…

Een Boompje opzetten over...